*

 
dossier

Archief

Daverschot vlucht voor boemerang Lancée-affaire

Door: redactie − 31/01/98, 00:00

Van een onzer verslaggevers GRONINGEN - Lange tijd heeft hij nog gedacht dat hij na de affaire-Lancée, de Oosterparkrellen én het vernietigende rapport van onderzoeksbureau Bakkenist gewoon kon blijven zitten.

Maar na de val van de Groninger korpschef F. Veenstra en burgemeester H. Ouwerkerk moest gisteren ook hoofdofficier van justitie Ruud Daverschot erkennen dat onverstoorbaar doorwerken zinloos is geworden. Groningen kan beter uit de crisis opkrabbelen met een geheel nieuwe driehoek.

Dat Daverschot zo lang heeft gewacht, past geheel in zijn stijl van optreden. De 53-jarige hoofdofficier staat bekend als een degelijke, maar ook stijve, autoritaire magistraat die geheel zijn eigen weg gaat, en geen tegenspraak duldt. Hij creëerde in de zes jaar dat hij het Groningse parket leidt, een 'kritiek vijandig organisatieklimaat', aldus onderzoekers van KPMG vorig jaar. Medewerkers zouden geen kritiek durven geven uit angst geschoffeerd te worden.

Daverschot, die in 1992 naar Groningen werd gehaald om het slapende parket daar 'wakker te schudden', was als manager zeker succesvol. Hij slaagde erin de 'productiecijfers' op te stuwen, en Groningen werd onder zijn leiding het eerste parket dat in 1995 de doelstellingen haalde uit het beleidsplan 'Strafrecht met beleid': nog maar minder dan vijf procent van de zaken werd geseponeerd, en drie kwart werd binnen drie maanden afgedaan.

Maar een goed manager is nog geen goed hoofdofficier, zou blijken. Daverschot - die zijn carrière bij de luchtmacht begon, en via de krijgsraad, officier van justitie in Arnhem en Middelburg werd en later raadsheer bij het hof een Leeuwarden - lag bijvoorbeeld zeer slecht bij zijn personeel. Goede, creatieve officieren vluchtten naar andere parketten, en hun ex-baas bleef met de bijnaam 'kadaverschot' achter.

Daverschot heeft ook niet veel op met de regiopolitie Groningen. Boze tongen beweren dan ook dat het de top van het openbaar ministerie is geweest dat na de Oosterparkrellen het vernietigende rapport van Bakkenist liet lekken, waardoor korpschef Veenstra moest opstappen. Maar datzelfde bureau Bakkenist stelt dat Daverschot zelf vooral in samenwerking met de politie onvoldoende inzicht en geduld heeft getoond.

Die slechte relatie met de politie is verweven met de affaire die Daverschot indirect de kop heeft gekost. In begin 1997 werd onder verantwoordelijkheid van de hoofdofficier politiechef Lancée met een overgevlogen arrestatieteam op Schiermonnikoog van zijn bed gelicht, omdat deze - naar later bleek ten onrechte - door zijn dochter van ontucht was beschuldigd. Het onderzoek en de arrestatie werd later hevig bekritiseerd, maar Daverschot trachtte het falen af te schuiven op individuele politiemensen.

Daverschots personeel heeft ooit gesteld dat het liever zwijgt omdat de kritiek daarna als een boemerang terugkomt. Daverschot ziet na Lancée en Oosterpark nu zelf dat werphout aankomen. En heeft overplaatsing gevraagd, voordat hij definitief knock-out gaat.

mailIcon print |