Van onze onderwijsredactie AMSTERDAM - Het percentage ongediplomeerde schoolverlaters is sinds het begin van de jaren tachtig licht gedaald, concludeert T. Eimers van het onderzoeksbureau ITS na een analyse van bestaand cijfermateriaal.
Sinds het schooljaar 1983/'84 is de ongediplomeerde schooluitval min of meer stabiel gebleven op 16 procent van het aantal schoolverlaters. Dat komt neer op 37 500 leerlingen per jaar, van wie slechts een klein deel later alsnog een diploma haalt. De rest vindt werk, wordt langdurig werkloos, of komt in de criminaliteit terecht.
Volgens Eimers is in onderzoekerskringen al lang bekend, dat het aantal ongediplomeerde schoolverlaters niet groeit. Maar bij het grote publiek lijkt dat maar niet te willen doordringen. De overheid draagt daaraan bij door in toenemende mate bezorgd te zijn over voortijdige uitval.
Eimers denkt dat deze onjuiste beeldvorming te maken heeft met het vooroordeel dat niet-schoolgaande jongeren in de criminaliteit terecht komen, of levenslang op een uitkering zullen teren. Er wordt makkelijk gedacht, dat ze allemaal maar een beetje rondhangen en kattekwaad uithalen.
“Maar ze worden zeker niet allemaal crimineel”, zegt Eimers. “We weten niet precies wat er met de uitvallers gebeurt, maar schattingen wijzen uit, dat een flink deel gewoon gaat werken.”
Uit de statistieken blijkt in ieder geval dat potentiële schoolverlaters inspelen op de arbeidsmarkt. Zo was het percentage uitvallers tijdens de weerbarstige beginjaren tachtig een procent lager dan nu.
Overigens is Eimers enthousiast over de inspanningen de uitval aan te pakken. “Ongeveer de helft lukt het, met een beetje extra aandacht, wèl een diploma te halen.”
- Zie ook pagina 19: Nul dropouts, dat kan best
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.