*

 
dossier

Archief

Seksueel misbruik: Janzke H. en pater K.

Van onze kerkredactie − 07/02/97, 00:00

Bij Hulp en Recht, het meldpunt van seksueel misbruik binnen de rooms katholieke kerk, zijn sinds de oprichting anderhalf jaar geleden 59 meldingen binnengekomen. In 46 van de gevallen leidde de melding niet tot een klacht. Dat gebeurde slechts in 13 gevallen.

Tegen hoeveel daders er uiteindelijk maatregelen zijn genomen, meldt het vandaag gepubliceerde jaarverslag niet. Ook niet in hoeveel gevallen er aangifte is gedaan bij de politie. Wanneer dat moet gebeuren, 'moet nog nader onderzocht worden'.

Tweederde van de klagers was vrouw, eenderde man. De klachten gingen niet alleen over celibatair-levende functionarissen. Ook pastoraal werkers maakten zich schuldig aan seksueel misbruik. In één geval betrof de klacht een vrouwelijke religieus.

Een praktijkgeval. Geen maatregelen heeft Hulp en Recht genomen tegen een 68-jarige pater die een seksuele relatie had met een labiele, alcoholistische vrouw. De vrouw was in haar jeugd seksueel misbruikt. De beoordelingscommissie, waarin ook de vroegere staatssecretaris van justitie Korte-van Hemel zit, kon niet tot consensus komen. De meerderheid meent dat “de initiatieven voor seksuele contacten in hoofdzaak van klaagster zijn uitgegaan”, om vervolgens in commissietaal tot de slotsom te komen: “Onder die omstandigheden kan niet van ondergeschikt maken van het welzijn van de pastorante aan de bevrediging van de seksuele behoefte van de pastor worden gesproken”. De pastor mag van de bisschop daarom in functie blijven.

Marjo Eitjes, specialiste betreffende seksueel misbruik in de kerk, noemt het 'belachelijk' dat de commissie 'het initiatief' als criterium heeft genomen. “Volgens haar eigen definitie van seksueel misbruik omvat het ook de gevallen waarbij het initiatief van de klaagster komt. En terecht. Veel seksueel misbruikte vrouwen gaan seksueel wervend gedrag vertonen - dat is voor de ander nog geen excuus om er op in te gaan.”

Labiel, depressief en dronken was Janzke H. (48) toen ze eind december 1994 pastor K. (68) uit zijn bed belde voor een goed gesprek. Het was het begin van een seksuele relatie van drie maanden.

Toen de pastor haar vanwege haar drankmisbruik niet langer wenste te zien, brak de beer in haar los. Ze beoefende de telefoonterreur, tot tien keer toe gooide ze met grote keien de ramen van de pastorie in, ze bekraste zijn auto, brak meermaals de antenne en ruitenwissers af.

Ze vertelt het alsof ze er niet zelf bij was: “Er hebben zich diverse vernielingen voorgedaan door mij”. De rechter legde haar op verzoek van de pastor een straatverbod op. Woest en zwaar beschonken kwam ze tijdens de dienst de kerk binnen: de pastor moest en zou haar zijn liefde weer schenken.

Al tijdens de eerste bezoekjes van de pater had ze hem toevertrouwd dat ze in haar jeugd seksueel misbruikt was. En ze had hem gezegd dat hij héél lief was. Eindelijk iemand die luisterde. Hij had haar toen een zoentje gegeven.

Vanaf hier verschillen de versies die de partijen aan de commissie voorlegden. Janzke H.: “Hij ging helemaal tegen me aan zitten en mij kusjes geven en wat strelen. Hij trok mij over zich heen en zo ontstond onze eerste tongkus.” De pater stelt daarentegen dat een zoen bij hem altijd afscheid betekent. Het over zich heen trekken kan hij 'bevestigen noch ontkennen'. Hij noemt de tongzoen een initiatief van haar. “Ik vond het vies en heb mijn lippen tegen elkaar gedrukt. Met een soort heel sterk smakende kauwgom probeerde zij haar alcohollucht te camoufleren. Afschuwelijk. Uiteindelijk heb ik toegegeven omdat zij het fijn vond,” aldus zijn verklaring aan de commissie.

Van het een kwam het ander. De pater geeft toe dat hij zich door haar liet masseren en op zijn billen was gekust. En ze hadden elkaar seksueel bevredigd.

Voor de rest was er miscommunicatie. Zij: “Hij had altijd het liefst dat ik wat dominant was, kroop altijd bij mij weg. Soms voelde ik me net zijn moeder. Zonder woorden maakte hij altijd wel duidelijk wat hij wilde: zijn bril afzetten, naast mij komen zitten of naar zijn rug grijpen. Het laatste wou zeggen dat hij in bed wilde liggen. Die signalen kwamen van hem.” De pater werpt tegen dat hij zijn bril wel moest afzetten, wanneer zij haar hoofd tegen zijn hoofd legde. En voor een rugpijnverlichtende massage moest hij van haar nou eenmaal bijna naakt op bed gaan liggen.

Pater K., die zegt nog nooit een vrouwenlichaam naakt te hebben gezien, laat staan gevoeld, ziet zichzelf als machteloos slachtoffer, niet als pleger van seksueel misbruik. Hij neemt het Janzke H. kwalijk “het pastorale contact te hebben omgebogen in een vriendschaps- en seksueel contact.” De pater zegt 'er in te zijn getippeld'.

De gedelegeerde pater Dekkers bracht rapport uit aan de vijfkoppige onderzoekscommissie van Hulp en Recht: “Waar K. zegt erin getippeld te zijn, neem ik dat aan. Zij heeft het contact omgebogen. Onervarenheid bij de aangeklaagde kan een rol gespeeld hebben, al mag van een man van zijn leeftijd meer behoedzaamheid worden verwacht.” Wel heeft hij zich volgens Dekkers 'hoogst onprofessioneel opgesteld'. De meerderheid van de commissie - voor de gelegenheid aangevuld met pater C. Swüste, net als pater K. een jezuïet - neemt deze argumentatie over, en vindt niet dat de aangeklaagde door in te gaan op de avances van een vrouw in labiele toestand, zijn eigen belang liet prevaleren.

Janzke H. voelt zich niet meer alleen misbruikt door pater K., ze is nu ook laaiend op de commissie. Ze noemt de commissie 'bevooroordeeld' en 'twee handen op één buik'. “Al wat ik krijg is onbegrip en vijandschap, tot aan de hoogste r.-k. commissie toe.”

Janzke H. is met het oog op de privacy van de betrokkene een gefingeerde naam.

mailIcon print |