*

 
dossier

Archief

'Elke junk moet altijd de kans krijgen op genezing'

ADRI VERMAAT − 30/01/96, 00:00

Vele methoden zijn aangewend om drugsverslaving te lijf te gaan, maar nog altijd is er geen consensus over de juiste aanpak. Het ene lande beschouwt de gebruiker als een crimineel, het andere als een patient. Door de week en in de bijlage ZenZ besteedt Trouw aandacht aan 'afkicken': hoe wojrdt in landen als Singapore, Amerika, Zweden, Frankrijk en Nederland omgegaan met een van de grootste problemen van deze tijd, de drugsverslaving. Vorige afleveringen stonden in Trouw van 9, 13, 16 en 21 december en 6, 9, 12, 17 en 27 januari.

De groepsleider van het aan de rand van Gothenburg gelegen centrum kan nog steeds lachen om het voorval. “Alsof die man van mij wilde horen welke auto het beste voor hem is. Maar tegelijkertijd gaf hij aan dat drugsgebruikers, junks zelfs, hun situatie nog steeds schromelijk onderschatten. Sommigen denken na jaren van verslaving echt nog 'Zo, even een recept halen en dan ben ik er vanaf'. Zo werkt dat niet. Er zijn weken, maanden en soms jaren mee gemoeid om een gebruiker 'drugs-vrij' te krijgen. Als dat al lukt.”

Het zeven jaar geleden opgerichte motivatiecentrum heeft een bijzondere plaats in de Zweedse drugshulpverlening. In de oude, smaakvol ingerichte villa krijgen gebruikers met de hulp van psychologen en 'buddies' gedurende vier maanden de tijd om hun situatie goed te overzien. Aan het einde van die periode moeten zij zelf kenbaar maken welke behandeling ze precies willen. Geven ze de voorkeur aan plaatsing in een opvangtehuis, willen ze naar een behandelingscentrum of naar een kliniek voor jeugdige gebruikers? Of willen ze hun oude, vaak criminele bestaan weer oppikken?

Een voordeel is dat de de maximaal tien bewoners die het centrum kan herbergen, eerder zèlf aan sociaal werkers duidelijk hebben gemaakt van de drugs af te willen. “Die eerste stap is mooi, maar nou ook niet zaligmakend”, weet Ola Ahlbeck uit ervaring. “Voordat de mensen hier in het centrum komen, hebben ze een afkickbehandeling van enkele dagen achter de rug. In de praktijk is die lang niet altijd afdoende. In ons centrum is het bezit van drugs absoluut verboden. Degene die zich er niet aan houdt, kan vertrekken. Als vervolgens blijkt dat die persoon niet voor zichzelf kan zorgen, is er een net van sociaal werkers dat zegt 'En nu is het genoeg, we sluiten je op'. Dat gebeurt en de mensen die dat overkomt gaan als regel voor zes maanden naar een van de afkickklinieken.”

De tijdelijke bewoners van het motivatiecentrum, zowel mannen als vrouwen en in leeftijd variërend van twintig tot 45 jaar, hebben elk hun eigen 'buddy'. Deze verzorger is zeker in de eerste weken van hun verblijf en aan het einde, wanneer een besluit over 'hoe verder' moet worden genomen, onmisbaar, zegt Ahlbeck. “Langdurige gebruikers van amfetaminen krijgen na het afkicken een 'flew'. Ze gaan volledig door het lint, hallucineren soms dagen en nachten achtereen. Een enkeling raakt in een psychose-toestand en moet naar het ziekenhuis. De gebruikers van cannabis op hun beurt hebben vaak last van nachtmerries of doen geen oog dicht. Waar we geen vaste artsen in huis hebben, is het aan de buddy de mensen in die moeilijke uren bij te staan.”

