Van onze parlementsredactie DEN HAAG - Het kabinet wil meer geld uittrekken voor studiebeurzen. Volgens het kabinet is dat nodig om de toegankelijkheid van het hoger onderwijs te vergroten. Minimaal moet er 234 miljoen méér naar de studiefinanciering.
In een andere variant stijgt het budget met ruim één miljard. Studenten zouden goedkoper geld kunnen lenen en hun maandbudget zou met 100 gulden kunnen stijgen, aldus enkele ideeën bij het kabinet.
Het kabinet reageert hiermee op een advies van een commissie onder voorzitterschap van de Friese commissaris, Hermans. Bij het verschijnen ervan, in november, veegde minister Ritzen (PvdA, onderwijs) er direct de vloer mee aan. Maar het kabinet overweegt nu toch een deel van de aanbevelingen over te nemen.
Zo zouden ouders meer moeten bijdragen aan de studie van hun kinderen, zouden studenten wat meer tijd moeten krijgen om hun studie af te ronden en zou de maximumleeftijd van 27 jaar voor de studiefinanciering moeten verdwijnen.
Het kabinet legt zich nog niet op alles vast. Het schetst diverse mogelijkheden voor de aanpassing van het beurzenstelsel. Het maken van echte keuzen is aan de nieuwe ministersploeg. Niettemin tonen de studentenorganisaties Iso en LSVb zich blij dat het kabinet inzet op meer geld voor een toegankelijker hoger onderwijs.
De Kamerfracties reageren vooral afwachtend. De PvdA juicht het streven naar een grotere toegankelijkheid toe. Verder vraagtde partij aandacht voor de positie van studenten met armere ouders. Een verhoging van de basisbeurs (die iedere student krijgt) vindt de PvdA minder belangrijk.
De VVD noemt de reactie van het kabinet op het advies 'niet wereldschokkend.' De liberalen vinden geen van de geschetste varianten erg realistisch. Volgens de VVD zijn er geen honderden miljoenen extra beschikbaar voor de studiefinanciering.
D66 is blij dat het kabinet erkent dat aan het huidige beurzenstelsel het nodige mankeert. Volgens de democraten heeft minister Ritzen dat steeds tegengesproken. Maar verder is de fractie niet erg onder de indruk van de kabinetsreactie. Zo mist D66 een antwoord op de vraag wat er zou moeten gebeuren met de OV-jaarkaart voor studenten.
'Weinig opzienbarende mosterd na de maaltijd.' Zo kwalificeert de grootste oppositiepartij, het CDA, het stuk van het kabinet. De christen-democraten voorzien dat de hele discussie over het studiebeurzenstelsel opnieuw begint bij de formatie van het nieuwe kabinet. “Het is maar de vraag of het nieuwe kabinet nog iets doet met deze reactie”, aldus het CDA.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.