*

 
dossier

Archief

Veldrijders zijn het oneens over beschermde status in WK-ploeg

BERT SCHABBINK − 08/01/96, 00:00

SINT MICHIELSGESTEL - Als de voortekenen niet bedriegen, wacht Nederland een rooskleurig WK veldrijden. Tijdens de achtste wedstrijd om de Super-Prestigeveldrit in Sint Michielsgestel won Adri van der Poel, eindigde Richard Groenendaal als derde en ging Wim de Vos als vijfde over de eindstreep.

Hoewel het Nederlands kampioenschap volgende week op het programma staat, is de nationale ploeg al zo goed als rond. Van de vijf Oranje-tricots die in het Franse Montreuil aan de start verschijnen zijn er al vier vergeven. Naast de drie die in Brabant bij de eerste vijf reden, is ook Erik Boezewinkel zeker van een plaatsje in de nationale selectie. Edward Kuyper raakte gisteren lelijk geblesseerd tijdens een val en dat kost hem hoogst waarschijnlijk een ticket naar het mondiale kampioenschap. Tijdens het NK moeten Marcel Scheffer en Marcel Gerritsen uitmaken wie de laatste positie gaat innemen.

Nederlandse veldrijders zijn over het algemeen geen liefhebber van blubber. Doordat de dooi plotseling inviel kreeg het peloton veldrijders in Brabant te maken met een modderbrij. Het deerde de Nederlanders niet. Richard Groenendaal wilde koste wat kost eens zegevieren in zijn woonplaats en kon rekenen op hulp van zijn ploegmaat Adri van der Poel. Maar toen bleek dat Groenendaal niet voldoende macht had om de wedstrijd naar zijn hand te zetten, deed Van der Poel zelf een gooi naar de troon.

Al vrij snel in de koers kwam Van der Poel aan de leiding met Luca Bramati, de leider in het Super-Prestigeklassement. De nationale kampioen haalde alle tactische foefjes uit de kast om Groenendaal ook naar de kop de loodsen. De vriendendienst bleek een te grote opgave voor Groenendaal, die de Belg Vervecken en Wim de Vos in zijn wiel zag. Daarop besloot Van der Poel om zelf het initiatief te nemen. In Bramati vond hij een meer dan waardige vluchtgenoot.

In de laatste ronde wachtte de Italiaan zelfs toen Van der Poel een smak maakte. Maar dat bleek achteraf een teken van onderschatting. Bramati verwachtte in de eindsprint een makkelijke prooi te treffen en die inschatting kostte hem de tweede zege in de Super Prestige-reeks. Van der Poel glipte onverwachts uit het wiel van Bramati en bevestigde met de slimme overwinning zijn stijgende vorm.

Aan duidelijkheid liet de winnaar na afloop niks over. Van der Poel: “Het enige dat voor mij telt is het WK. Natuurlijk vind ik het leuk dat een Super Prestigewedstrijd win, maar voor mij telt alleen het wereldkampioenschap.” Hoewel Van der Poel nu derde staat in wereldbeker-klassement, koestert hij geen enkele hoop op een eindoverwinning. “Bramati koerst het hele seizoen al bijzonder regelmatig. Ik zie geen enkele reden waarom hij in de laatste twee wedstrijden in elkaar zou klappen.”

Van der Poel koerst zich langzaam in vorm, Wim de Vos komt langzaam terug van heel ver. De coureur uit Oosterhout won de eerste twee wedstrijden van de Super Prestige, maar belandde vervolgens in een diep dal. De Vos: “Na mijn overwinning in het Belgische Asper kreeg ik een ziekte onder de leden. 's Nachts werd ik zwetend wakker. Het duurde een behoorlijke tijd en dat heeft me opgebroken. In het bloedbeeld duidde iets op een ontsteking, maar wat mij nu precies mankeerde is me nog steeds onduidelijk.”

Naast Wim de Vos en Adri van der Poel heeft Nederland met Richard Groenendaal nog een derde kanshebber op de wereldtitel. De telg uit een bekende veldrijders-familie heeft patent op het erepodium, alleen de hoogste klassering is zeldzaam. Dit seizoen kwam hij nooit hoger dan de derde positie in de Super Prestige, al moet aangetekend worden dat hij die stek wel vier keer haalde.

Hoewel Groenendaal kan bogen op de regelmatigste prestatielijst van dit seizoen, worden de kaarten reëel gezien toch gezet op De Vos of Van der Poel. Toch claimt geen van beiden een beschermde rol in de WK-ploeg. Van der Poel: “Het heeft helemaal geen zin om een kopman aan te wijzen. We gaan gewoon van start en wie het sterkst is, krijgt de steun.” De Vos is het daar honderd procent mee eens. “Als ik merk dat een andere Nederlander sterker is, zet ik mij voor hem in.”

Groenendaal houdt er een ander mening op na. “Ik heb dit seizoen de beste prestaties op mijn naam staan. Ik sta bovenaan in het klassement om de wereldbeker en koers het hele seizoen al goed. De Vos en Van der Poel kunnen wel zeggen dat ze in dienst van de beste rijden maar als het er op aan komt, moet ik het nog zien.” Het stoort Groenendaal dat het ontbreken van een seizoenoverwinning tegen hem gebruikt wordt. “Dat is typisch Nederlands. Nu sta ik in één keer stil in mijn carrière. Als ik volgende week Nederlands kampioen wordt, liggen de kaarten ineens heel anders.”

Het WK-parcours in de buitenwijken van Parijs is in elk geval niet in het nadeel van de Nederlanders. Groenendaal: “Ik heb het traject op de video bekeken en het is veel gras en gravel. Maar mij maakt het toch niet zoveel uit. Vorig jaar ben ik tweede geworden in Eschenbach op een totaal ander parcours.” Met de nationale kampioenschappen in het vooruitzicht staat één ding vast: het Nederlandse veldrijden heeft drie troeven in het vuur die klaar zijn om de regenboogtrui om de schouders te hijsen.

mailIcon print |