LSD was uiteindelijk fataal voor de atletiekcarrière van sixties-kid Jos Hermens. Long-Slow-Distance was op de lange loopafstanden destijds een veel beproefde trainingsformule, die de huidige atletiekmanager nu niemand meer zou aanbevelen.
Zij bleek voor het talent uit Nijmegen in 1975 wel een basis voor het vestigen van een werelduurrecord van 20 907 meter, dat hij een seizoen later tot 20 944 meter aanscherpte. Waarmee Hermens in de voetsporen trad van grootheden als Paavo Nurmi, Emil Zatopek en Ron Clarke.
Die tweede keer was in het olympisch jaar, toen een medaille in Montreal een veel grotere wens was. Hoe meer hoe beter, was het trainingsmotto. Dus bleef de omvang (400 kilometer per week was geen uitzondering) gehandhaafd en werd voor de snelheid kwaliteit toegevoegd. Overtraind kwam Hermens in Canada aan de start van de tien kilometer, waarop hij 'slechts' als tiende eindigde.
Hermens kreeg vervolgens de hele pers over zich heen toen hij Lasse Viren openlijk beschuldigde van bloeddoping. De Fin won in Montreal net als vier jaar eerder de vijf en tien kilometer. Tussen de Spelen in zag men, hoe verdacht, deze grootheid nauwelijks in het strijdperk.
Hermens' reactie was die van een gefrustreerd atleet, zo luidde de publieke opinie. In werkelijkheid had de idealist (,,Ik droeg de hele wereld op mijn schouders'') al lang voor de Spelen zijn bedenkingen geuit over de ontwikkelingen in de atletiek. ,,Waar ik bang voor ben is dat de wetenschap zich meester maakt van onze sport. Er worden nu al bij wijze van experiment bloedtransfusies toegepast bij hardlopers, vlak voor de wedstrijd. Om de zuurstofvoorziening te verbeteren. Dit gaat mij veel te ver.''
Hermens kreeg uiteindelijk gelijk, al pareerde Viren de beschuldiging aan zijn adres met de befaamd geworden grap: 'Ik loop op rendierenmelk'. Viren wordt herinnerd als fenomeen; atleten zonder historisch besef weten niet eens dat Hermens, meermalen onderscheiden als 'manager van het jaar', een groot loper was. Alleen zonder echte prijzen.
Tijdens de Spelen in München ('72) vertrok hij voor de finale van de vijf kilometer naar huis, uit protest tegen de bloedige aanslag van de Palestijnen. Ook op Europees niveau bleef succes uit. Na Montreal was het sukkelen met de achillespezen. Toen Hermens zeventien was waren die klachten er al. Cortisoneninjecties bleken in twee opzichten een oplossing. De pijn werd er tijdelijk mee weggenomen; op de langere termijn bleken de pezen er in op te lossen. Hardlopen gaat niet meer, vier operaties ten spijt.
Zijn laatste echte wapenfeit was in '79 op de tien kilometer tijdens de EK in Praag. Zeven kilometer lang regeerde Hermens als een veldheer de kopgroep, toen stortte hij als aangeschoten wild met een gescheurde kuitspier tegen de grond. Er had nog zoveel moois uit kunnen komen, maar op 28-jarige leeftijd was het afgelopen. Zo verging het ook zijn iets jongere, talentvolle tijdgenoot, wijlen Gerard Tebroke.
Op een andere wijze drukt Hermens nog altijd een stempel op de hedendaagse topatletiek, en niet alleen als begeleider van 's werelds beste lange afstandloper Haile Gebrselassie. Hermens is vermoedelijk de enige (oud)sporter die bewust een wedstrijd organiseerde om zijn eigen wereldrecord te doen sneuvelen. Dat gebeurde in '91 in het Franse La Fleèche, waar de Mexicaan Arturo Barrios (tegenwoordig Amerikaan) tot 21 101 meter kwam.
En ook die prestatie vind Hermens niet meer representatief voor het huidige niveau. ,,Haile moet er maar eens aan'', zei hij vorige week. De bedoeling is dat Gebrselassie op Hermens' 'specialiteit' begin 2000 voor het eerste wereldrecord van het nieuwe millennium gaat zorgen. Een wedstrijdbaan wordt nog gezocht, nu blijkt dat de beoogde locatie, een sportcentrum van Ron Clarke in Australië niet op tijd gereed is.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.