Leeft u in het besef tegenover een bepaald iemand, die dat zelf niet hoeft te weten, geen zuiver geweten te hebben en haat u daar eerder uzelf of die iemand om?
Naar ik vrees koester ik levenslange schuldgevoelens ten opzichte van uit mijn leven verdwenen - maar niet noodzakelijk overleden - vrienden en vooral vriendinnen en ex-echtgenotes. Haten kan ik er niemand om. Hoogstens mezelf, in het besef ergens in tekortgeschoten te zijn. Maar die eventuele zelfhaat wordt getemperd in de wetenschap dat het leven als zodanig één durende opeenvolging van tekortschieten is.
Houdt u van iemand?
Een té intieme vraag om in een dagblad te beantwoorden. Maar welaan: ik denk van iedereen in het bijzonder en van niemand in het algemeen. Van 'de mensheid' houden, dat heeft de wereld niet veel goeds gebracht. En ach, wat zou ik graag hopen dat een enkel blijk van liefde tegenover wie dan ook een sprankje licht zal hebben gebracht in het leven van die persoon. Jazeker, ik houd hartstochtelijk veel van iemand; het is echter maar de vraag of het object van mijn liefde daar zo gelukkig mee is.
Wat staat uw geluk in de weg?
Mijn schrijverschap.
Waarvoor bent u dankbaar?
Mijn schrijverschap.
Benijdt u weleens de dieren die het zonder hoop lijken te kunnen stellen, bijvoorbeeld vissen in een aquarium?
Vissen in een aquarium? Nou, neen. Maar hoe zit het met, bijvoorbeeld, honden en katten? Mag je die menselijke gevoelens als hoop toekennen? Dat zou impliceren dat ze ook een tegengesteld gevoel zouden moeten kennen. Ik waag dat te betwijfelen. Zeker, een geliefd huisdier leeft in de bestendige hoop op een lekker hapje, een compliment, een aanhaling. Maar juist in de bestendigheid ligt de ontkenning van het gevoel 'hoop'. Het lijkt me eerder een durende toestand van gelukzaligheid, want nooit emotioneel verbonden met gevoelens van verdriet, honger of treurigheid.
Welke hoop hebt u opgegeven?
De hoop ooit gelukkig te worden. Ben ik daarom ongelukkig? Laat ik zeggen: iets daar tussenin. Een Schopenhaueriaans gevoel van Gleichgütigkeit. Een vorm van dapperheid die ik niet altijd kan opbrengen en dus maak ik mezelf wel eens wijs op sommige momenten gelukkig te zijn.
Kan haat hoop voortbrengen?
Ik betrap mezelf er soms op iedere vorm van collectiviteit te haten en troost me dan met het idee dat dat gevoel mijn hoop op het individu herstelt. En anderszins: veel van mijn romans zijn uit een oprecht haatgevoel geboren en ook hier weer de troost dat het feit dat je überhaupt nog schrijft een hoopgevende gedachte is.
Wat hoopt u van reizen?
Reizen is een volstrekt zinloze aangelegenheid. Dat reizen je zou confronteren met je diepste zelf is een helaas verouderde, romantische gedachte. Van welke, vandaag de dag in de mode zijnde reisschrijver heb ik ooit een gedachte gelezen die dieper ging dan journalistieke oppervlakkigheid?
Hebt u een hekel aan contant geld?
Frisch besteedt nogal wat aandacht aan vragen over geld. Dit lijkt me een typische preoccupatie van Frisch die immers een Zwitser is. Misschien ben ik zelf echter ook wel een Zwitser; ik heb de neiging nogal schraperig te zijn als het niet om mijn persoonlijke genoegens gaat. Maar wat wilt u? Ik ben van het schrijven niet rijk geworden. En daar lig ik niet wakker van ook.
Zou u onsterfelijk willen zijn?
Neen. Ik zie de toekomstige samenleving niet als begerenswaardig om in te leven. Zij lijkt me niet op mijn al te menselijke en misschien wel laffe aard berekend. Het komt me bovendien als een onverdraaglijke gedachte voor mijn zich steeds hoger opstapelende herinneringen te moeten blijven kauwen en herkauwen. Onsterfelijkheid is de hel.
Zou u liever bij vol bewustzijn sterven of zou u verrast willen worden door een vallende dakpan, door een hartaanval, door een explosie enzovoort.
Een vallende dakpan is nooit weg. Zo is mijn vader ongeveer aan zijn einde gekomen toen hij, met militair verlof van het Normandische front, door zijn geboorteplaats Rheine wandelde. Een wat sullige manier van sneuvelen. Liever hoor ik Hein luid aan mijn deur bonzen, zodat ik in alle waardigheid kan besluiten mij een kogel door het hoofd te jagen. En geen kinderachtig gedoe met pillen, of plastic zakken over je hoofd. De mens moet toch ergens zijn waardigheid aan ontlenen?
Weet u waar u begraven zou willen liggen?
Ik heb de plek al eens in een van mijn romans beschreven. De Zuidhelling van het kerkhof te Driehuis-Westerveld waar, als de zon achter de duinen zakt, het landschap in een geheimzinnige gloed komt te staan. Op mijn graf graag een berkehouten kruis.
Hebt u vrienden onder de doden?
Ik denk dat ik onder de doden voornamelijk vrienden tel die ik niet persoonlijk gekend heb. Geliefde schrijvers, kunstenaars, componisten, enkele filosofen. Of de vriendschap wederkerig is blijft natuurlijk de vraag.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.