Van onze correspondent BERLIJN - Het Duitse openbaar ministerie beschouwt de Koerdische Arbeiderspartij PKK niet langer als een terroristische organisatie. De PKK blijft in Duitsland echter, anders dan in Nederland, wel verboden.
Procureur-generaal Kay Nehm, de hoogste openbare aanklager in het land, zei gisteren bij de presentatie van het jaarverslag van justitie over 1997 dat de PKK zich het afgelopen jaar minder vaak heeft schuldig gemaakt aan zware vergrijpen als moordaanslagen en brandstichtingen. Het stempel 'terroristische organisatie', waarbij een groepering of partij door justitie uiterst scherp in de gaten wordt gehouden, is volgens hem dan ook niet meer van toepassing.
Maar in de ogen van Kay Nehm is de PKK zeker geen onschuldige club. De leiding van de partij blijft zich te buiten gaan aan wapendelicten, afpersing en mishandeling. Volgens Nehm is de minder zwaar beladen omschrijving 'criminele organisatie' nu eerder op haar plaats.
Een woordvoerder van het ministerie van binnenlandse zaken in Bonn zei dat de PKK in Duitsland verboden blijft. Het verbod is in 1993 uitgevaardigd omdat de partij de veiligheid en openbare orde in Duitsland in gevaar bracht. Daaraan is nog niets veranderd, aldus de zegsman.
Nadat de PKK in Duitsland verboden was, verlegde het partijkader een deel van zijn activiteiten naar Nederland. Zo werd enkele jaren geleden in Den Haag een Koerdisch parlement in ballingschap opgericht, tot grote woede van de Turkse regering.
Regeringswoordvoerders in Ankara zeiden gisteren dat er bij de regering in Bonn opheldering zal worden gevraagd over de opmerkingen van procureur-generaal Kay Nehm. Turkije is toch bang dat zijn uitspraken een voorbode zijn en dat de PKK binnenkort in Duitsland niet meer verboden is.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.