*

 
dossier

Archief

jazz

KEES POLLING − 05/02/97, 00:00

Eerstvolgende concerten in Groningen (Grand Theatre, 7), Enkhuizen (Drommedaris, 15) en Amsterdam (BIM-huis, 28).

Hij liep namelijk al een tijdje rond met het idee om met zijn Bo's Art Trio de liedjes van 'Ja zuster, nee zuster' uit te voeren - de televisieserie waarmee hij en met hem half Nederland in de jaren zestig opgegroeid is. Wat de verwezenlijking van zijn plan opleverde, bleek zondagmiddag in Kunsthuis 13 in Velp. Daar speelde het trio voor een verrassend goed gevulde zaal een selectie uit de liedjes die Harrie Bannink en Annie M. G. Schmidt voor 'Ja zuster, nee zuster' hadden geschreven. Daartussen nummers als 'Op de step', 'Laat ze breien', 'Beer in de Stad' en 'Voor niemand bang'.

En voor niemand bang waren ze: Bo van de Graaf op afwisselend tenor-, alt- en sopraansaxofoon, pianist Michiel Braam en slagwerker Fred van Duynhoven. Want zij gingen zo vrij met de bekende liedjes om, dat ze soms zelfs praktisch onherkenbaar waren. Neem alleen al het titelnummer waarmee het concert begon. Het thema van 'Ja zuster, nee zuster' kwam een paar keer voorbij, maar rudimentair neergezet. In goede jazzmuziek dienen thema's slechts als uitgangspunt voor eigenzinnige, persoonlijk getinte excursies. En dat gebeurde bij Bo's Art Trio ook.

Viel er dan nog wel wat te genieten voor liefhebbers van de oude liedjes van 'Ja zuster, nee Zuster?' Wel degelijk. Zelfs zonder de teksten van Annie M. G. Schmidt, die immers niet gezongen werden, kreeg ook de nostalgisch ingestelde luisteraar zijn portie. In sommige liedjes werd de melodie bijvoorbeeld juist extra zwaar aangezet, zoals in 'Hendrik Haan' en het oorspronkelijk door Leen Jongewaard gezongen 'In een rijtuigje'. Maar zelfs die liedjes vertaalden de musici naar zichzelf toe. In 'Hendrik Haan' werd de melodie lekker vet gespeeld door Bo van de Graaf op tenorsax, terwijl Michiel Braam achter de vleugel zijn eigen verhaal verzon, met wilde, virtuoze escapades. In een ander liedje, 'Wie is er bang voor de bullebak', plaagde de saxofonist de kinderen op de eerste rij door ze in hun gezicht te toeteren.

Enigszins in tegenspraak met de programmatische invulling waren twee eigen composities die het jazztrio speelde. In deze stukken, toepasselijk 'BAT-1' en 'BAT-2' getiteld, waarbij BAT staat voor Bo's Art Trio, lieten ze niettemin horen ook zonder beproefde melodieën originele, pakkende muziek te kunnen spelen. Tja, waar een 'buikriemjaar' al niet goed voor is!

mailIcon print |