DEN HAAG (ANP) - Zomertijd. Voor- en tegenstanders ruziën over de effecten. Kinderen, ouderen en dieren zouden van slag raken. Het bedrijfsleven moet de elektronica steeds aanpassen en de transportsector ondervindt problemen door afwijkende internationale tijden. En mensen zouden meer ongevallen veroorzaken doordat zij uit hun ritme zijn.
Binnen de Europese Unie woedt een discussie over de kunstmatig ingestelde tijd. De besparing van energie, waar het ooit om begonnen is, blijkt nog geen half procent te zijn. Frankrijk wil af van de zomertijd. Die vindt de marginale voordelen niet opwegen tegen de vermeende nadelen.
Komend weekeinde wordt de klok weer een uur teruggezet. Dan wordt het in de ochtend eerder licht en in de avond vroeger donker. Het grootste deel van het jaar is het daglicht met de klok kunstmatig naar achter verschoven, om er effectiever gebruik van te kunnen maken.
Dit jaar duurt de zomertijd voor het eerst een maand langer dan voorgaande jaren, omdat het Europese vasteland zich heeft aangesloten bij Groot-Brittannië en Ierland. In 1997 zal dit ook het geval zijn. Daarna is de situatie nog niet duidelijk. De Europese Commissie heeft voorgesteld de huidige richtlijn met drie jaar te verlengen tot 2001.
Frankrijk is als enige tegen. “De Fransen storen zich vooral aan de twee tijdswisselingen. Maar wat ze dan wel willen, is niet duidelijk. Mogelijk willen ze het hele jaar óf zomer- óf wintertijd. Parijs voert hierover binnenkort een parlementair debat”, zegt een woordvoerder van de permanente vertegenwoordiging van Nederland in Brussel.
De kwestie is volgens hem urgent geworden. “Er moet snel een beslissing komen, want luchtvaartmaatschappijen en grote vervoersbedrijven zijn nu al bezig met de planning van 1998.” Als Frankrijk zijn standpunt heeft bepaald, moet de zaak nog naar de Europese Raad en het Europese Parlement.
Energiebesparing was voor Nederland in 1977 de aanleiding om de zomertijd in te voeren, in navolging van onder meer Frankrijk. Maar uit metingen blijkt dat de totale zomerperiode nog geen half procent besparing oplevert. De Sep (Samenwerkende elektriciteits-productiebedrijven) meldt dat alleen effect optreedt in de weken pal na de verschuiving van de klok, zowel in voor- als najaar. Het gaat om enkele procenten.
De Sep stelt dat als de wintertijd net is ingegaan iedere namiddag een energiepiek ontstaat omdat lampen eerder worden aangezet. Dat betekent dat zolang de zomertijd voortduurt, minder verlichting nodig is. De Sep kan geen schatting geven van de energiebesparing die de extra 'zomermaand' oplevert.
In elk geval zijn recreatie-ondernemers in hun nopjes met de langere zomertijd aangezien de herfstvakantie nog precies daarbinnen valt. “Bezoekers hebben meer tijd om bij daglicht attracties te bezoeken. Het patroon is dat mensen uitslapen en pas in de middag iets gaan doen”, zegt een woordvoerster van de Recron, die ruim 1 300 leden telt. In andere sectoren als land- en tuinbouw zijn er nauwelijks effecten. De Federatie van land- en tuinbouworganisaties LTO kan geen problemen achterhalen. “Dieren gaan op licht en donker af en schikken zich makkelijk naar nieuwe melk- en voedertijden”, zegt een woordvoerder. “Wel gebruiken boeren tijdens de extra zomertijd iets meer energie, omdat zij in de ochtend lampen moeten gebruiken op hun trekkers.”
Lichamelijke nadelen door de tijdsverschuiving blijken gering. “Het gaat meer om het psychologisch dan het biologisch effect”, zegt fysioloog prof. dr. W. Rietveld, die is gespecialiseerd in het bioritme. Hij vindt de geopperde nadelen zwaar overdreven. “Gemiddeld doen mensen er een dag over om zich aan te passen aan het uur tijdverschil. Een jetlag is ingrijpender.”
De biologische cyclus van mensen loopt uiteen van 23 tot 25 uur. “Uitgesproken ochtendmensen (23 uur) of avondmensen (25) hebben na een verschuiving het meeste last.” Kinderen en ouderen hebben iets meer tijd nodig. Rietveld: “Zij staan losser van sociaal-culturele invloeden, die mensen dwingen zich aan te passen aan de maatschappelijke klok.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.