Het ging weer mis met strafballen. Vier jaar geleden miste Marc Delissen in de verlenging van de EK-finale tegen Duitsland de 23e doelpoging vanaf zeven meter. Gisteren kende de loterij tegen dezelfde opponent na veertien trekkingen de winnaar. Toen hadden Van der Weide, Brinkman en Lomans gemist en was er bij de zevende kans voor de Duitsers voor doelman Jansen geen redden meer aan.
De Nederlandse hockeyers hebben dit decennium mooie prijzen gewonnen: twee maal de wereldtitel, twee keer de Champions Trophy en ook nog eens het hoogste, het olympisch toernooi. Op de laagst ingeschaalde hoofdprijs in het rijtje, het Europees kampioenschap, rust al sinds 1987 een vloek. Het was overigens aan Oranje zelf te danken dat het in dit verband tot 2003 (Barcelona) op een nieuwe kans moet wachten.
In de tweede helft had Nederland het karwei eenvoudig moeten klaren. De stand was 3-2, de Duitsers zagen soms scheel van vermoeidheid, maar de ploeg van bondscoach Hendriks weigerde hardnekkig de mooiste kansen te benutten. Twee verdedigingsfouten, waaruit evenzovele velddoelpunten voor de Duitsers ontstonden, waren optisch doorslaggevend. Twee corners van Lomans en een tip in van De Nooyer boden in de reguliere speeltijd onvoldoende compensatie.
Ofschoon de wereld- en olympisch kampioen bij tijden weergaloos en bevlogen speelde, wist de sluwe collega van Hendriks, Paul Lissek, precies hoe hij de angel uit het Nederlandse spel moest halen: door het gevaar Teun de Nooyer te elimineren.
De mismoedige Bloemendaler liet zich steeds verder terugzakken en bereikte zodoende maar zelden zijn spitsen, die ook al niet in hun beste vorm staken. Veen miste raffinement, Geeris scherpte, Van Wijk geluk en Eikelboom raakte, geheel in de lijn van dit EK-toernooi, de meeste ballen maar half of niet.
De kater was groot. ,,Je speelt in het Nederlands team om alle toernooien te winnen'', zegt Veen. ,,Dus is het klote om de finale te verliezen, of dat nou op het EK, WK of een vierlandentoernooi is. We hadden het bij 3-2 af moeten maken. We waren beter dan de Duitsers, we hebben knoeperhard gewerkt. Zij wisten in de tweede helft niet meer wat ze moesten doen.''
Zo luidde ook ongeveer de analyse van Maurits Hendriks. ,,Duitsland heeft fouten van ons nodig gehad om te winnen. Er is geen diepere oorzaak.'' Voor de nationale trainer is de kritiek die doelman Ronald Jansen de vorige week liet horen, geen thema. De Bosschenaar gebruikte op de persoon gerichte aanvallen om het Nederlands elftal 'op scherp' te krijgen. Dat miste zijn uitwerking niet. En als er al sprake is van (onderhuidse) kritiek op de wetenschappelijke benadering van Hendriks, dan wordt dat in de wedstrijden op professionele wijze verbloemd.
Toen Jansen met zijn ongenoegen naar buiten kwam, speelde een recente botsing met Hendriks ongetwijfeld mee op de achtergrond. Door zakelijke beslommeringen kon hij in juni niet met de ploeg naar de Champions Trophy in Australiƫ reizen. De goalie regelde het op zijn werk wel dat hij zich ruim op tijd (vier dagen voor de eerste wedstrijd) bij het gezelschap kon voegen.
Daarmee ging Hendriks niet akkoord. Over een paar jaar zal hij vermoedelijk net zo reageren als zijn vrouwencollega Tom van 't Hek enkele weken geleden. Een van zijn speelsters moest een tentamen doen op de dag dat de ploeg naar het EK in Keulen vertrok. Van 't Hek maakte er geen enkel punt van.
Hendriks vindt het niet erg dat er af en toe gerommel is. ,,In een groep van 18 spelers en zeven begeleiders is er altijd wel iets. Dat mag ook best worden vastgesteld.'' De coach is daarbij ook niet te beroerd naar zichzelf te kijken, maar niet in een omgeving (het contact met de pers) waarin hij zich kwetsbaar zou opstellen. ,,Zelfevaluatie is een continu proces dat bij coaching hoort.''
Wat dat aangaat wordt hij in de rug gedekt door zijn aanvoerder Veen die zijn mond alleen in het praathuis 'De gesloten oester' zal roeren, en de onmiskenbare progressie in het elftal, dat een stuk frisser en gemotiveerder speelde dan in de Champions Trophy. Het team is bovendien zo geroutineerd dat het zich moeilijk van zijn stuk laat brengen. Daar heeft Jansen zijn maniertjes voor en daar heeft Veen zijn maniertjes voor.
,,Elke beginnende coach moet een gewenningsproces doormaken'', memoreert de laatste. ,,Ik heb er alle vertrouwen in dat het goed komt. Cruijff riep ook altijd dat je blijft leren. In ons geval willen we op de Olympische Spelen een hoger niveau halen dan vorig jaar op het WK. Je bent topsporter om elkaar beter te maken.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.