Van een onzer verslaggeefsters AMSTERDAM - De twijfel over de realisering van de stadsprovincie Amsterdam groeit, zelfs bij bestuurders in het betrokken gebied. Dat bleek tijdens een debat, gisteravond in de Amsterdamse Amstelkerk.
Zelfs een verklaard voorstander als CDA-wethouder Kroon van de Haarlemmermeer opperde, dat de gemeenten binnen de beoogde stadsprovincie “ook op een andere manier kunnen samenwerken, zeker als Amsterdam niet zo wordt opgedeeld, dat in de stadsprovincie gelijkwaardige gemeenten ontstaan”. Met andere woorden; als het rijk blijft volharden in vijf (in plaats van 13) Amsterdamse deelgemeenten, zijn die voor de buurgemeenten van Amsterdam te groot, en haken ze af.
En de Amsterdamse PvdA-wethouder Guusje ter Horst liet nogmaals weten, dat als de beoogde stadsprovincie niet de (volgens Amsterdam) noodzakelijke bevoegdheden krijgt, “Amsterdam die provincie helemaal niet wil. Het lastige van het referendum is dat dat middenin de onderhandelingen valt, die Amsterdam nog met het rijk voert en dat de Amsterdammers daaarom op 17 mei ook zo'n moeilijke keuze hebben”, vervolgde Ter Horst. 'Nee hoor', klonk het uit de volle kerk.
De wethouder herhaalde dat, als de Amsterdammers de stadsprovincie volgende week in meerderheid afwijzen, het stadsbestuur meteen op zal houden met de onderhandelingen met het rijk. “Maar, zoals u weet, beslissen wij niet, maar de Tweede Kamer en de regering.” Volgens oud-directeur Hengeveld van de Amsterdamse dienst stadsherstel “lijkt dat erg op chantage uit Den Haag. Als wij 'nee' zeggen, zijn we geen partij meer in de onderhandelingen”. Volgens Ter Horst is in dat geval het rijk aan zet, en zal Amsterdam, als de regering met alternatieven komt, zoals een agglomeratiebestuur, op basis daarvan verder onderhandelen.
Ter Horst verklapte gisteren ook dat B en W vandaag bekend zullen maken dat, volgens de becijfering van onderzoeksbureau Twijnstra en Gudde, de stadsprovincie een besparing van enkele miljoenen guldens zal opleveren. Volgens de wethouder zal dat geld besteed worden aan belastingverlaging of vergroting van de dienstverlening.
Eigenlijk was burgemeester Opstelten van Utrecht het enige forumlid dat geen enkele twijfel had over het nut van de stadsprovincie, maar zijn gemeente wil dan ook graag in een stadsprovincie opgaan, maar mag dat vooralsnog niet van het rijk.
“We praten hier nu al vijftig jaar over, terwijl er in het buitenland zulke succesvolle resultaten mee worden geboekt.” Hij pleitte, met wethouder Ter Horst, voor een krachtige stadsprovincie. Dat deed een D66-statenlid verzuchten, dat Noord-Holland, met diezelfde bevoegdheden, die taken natuurlijk ook gewoon kan verrichten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.