AMSTERDAM - De vergelijking met Boris Becker dringt zich op. Hij moest er vijf jaar op wachten en niemand geloofde er nog echt in, maar in de herfst van zijn loopbaan won de Duitse tennisser in Melbourne toch weer een Grand Slam-titel. Op basis van zijn wilskracht, zijn vechtlust, zijn instelling en zijn talent.
Tussen het eerste Grand Slam-succes van Becker, in 1985 op Wimbledon, en zijn meest recente winst in Melbourne zit een tijdvak van ruim tien jaar. In die periode maakte hij, met een kleine onderbreking, voortdurend deel uit van de top van het mondiale tennis. Voor Bettine Vriesekoop geldt in feite hetzelfde. Zij boekte haar laatste grote triomf in 1992, toen zij zich in Stuttgart voor de tweede maal liet kronen tot de beste tafeltennisster van Europa. Dat succes kwam precies tien jaar na haar eerste Europese titel en in de tussenliggende periode stond haar naam, met een kleine onderbreking, continu in de internationale top.
Evenals Becker verkeert Vriesekoop in de nadagen van een imposante carrière. En ook voor haar geldt de vraag, die door Becker inmiddels bevestigend is beantwoord: is zij nog in staat een aansprekende titel in de wacht te slepen? Na het succes in Stuttgart deed de 34-jarige Vriesekoop zeven grote evenementen aan: de Spelen in Barcelona, de WK's in Gothenburg en Tianjin, de EK in Birmingham en de Top Twaalf-toernooien in Kopenhagen, Arezzo en Dijon. Maar waar zij zich liet zien, een plaats op het erepodium zat er niet in. En de tijd gaat dringen, want de verwachting is dat Vriesekoop er na de Top Twaalf van 1997 in Eindhoven een streep onder zet.
Vandaag begint de nummer twee van Europa in Charleroi voor de zeventiende maal aan het Top Twaalf-toernooi. “Gezien mijn plaats op de ranglijst moet ik het weer eens waarmaken”, zei Vriesekoop aan de vooravond van het toernooi. Voor haar privé-coach Jan Vlieg staat het vast dat Vriesekoop in staat is nog een grote overwinning te boeken. “Ik praat niet over de toppers uit Azië, maar binnen Europa kan zij iedereen kloppen”, aldus Vlieg. “Haar technische vaardigheden zijn nog fabelachtig en haar basisniveau is gigantisch, beter dan ooit.”
Vlieg weet echter ook dat (top)vorm niet zaligmakend is op toernooien. “Ze kan onvoorstelbaar goed spelen”, zei de Groninger voor het vertrek naar Charleroi, waar ook in 1989 de Top Twaalf werd gehouden. “Maar je weet nooit hoe het in de wedstrijden uitpakt. Alle kleine details spelen een rol.” Afgelopen zaterdag zag Vlieg zijn pupil in actie tijdens de (verloren) Europa Cup-wedstrijd van De Treffers tegen Statisztika Boedapest. “Er zaten een paar ex-internationals uit Hongarije te kijken en die waren diep onder de indruk van haarspel. Ze waren het over een ding allemaal eens: die meid is van een andere tafeltennisplaneet.”
Vorig jaar zat Vlieg tijdens de Top Twaalf in Dijon op de tribune. De coaching was in handen van bondscoach Peter Engel, die er niet in slaagde Vriesekoop naar de halve finale te loodsen. “Het was een van de eerste toernooien die Vriesekoop onder Engel speelde”, aldus Vlieg. “Je kunt niet verwachten dat de samenwerking dan voor honderd procent functioneert.” Midden januari vroeg Vriesekoop of Vlieg haar in Charleroi wilde begeleiden. Een goede keuze volgens de Groninger. “In de periode dat wij met elkaar samenwerken, zijn er weinig pieken naar beneden geweest. Er waren altijd veel plusscores. Waarom zou je dat veranderen?”
Vlieg heeft veel respect voor Vriesekoop en hoopt dat zij dit jaar een van de drie hoofdprijzen pakt (de Top Twaalf, de EK in Bratislava en het Olympisch toernooi). Hij heeft nog een wens: hij zou zijn pupil graag eens met een glimlach rond de mond willen zien spelen. Vlieg: “Haar drang naar perfectionisme is dodelijk vermoeiend. Ik hamer erop dat ze niet altijd moet proberen iets onmogelijks te doen. Maar ja, Vriesekoop blijft Vriesekoop. Björn Borg had dat ook. Die versloeg iemand met 6-0, 6-0, 6-0 en bleef onverstoorbaar. Terwijl iedereen dacht: geef die mafketel aan de andere kant ook een punt. Maar dan had hij niet de Borg geworden die hij uiteindelijk is geweest.”
In de poule van Vriesekoop vormen twee Chinese speelsters op papier de grootste obstakels op de route naar de halve eindstrijd: de voor Duitsland uitkomende Jie Schopp en Ni Xialian die onder de vlag van Luxemburg op de Top Twaalf debuteert. Ni Xialian was zowel op de WK in Tokio (1983) als in Gothenburg ('85) verantwoordelijk voor de uitschakeling van Vriesekoop. Gerard Bakker, destijds de coach van de speelster, zag daar een complot-theorie in: Ni Xialian zat alleen in de Chinese ploeg om zijn pupil dwars te zitten. Opvallend was dat Ni Xialian na haar overwinningen op Vriesekoop wel erg makkelijk verloor van een landgenote.
Vriesekoop maakt zich niet veel zorgen om de confrontaties met Ni Xialian en Schöpp, die zij in de twee voorgaande Top Twaalf-toernooien de baas was. “Er zijn speelsters die Ni Xialian gelijk een hand kunnen geven omdat zij bij voorbaat kansloos zijn”, meende Vriesekoop, die voor zichzelf een uitzondering maakte. “Ik kan er wel tegen spelen.” Door schade en schande wijs geworden staart Vriesekoop zich niet blind op de indeling van haar poule, waarin de Russin Timina, de Zweedse Svensson en de Hongaarse Toth uitkomen. “Je moet van jezelf uitgaan. In de laatste drie jaar miste ik de halve finale omdat ik op de verkeerde momenten van de verkeerde mensen verloor.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.