*

 
dossier

Archief

Debat over nieuwe sociale zekerheid gedijt alleen in vertrouwen

HENK MULLER − 09/01/96, 00:00

De auteur is lid van het FNV-bestuur, verantwoordelijk voor sociale zekerheid.

Er verandert in 1996 veel in de sociale zekerheid. Opvallend is dat de publieke belangstelling ervoor lauw is. Pas toen de Eerste Kamer met de behandeling van de nabestaandenwet begon, ontstond er iets van een publiek debat, terwijl de behandeling in de Tweede Kamer en de alternatieven en de acties van de vakbeweging die eraan voorafgingen, nauwelijks aandacht trokken.

Het stelsel van de sociale zekerheid verandert in rap tempo. Op zich is daar niets op tegen. De veranderingen zijn echter niet zozeer ingegeven door de behoefte het stelsel op zorgvuldige wijze aan te passen aan maatschappelijke ontwikkelingen, maar meer door de afspraken die bij de vorming van het paarse kabinet zijn gemaakt en waarbij beperking van kosten voorop stond.

Consequenties van die afspraken voor het houvast dat het stelsel hoort te bieden en voor de overzichtelijkheid ervan zijn ternauwernood in de overwegingen betrokken. Latere bedenkingen vanuit de Tweede Kamer worden pas serieus genomen als ze door twee van de drie coalitiepartijen naar voren worden gebracht. Alternatieven, zoals het Ser-advies over ziektewet en WAO, wegen al helemaal niet mee. En alle betrokkenen wordt nauwelijks tijd gelaten zich in te stellen op de gevolgen. Het vertrouwen in de politiek om leiding te geven aan het debat over de toekomst van de sociale zekerheid is daardoor aangetast.

Neem wijzigingen in de sfeer van ouderdoms- en nabestaandenpensioenen, zoals de al eerder ingevoerde individualisering van de AOW en de afschaffing op termijn van de 'partnertoeslag'; wijzigingen die ook in de ANW aanstaande zijn. Pensioenfondsen verzekeren een uitkering die gerelateerd is aan het salaris. Daarbij wordt rekening gehouden met een wettelijke uitkering die gebaseerd is op het minimumloon. Als de AOW- of de ANW-uitkering wordt verlaagd, heeft dat gevolgen voor het deel dat door het pensioenfonds wordt bijverzekerd, als men de oorspronkelijke hoogte van de uitkering wil handhaven.

CAO-onderhandelaars en bestuurders van pensioenfondsen worden dus opgezadeld met een vraagstuk waarvan de oplossing niet direct voor handen is. Om van individuele werknemers maar te zwijgen. Die zien hun sociale zekerheid aangetast en weten niet of en zo ja hoe ze daaraan een mouw moeten passen.

Ziektewet

De voorgenomen privatisering van de Ziektewet veroorzaakt weer andere problemen. Op zich veranderen de rechten van werknemers daardoor niet direct, want de meeste CAO's kennen een hogere uitkering dan de wet mogelijk maakt en die afspraken blijven gelden. De vraag is wel: hoe gaan werkgevers hier mee om? Gaan ze - zoals beoogd - meer aandacht besteden aan de arbeidsomstandigheden? Daar is nog weinig van te merken. Aan de verplichting een arbodienst in te schakelen is nog maar in eenderde van de gevallen voldaan. En tevens voldoen weinig arbodiensten aan de gestelde kwaliteitscriteria.

Waarschijnlijker is dat sommige werkgevers zullen proberen van de huidige CAO-afspraken af te komen. De metaalwerkgevers hebben al een schot voor de boeg gelost en aangekondigd dat ze strenger gaan selecteren. Dat maakt een zorgvuldige naleving van het protocol inzake aanstellingskeuringen door bedrijfsartsen meer dan wenselijk. Mogelijk is zelfs wetgeving op dit punt noodzakelijk.

Tevens zullen werkgevers trachten door een verzekering de financiële gevolgen van ziekteverzuim gelijkmatig in de tijd te verspreiden. Dat is verstandig. Maar voor kleine ondernemingen en voor werknemers is het daarbij van belang dat hierover op bedrijfstakniveau afspraken kunnen worden gemaakt die algemeen verbindend verklaard worden.

Ook moeten werknemers worden betrokken bij de keuze van de verzekeringsmaatschappijen waarbij de verzuimverzekering wordt ondergebracht, en invloed kunnen uitoefenen op de inhoud van de contracten. Want wat gebeurt er bijvoorbeeld, als een werkgever met de noorderzon vertrokken blijkt te zijn?

Arbodienst, aanstellingskeuring, herverzekering: de privatisering van de ziektewet is allerminst waterdicht geregeld. Er blijft dus alle aanleiding het Ser-voorstel om de privatisering tot een half jaar te beperken in overweging te nemen. Dat kan, door tot een gefaseerde invoering over te gaan. Eerst ervaring opdoen met een uitbreiding van het eigen risico van werkgevers van de huidige 2 of 6 weken naar een half jaar. Om over 2 jaar te bekijken of volledige privatisering nog opportuun is.

WAO

De discussies over ANW en Ziektewet kunnen een vervolg krijgen met het voornemen 'marktwerking' in de WAO te introduceren. De marktwerking houdt in, dat werkgevers kunnen opteren voor ontheffing van de verplichte deelname aan de WAO onder gelijktijdige herverzekering van de arbeidsongeschiktheidsverplichtingen bij een commerciële verzekeraar. Het wetsvoorstel is van alle kanten gekraakt, niet het minst door de verzekeraars zelve. Bedrijven die van de optie gebruik maken, spelen pas over 20 jaar quitte. Tegelijkertijd stijgen de kosten voor de bedrijven die in de WAO blijven als de 'beste risico's' naar commerciële verzekeraars overstappen.

Ook hier is het dus verstandig naar het Ser-advies te kijken. Een centrale rol is hierbij weggelegd voor D66. Eerder heeft de Tweede-Kamerfractie van de Democraten laten weten, ook ten aanzien van de Ziektewet, dat het Ser-advies overweging behoeft. Maar veel vertrouwen kan hier niet aan worden ontleend. Van de opvattingen die zelfs nog bij de Algemene beschouwingen prominent werden verwoord, was bij de feitelijke behandeling weinig te bespeuren.

De sociale zekerheid is een wezenlijk element van de sociale infrastructuur. Herziening ervan is wenselijk. De doelstelling moet zijn dat het stelsel de arbeidsdeelname sterker bevordert dan nu en de uitkeringsrechten individuele economische zelfstandigheid mogelijk maken. En het dient beter tegemoet te komen aan flexibeler arbeidspatronen en de wens werk en zorg evenwichtiger te combineren.

De discussie die het kabinet daarover dit jaar wil beginnen, behoeft een klimaat van vertrouwen. Anders wordt de discussie gedomineerd door angst voor aantasting van verworven rechten. De opstelling van het kabinet is tot op heden geen bijdrage aan een gunstig klimaat geweest.

Het zal van de behandeling van de Ziektewet door de Eerste Kamer en - later - van de behandeling van de WAO afhangen of zo'n klimaat er desondanks komt. Er staat dus nogal wat op het spel.

mailIcon print |