*

 
dossier

Archief

Kwaliteit van voorbereidend beroepsonderwijs onder druk door te weinig leerlingen

Door: redactie − 04/02/97, 00:00

Van onze onderwijsredactie AMSTERDAM - “We wachten al tijden tot staatssecretaris Netelenbos tegen de VBO-scholen zegt: als je in een richting nog maar vijf leerlingen hebt, stop er dan maar mee. Maar dat zegt ze niet.”

Directeur IJ. van Gosliga, van de christelijke scholengemeenschap Delta in Amsterdam, is niet onder de indruk van het jongste rapport over zijn onderwijssector. Het bevat slechts open deuren, vindt hij. Bijna de helft van de scholen voor voorbereidend beroepsonderwijs, staat erin, is te klein: in de hoogste twee leerjaren zitten dan minder dan 45 leerlingen. Ruim een kwart van de opleidingen (bijna 28 procent) telt minder dan 30 leerlingen in de hoogste twee jaar.

Het rapport verscheen maandag en is geschreven door de 'regievoerder' die Netelenbos vorig jaar op het problematische VBO en het mavo zette, drs. J. Engberts. Er zitten 131 000 jongeren in de hoogste twee jaren van het VBO.

Het probleem bestaat al langer. Najaar 1994 kwam ex-werkgeversvoorzitter C. van Veen al met verbeteringsvoorstellen. Niet alleen moesten de scholen meer samenwerken, ook moesten de twee 'niveaus' waarop een mavo- of VBO-leerling nu examen kan doen (het moeilijker D-, en het eenvoudiger C-niveau) plaats maken voor 'leerwegen', met een praktijkgericht karakter. Vanaf 1998 komen die er ook: vier stuks - van een 'theoretische' leerweg voor wie na mavo door wil op MBO of havo, tot een 'beroepsgerichte leerweg kort' voor wie verder wil met een basis-vakopleiding. De gedachte is ook dat mavo-C leerlingen (nu bijna 40 000 jongeren) straks een beroepsgerichte VBO-richting zullen doen.

Voor de scholen met afdelingen die eigenlijk te klein zijn om kwaliteit te kunnen leveren, zijn die leerwegen een probleem. Van Gosliga: “Bij ons is de bouw-afdeling eigenlijk te klein: in de leerjaren 3 en 4 zitten samen zo'n 20 leerlingen. Moeten we dat opsplitsen, in een leerweg waarmee je het kort middelbaar beroepsonderwijs binnen kunt en eentje waarmee je naar MBO kunt, dan hou je nóg kleinere gehelen over.”

Het Delta College zoekt een uitweg door samen te werken. In augustus ging het Delta (met 300 mavo- en VBO-leerlingen) samenwerken met een grotere (700 leerlingen) school. Ze piekeren nu of het bouwlokaal moet verhuizen van de school in Oost naar die in de Bijlmer. Misschien trekt de interesse voor een bouwopleiding dan weer aan.

Eigenlijk, vindt Van Gosliga, zou het de duidelijkheid bevorderen wanneer Netelenbos eens een getal noemde waaronder een VBO-afdeling niet mag zakken. “Je bent nu gericht op de instandhouding van je winkeltje en dat maakt dat je lang wacht voor je collega's opzoekt, het initiatief neemt om te gaan samenwerken. Want dat kan worden gezien als: ze zijn daar zeker reddeloos, ze hebben de hoop opgegeven.” Netelenbos wil pas met getalsnormen gaan zwaaien als blijkt dat haar 'regievoerder' de scholen voor 1998 niet tot samenwerking weet te brengen.

mailIcon print |