*

 
dossier

Archief

Vendex wilde vooral buitenlanders bij KBB vandaan houden

ANNIEK VAN DEN BRAND; PETER VAN LAKERVELD − 10/02/98, 00:00

AMSTERDAM - Vendex en Koninklijke Bijenkorf Beheer, die gisteren hun samengaan aankondigden, zijn elkaar de laatste twintig jaar wel vaker tegengekomen. En niet altijd in een sfeer van pais en vree. Regelmatig vlogen de rivalen elkaar in de haren. Was het niet over een stiekem aangeschaft aandelen-pakket, dan wel over een stilletjes weggekaapte warenhuis-directeur.

Vendex en Bijenkorf zijn al sinds jaar en dag de enige warenhuisconcerns van Nederland. Ze komen voort uit volstrekt verschillende milieus. De Bijenkorf droeg lang een joods stempel, V & D was uitgesproken rooms.

De Bijenkorf wordt in 1870 opgericht door Simon Philip Goudsmit uit Oud-Beijerland. Hij begint een winkel op de Nieuwendijk 132 in Amsterdam. Zijn initialen SPG blijven meer dan een halve eeuw verweven met het Bijenkorf-embleem.

Een middenstands-modezaak met het accent op naaistersfournituren is de Bijenkorf tot 1889, als Simon Philip op 44-jarige leeftijd overlijdt. Arthur Isaac, een man met ondernemersgeest, neemt de leiding. Hij voegt niet alleen nieuwe artikelen toe aan het assortiment - mode, stoffen, dames- en kinderconfectie - maar ook nieuwe filialen aan de oude zaak.

V & D wordt in 1887 gesticht door de zwagers Willem Vroom en Anton Dreesmann. De twee manufacturisten kunnen het prima met elkaar vinden. Ze beginnen een winkeltje in baai, pilo en flanel aan de Amsterdamse Weesperstraat.

De compagnons expanderen in hoog tempo: familieleden met geld, eerst vooral Dreesmannen, kunnen een half belang kopen in de V & D-winkels. De andere helft wordt opgebracht door de succesvolle oprichters. Zo ontstaat een zakelijk familienetwerk van goed-katholieke, uit Nedersaksen weggetrokken textielkooplui. Tot na de oorlog kan een protestant nooit tot de hogere regionen doordringen.

Beide concerns groeien voorspoedig. Al begin deze eeuw bestaan er tientallen V & D-filialen, eerst vooral kleine winkels. De Bijenkorf opent zijn prestigieuze warenhuis aan het Amsterdamse Damrak in 1914 en het Haagse filiaal in 1926. Chique zaken.

Maar de Bijenkorf ziet ook brood in de 'gewone man'. Eveneens in 1926 begint het bedrijf daarom de Hema, kort voor Hollandsch Eenheidsprijzen Magazijn. Alles kost er een kwartje, een gulden of een rijksdaalder.

Eind 1976 komt Vendex met sensationeel nieuws. Het bedrijf verklaart 36 procent van de certificaten van rivaal KBB te bezitten, voor het merendeel in het geheim op de beurs gekocht. Samenwerking is niet de bedoeling, beweert Dreesmann bij hoog en laag. Hij zegt uit defensieve overwegingen te handelen. Aldus wil hij voorkomen dat een buitenlands concern zich meester maakt van KBB en de grote concurrent van Vendex in Nederland wordt. Vendex en KBB sluiten vrede, maar het Vendex-belang blijft bestaan.

Veel plezier beleeft Vendex daar overigens niet aan want met KBB gaat het bergafwaarts. Eind 1982, begin 1983 kraakt het concern tot in de voegen. Hoofdoorzaak: er is veel te veel geïnvesteerd met geleend geld. Eind 1982 staat tegenover 160 miljoen gulden aan eigen vermogen een miljard aan schulden. Een harde sanering is onontkoombaar, oordeelt adviesbureau McKinsey.

Het KBB-personeel brengt offers: het levert twee jaar de kerstgratificatie in en ziet solidair af van een half procent van de vakantie-uitkering. Dreesmann mag opdraven als reddende engel. Hij heeft weinig keus. Of zijn aandelenbezit wordt in een klap waardeloos door een bankroet, of hij redt KBB met een fikse kapitaalinjectie.

Dreesmann, koopman in hart en nieren, kiest voor het laatste: veertig miljoen gulden aan risicodragend vermogen stopt hij in de concurrent, op voorwaarde dat de grote sanering strikt wordt uitgevoerd. Eind 1985 sluit KBB het driejarig herstelplan af: het concern heet weer gezond te zijn.

Eind jaren tachtig staat Vendex op zijn beurt voor een zware crisis. Anton Dreesmanns expansiedrift blijkt niet te stuiten: de werkelijke groei wordt in de jaren zeventig voorspeld in de dienstensector. Dus voegt hij aan zijn toch al steeds uitdijend bolwerk een 'dienstendivisie' toe: uitzendbureaus, een bewakingsdienst en schoonmaakbedrijven.

Tegelijkertijd worden de V & D-warenhuizen, nog altijd het grootste bedrijfsonderdeel, zwaar verwaarloosd. Dreesmann verliest zijn oog voor die markt en investeert er te weinig in.

In een poging het tij te keren, kaapt Vendex in de zomer van 1988 J. Kessels weg bij KBB, daar voorzitter van de directie. Arie Maas, de topman van KBB, is des duivels. Hij is zo kwaad dat hij Kessels met onmiddellijke ingang de toegang ontzegt tot de KBB-burelen.

Volgens Maas is wat Vendex heeft gedaan in het Nederlandse ondernemingsklimaat 'not done'. Temeer daar Vendex nog steeds 36 procent van de aandelen heeft, Dreesmann commissaris is bij het bedrijf, beide ondernemingen in dezelfde branche zitten en allebei grote problemen kennen. Kessels kent alle strategische plannen van KBB en Vendex wil volgens Maas zijn problemen volgens de KBB-strategie oplossen. Pikant detail: Kessels keert uiteindelijk terug bij KBB. Daar opereert hij als directeur Hema, tot onlangs de top werd vervangen.

Een hevige strijd aan de top van Vendex volgt: het mislukte intermezzo met Dreesmanns gedoodverfde opvolger Arie van der Zwan, op de vingers getikt door de ernstig zieke Dreesmann zelf. Het is daarna de nieuwe topman Jan Michiel Hessels die Vendex weer in het gareel krijgt. Hij saneert de bedrijvenkluwe en maakt van Vendex weer een slank concern.

In het najaar van 1996 zorgt Hessels voor groot nieuws. Hij doet het strategisch belang in KBB van de hand. Vendex ziet zich geconfronteerd met dalende winsten bij KBB en dus dalende koersen van de certificaten, en is het zat. Daarmee lijkt Vendex de hoop op een fusie met, of overname van KBB te laten varen. Maar gisteren sloeg Vendex na jaren van omtrekkende bewegingen dan toch toe.

mailIcon print |