De buddy doet meer. Hij probeert zijn cliënt blijvend te motiveren door er, ook bij nacht en ontij, urenlang op te hameren dat een leven zonder drugs weer perspectief biedt. Maar ook komt het voor dat de cliënt heimwee krijgt naar zijn naaste familie of zijn vrienden en daarover zijn hart wil uitstorten. “De buddy staat op ieder moment van de dag klaar”, zegt Ahlbeck, die erop wijst dat de staf van het centrum met twaalf medewerkers groter is dan het aanbod. “Bovendien is het de taak van de buddy om de cliënt al van meet af te laten wennen aan een 'normaal' leven. De bewoners moeten koken, hun kamer schoonmaken, tuinieren, alles dat zij, als ze niet verslaafd zouden zijn, ook gewoon zouden vinden.”

Urinetest

Drie dagen na hun komst in het centrum moeten de bewoners een verplichte urinetest ondergaan. Voor de gebruikers van amfetaminen is het aan de hand van die test eenvoudig vast te stellen of zij die drug in de voorafgaande 72 uur toch niet heimelijk hebben ingenomen. Hun urine moet na deze periode 'schoon' zijn. Voor cannabis-gebruikers ligt het aanzienlijk gecompliceerder. In hun urine zijn zelfs na drie maanden nog drugsporen aanwezig. “Dat maakt het moeilijk om na te gaan of de man of vrouw in kwestie stiekem cannabis heeft gebruikt”, zegt Ahlbeck. “Maar na drie maanden moet ook hun urine 'clean' zijn.”

Toch erkent de groepsleider dat gesjoemel met de tests, die twee keer per maand worden gehouden, altijd mogelijk blijft. Zo kunnen amfetaminengebruikers een week voordat zo'n controle plaatsvindt, zonder het risico te worden betrapt nog drugs gebruiken. Soms komt het ook voor dat een bewoner Ahlbeck zelf vertelt dat hij de 'wetten van het huis' heeft overtreden. In dat geval wordt zijn bekentenis, zijn eerlijke ontboezeming, óók uitgelegd als een 'vorm van motivatie' en hoeft de zondaar niet te vertrekken. “We proberen altijd te vermijden om iemand weer de straat op te sturen”, geeft Ahlbeck het beleid weer. “Pas wanneer we daadwerkelijk drugs vinden, meestal is dat onder een kussen of tussen de dekens, is er geen andere keus.”

Ongeveer de helft van alle cliënten redt het. De meeste 'afvallers' melden zich na gemiddeld drie weken. Zij missen uiteindelijk net het noodzakelijke doorzettingsvermogen, de kracht vooral, om het verdere, lange traject af te leggen. Zeker voor deze mensen is het drugsgebruik uitzichtloos, de Zweden zien hen als de 'zielepoten van de samenleving'. Dit vooral, waar zij maanden na hun vertrek uit het centrum daar doorgaans opnieuw aankloppen. “Er zijn mensen die hier al vier keer zijn geweest en die telkens weer afhaken”, zegt Ahlbeck. “Toch zullen we hen nooit weigeren. Misschien dat het hen ooit lukt de laatste drempels te nemen. Ze willen, maar kunnen domweg niet. Vaak omdat ze te lang aan de drugs zijn, soms omdat zij zich sociaal niet kunnen aanpassen en een dak boven hun hoofd maar niks vinden. Maar mensen afschrijven doen we niet. Dat zou niet passen in onze filosofie dat elke drugsgebruiker, elke junk, altijd de kans moet krijgen op genezing.”

Ahlbeck en zijn medewerkers onderhouden regelmatig contacten met cliënten, die naar een andere kliniek zijn vertrokken. Maar na een maand of zes verzanden die doorgaans. “Jammer, want wij zijn altijd nieuwsgierig hoe het een ex-bewoner in zijn verdere leven vergaat. Anderzijds staat vrijwel vast dat de mensen, die het in het motivatiecentrum vier maanden hebben volgehouden, goed terechtkomen en nooit meer naar de drugs zullen grijpen. Wie hier zo'n lange periode doorbrengt, zo gewend is geraakt aan een ander leven, voelt de nieuwsgierigheid om verder af te kicken. Zo iemand is er pas na één, soms twee jaar, weer helemaal bovenop. Maar hij is dan wel verzekerd van een baan. Als 'trainee' in het bedrijfsleven en betaald door de Zweedse overheid.”

mailIcon print |