MÜNCHEN - Het angstsyndroom is het geheel op de werkelijkheid gebaseerde plot van een horrorfilm geworden. Van begin tot bijna het einde domineerden Adri van der Poel en Richard Groenendaal het internationale veldritseizoen.
De suprematie van het tweetal uitte zich in 22 overwinningen. Van der Poel scoorde ongeveer één op drie. Maar in de belangrijkste wedstrijd van het jaar stonden de veelvraten met lege handen. Ze bedelden om een gulden voor een hapje junkfood.
Na een allesbehalve bloedstollende WK-wedstrijd mocht Daniele Pontoni het Italiaanse volkslied aanvragen. De Zwitser Thomas Frischknecht was zeer verguld met zijn zilveren medaille, terwijl Luca Bramati met de derde plaats het Italiaanse feestje compleet maakte. Daarachter finishten pas Van der Poel en De Vos. En Groenendaal? Die trok eigenlijk de lijn van de ontgoochelende resultaten van de afgelopen weken door. Goed, hij raakte verstrikt in een net waardoor de rem en het bevestigingssysteem van de schoen aan de pedaal onklaar raakten, maar daaraan schreef hij zijn zeventiende plaats niet toe. Het is bizar: terwijl twee Nederlanders wekenlang de buitenlandse concurrentie terroriseerden, besteeg voor het eerst sinds 1987 geen enkele landgenoot in welke categorie dan ook het erepodium. “Pontoni is de wereldkampioen van vandaag,” mokte Groenendaal. “Van der Poel en ik zijn de wereldkampioenen van het seizoen, maar daar koop je niets voor.”
Het is een beetje goedkoop om het oranje fiasco aan een verkeerde seizoensopbouw te wijten, al gaat voor Groenendaal zeker de stelling op dat hij de voorbije maanden te veel van zijn krachten heeft gevergd. Direct na het echec nam hij zich voor het volgende seizoen minder wedstrijden te rijden: alleen de grote en nog een handjevol andere. Of het er van komt is een tweede. Van der Poel ziet geen redenen een andere koers te varen. Waarom ook? “Het cross-seizoen is zwaar tot eind december. In januari is het minder druk, waardoor je voldoende aan rust toekomt. Het verschil met Richard is dat ik mentaal sterker ben. Ik heb in mijn carrière ongelooflijk afgezien op de weg, dat spreekt in mijn voordeel. Waar praten we eigenlijk over? Een cross duurt een uur. Als ik er 35 heb gereden heb ik dus niet meer dan 35 uur gekoerst. Dat is qua tijdsduur slechts één-derde deel van de Tour de France. Ook gisteren had ik een goed gevoel bij wat ik moest doen. Mij zul je evenmin horen praten over afscheid nemen. Zogauw je de jaren aftelt, ben je in feite niet meer gemotiveerd om door te gaan. Ik rijd in februari nog drie crosses, maar verheug me al op het nieuwe seizoen.”
Het 'erepodium' in het Olympiapark zoekt zijn wedstrijden daarentegen heel bewust uit. Pontoni, die een tijdje met de gezondheid sukkelde, raakte pas half december op drift. Hij won toen in het Spaanse Igorre, ofschoon hij op een Super Prestigewedstrijd in Overijse werd verwacht. Het was toen al de derde keer dat hij zijn contract aan zijn laars lapte. In Diegem maakte hij eind december die omissie meer dan goed, waarna hij in Pétange met de zegebloemen aan de haal ging. Anderhalve week later werd hij voor de negende keer in successie Italiaans kampioen. Pontoni evenaarde daarmee de prestatie van zijn landgenoot Renato Longo, die dertig jaar (!) geleden de laatste Italiaanse wereldkampioen bij de profs was. Pontoni was in 1992 ook drager van de regenboogtrui, maar dan als amateur.
Onstuitbaar
De winnaar van liefst 18 Super Prestigewedstrijden in zijn loopbaan was gisteren ondanks drie valpartijen onstuitbaar. Hij had in het begin geluk - de Spanjaard Maceira stapte bij een hindernis van de fiets, viel en blokkeerde zo de weg voor Van der Poel en Frischknecht - maar bouwde daarna zijn voorsprong gestaag uit. “Het was niet de opzet,” verklaarde hij, “ik merkte op een gegeven moment dat ik alleen voorop zat.” Frischknecht en Van der Poel begonnen een kansloze inhaalrace, Bramati raakte door malheur het contact met Pontoni kwijt. Het gevolg was een doodsaaie wedstrijd, die ook door de weinig boeiende achterhoedegevechten nooit enige allure kreeg.
Van der Poel berustte snel. Als hij zijn slechte ronde had mogen wegstrepen, zaten we andermaal met de wereldkampioen te praten, daar kwam zijn redenatie ongeveer op neer. Alles klopte verder: hij startte op een rijwiel met hard opgepompte banden en kon bij de eerste materiaalpost overstappen op een veldfiets. “De vorige week heb ik gesteld dat de kans op titelprolongatie tachtig procent was. Ik heb laten zien dat dat geen grootspraak was. Ik heb geleerd in uitzichtloze situaties rustig te blijven. Daarom heb ik geen moment overwogen de handdoek in de ring te gooien. Ook de mensen voor je kunnen fouten maken.”
Van der Poel zegt bij het opmaken van de balans dat hij zijn trui overal te gelde heeft gemaakt. “Niet alleen voor mezelf, maar ook voor de sponsor en de sport.” Door de opkomst van het mountainbiken leek het veldrijden een snelle ondergang tegemoet te gaan. Het tegendeel is vooralsnog waar: in München waren gerekend over twee dagen 35 000 toeschouwers. Pontoni, Frischknecht en Bramati blijken beide sporten goed met elkaar te kunnen combineren. De nieuwe wereldkampioen was vijfde in Atlanta, Frischknecht haalde achter Brentjens zilver. Als ATB'er verdient de Zwitser een slordige kwart miljoen per jaar, maar hij gunt zichzelf ook een lange carrière als veldrijder. In dat kader had hij een mooi compliment voor Van der Poel in petto: “Ik hoop de sport op zijn manier te kunnen blijven beoefenen, waardoor ik misschien ook op mijn 36e nog wereldkampioen kan worden.” Voor de goede orde: de bijna 27-jarige Zwitser grossiert, net als Van der Poel (37) vroeger, in tweede plaatsen.
Het Brabantse idool eindigde in elf WK's nooit lager dan de vijfde plaats. Veldrijden is nu alles voor hem. Zijn weg- en mountainbikeprogramma staat de komende zomer volledig in dienst van het volgende cross-seizoen. Nadat hij jarenlang zijn eigen gang ging in de voorbereiding, is Van der Poel onder leiding van regiotrainer Nico van Hest min of meer aan een nieuw wielerleven begonnen. “Zijn manier van trainen is heel leuk, heel speels. Die sessies van twee uur zijn mentaal niet belastend.” Van der Poel was al voorzichtig benaderd om Martin van Dijk op te volgen als bondscoach. Hij gunt de eer graag aan Van Hest.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.