*

 
dossier

Archief

De Bruin geeft strijd niet op IAAF beslist deze week over carrière van de dopingverdachte

ROB VELTHUIS − 06/06/94, 00:00

HENGELO - Zijn laatste wedstrijd? Erik de Bruin zegt tijdens de Adriaan Paulen Memorial in Hengelo zeker te weten van niet. “Nationaal kan ik blijven acteren. Al is het duidelijk dat ik niet train voor een Nederlands kampioenschap.”

In zijn lange atletiekcarrière heeft de discuswerper het zichzelf nooit makkelijk gemaakt. En zo zal De Bruin het de bond zo lang mogelijk zo moeilijk mogelijk maken. Na de geruchtmakende dopingaffaire van vorig jaar is het nooit meer goed gekomen tussen Erik de Bruin en de KNAU. De sporter die op 1 augustus vorig jaar in Keulen positief reageerde op een dopingtest heeft altijd vol gehouden dat hij onschuldig is. Bij de Nederlandse rechter dwong hij een (nationaal) startrecht af; de tuchtcommissie van de bond gaf hem het voordeel van de twijfel en de in dopingzaken voorzichtig geworden internationale IAAF stond hem hangende het onderzoek toe in wedstrijden uit te komen. Zo ver heeft geen dopingdelinquent het geschopt, ook al was de naam Krabbe of Reynolds. Maar van de bond kreeg De Bruin nooit de steun die hij verdiende. Zo zegt hij zelf.

Het zijn spannende dagen voor de atleet. Vrijdag, zaterdag of zondag beslist het bestuur van de IAAF na een half jaar onderzoek over de toekomst van de sporter. Een bestuur onder leiding van Primo Nebiolo, een man die liever een schandaal veroorzaakt dan zijn ongelijk toegeeft. Gaat de Nederlander vrijuit omdat dopingprofessor Donike op onverantwoorde wijze onderzoek heeft uitgevoerd en de zaak juridisch voor de IAAF derhalve te link is? Of, hetgeen waarschijnlijker is, valt door een schorsing van vier jaar het doek over het sportieve leven van de voormalig vice-wereldkampioen? Wegens het gebruik van minstens drie illegale middelen.

Zelf wil hij zo min mogelijk over de kwestie praten. Voer voor advocaten, “Zo is het nu eenmaal in de hedendaagse atletiek. Het was zo leuk toen ik nog pupil was.” Verzoeken om interviews wijs hij af. “Ik wil graag praten, over atletiek. Ja, het een is niet van het ander los te zien. Zo zou ik ook redeneren als ik journalist was. Daarom heb ik er geen zin in.”

De APM in Hengelo is een IAAF-wedstrijd. Die status is de enige reden dat De Bruin er werpt. Hij wil zo vlak voor het oordeel laten weten dat hij nog fier overeind staat. In werkelijkheid is hij al weken geblesseerd, nauwelijks in staat om met de besten te wedijveren. Vorig jaar om deze tijd, toen het leven nog probleemloos was, produceerde de Hardinxvelder er de winnende worp van 67.06 meter. Het bleek later de tweede afstand op de wereldseizoenranglijst.

De Kwestie

Zaterdag is zijn optreden illustratief voor zijn situatie. 35.44 Meter als opening is beschamend, zelfs voor een mislukte worp. Het volgende projectiel landt bij 45 meter, waarna De Bruin in de ring als door een knietje getroffen naar zijn kruis grijpt. Het is de liesblessure waarmee hij voor Kerkrade afzegde en die na nadere bestudering een heupprobleem blijkt. Dat leidt lekker af. Ja, De Bruin wil wel iets voor de camera's zeggen, op voorwaarde dat De Kwestie niet wordt aangeroerd. En zo gaat het over de lichamelijke pijn, zoals vorig jaar in Stuttgart het al dan niet uit de WK-ploeg knikkeren van de op non-actief gestelde discuswerper tot hoofdzaak werd verheven.

Als het electronische oog weg is, wil hij wel wat zeggen. Het publiek reageert enthousiast op zijn naam, dat doet hem goed. De collega's hebben hem hartelijk ontvangen, met hen heeft hij nooit problemen gehad. De kritiek die vorig jaar met name uit het Duitse kamp kwam is hij kennelijk al weer vergeten. Over de IAAF-procedure van deze week is hem niets bekend. Hij hoeft in elk geval niet naar Monaco, verdachten worden door de IAAF niet gehoord. “Ik laat alles aan mijn advocaat over. Ik probeer te trainen en gezond te worden. Trainen is een manier om de problemen weg te dringen. Je moet het van je af zetten, anders word je gek.”

De Bruin beaamt dat zijn poging tot werpen in Hengelo verband houdt met de uitspraak van komende week. Werpen als dopingverdachte in een IAAF-wedstrijd is een triomf op zich, al kan het een pyrrusoverwinning blijken. Mocht het allemaal voor niets zijn, dan wil hij met de uitspraak van de rechter in de hand wel in Nederlandse wedstrijden actief blijven. In hoeverre de IAAF daar eventueel ruimte voor open laat, is ook de KNAU niet duidelijk. Mocht de zaak negatief uitvallen, dan kan de unie bekneld komen tussen de plicht ten opzichte van de overkoepelende federatie èn het dictaat van de rechter, die De Bruin een schadevergoeding van tienduizend gulden heeft toegewezen voor elke wedstrijd waarvoor hem een startbewijs wordt onthouden.

Hoe de uitslag ook uitvalt, tussen de KNAU en (familie) De Bruin lijkt het niets meer te worden. Erik verhaalt verontwaardigd over het onrecht dat ook zijn zus Corrie wordt aangedaan. Europees jeugdkampioene, maar steun van de bond, ho maar. Ze wordt geweerd uit het jeugdsponsorteam omdat er geen samenwerking bestaat met Rotterdam Topsport, waarvan Corrie deel uitmaakt. Bondssteun op basis van de topsportindeling wordt haar onthouden. Zo meldt broer Erik verontwaardigd en niet-begrijpend.

De KNAU weet uiteraard van niets. Zo zou Erik volgens technisch directeur Bert Paauw in een telefonisch onderhoud namens zijn zus zelf hebben verzocht haar buiten de jeugdgroep te houden. En wat de bondsfaciliteiten betreft, Corrie de Bruin maakt gewoon gebruik van de medische verzorging.

De relatie is verstoord, dat is duidelijk. Tijdens het spaarzame onderling communiceren zit ongetwijfeld veel ruis op de lijn.

mailIcon print |