*

 
dossier

Archief

Omstreden proces ex-aanhangster RAF

Door: redactie − 19/01/96, 00:00

Van onze correspondent BERLIJN - Voor de rechtbank in Frankfurt is gisteren een opmerkelijk proces geopend. Opmerkelijk omdat het misdrijf bijna twintig jaar geleden plaatsvond. Opmerkelijk ook omdat het misdrijf er één was in een serie die in de zogenaamde 'Bloedige Herfst' van 1977 de Westduitse bondsrepubliek traumatiseerde.

De schimmen doken gisteren weer op, van de RAF-aanslagen, van de vermoorde werkgeversvoorzitter Hans-Martin Schleyer, van de dood in hun cel van Andreas Baader, Gudrun Ensslin en Jan-Carl Raspe - de harde kern van de Rote Armee Fraktion. En van de 'Landshut', het door een Palestijns commando gekaapte Lufthansa-chartertoestel. De kapers wilden de vrijlating van elf RAF-leden bewerkstelligen.

Aangeklaagd in Frankfurt is de 47-jarige Monika Haas. Ze wordt ervan beschuldigd medeplichtig te zijn geweest aan de kaping van de Landshut in oktober 1977. Het gijzelingsdrama kostte een piloot het leven en eindigde in het Somalische Mogadisjoe. Daar bevrijdden leden van de Duitse anti-terreureenheid GSG-9 de 87 gegijzelden en schoten drie van de vier Palestijnse gijzelnemers dood.

De vierde, Suheila Adrawes, raakte zwaargewond, maar overleefde. En deze inmiddels 43-jarige Palestijnse vrouw is de kroongetuige in het proces tegen Haas. Haar verklaring dat Monika Haas destijds in Mallorca, vanwaar het Lufthansa-toestel zou vertrekken, de wapens aan het Palestijnse commando afleverde, vormt het zwaarste bewijs voor de betrokkenheid van Haas.

Monika Haas, moeder van drie kinderen en werkend als ombudsvrouw bij de universiteitskliniek van Frankfurt, ontkende gisteren iedere schuld of medeplichtigheid. Haas woont al jaren legaal in Duitsland, in 1992 won ze voor de rechter nog een geding tegen het weekblad Der Spiegel, dat haar er in 1991 al van had beschuldigd in de Landshut-zaak de wapenkoerier te zijn geweest. Het weekblad baseerde zijn beschuldigingen op een dossier van de Stasi, de veiligheidsdienst van de inmiddels ondergegane DDR. De rechter oordeelde echter dat het Stasi-dossier ontoereikend was als bewijsvoering.

Dat de officier van justitie dit keer toch een proces tegen Haas begon stoelt vooral op de verklaring van Andrawes. De Palestijnse was na haar arrestatie in 1977 opgesloten in een Somalische gevangenis, maar wist onder mysterieuze omstandigheden te ontkomen. Na omzwervingen in het Midden-Oosten belandde ze in 1991 in Noorwegen. In november vorig jaar werd ze uitgeleverd aan Duitsland. Ze is nu in afwachting van haar proces en een mogelijke straf van levenslang.

Als daar niet de zogenaamde kroongetuige-regeling was. Die regeling bepaalt dat in bijzondere gevallen van coöperatie met de autoriteiten een flinke strafmindering mogelijk is. Concreet: wanneer Andrawes bij haar verklaring over Haas blijft, kan ze op een milde straf rekenen. In interviews heeft ze al aangeduid daar niet ongevoelig voor te zijn. Andrawes is inmiddels moeder van een dochter en gaf te kennen heel andere prioriteiten dan haar politieke overtuigingen te hebben.

Deze omstandigheid - de praktisch 'gekochte' bewijslast - maakt het proces tegen Haas enigszins dubieus. Monika Haas volhardt in haar onschuld. Naar eigen zeggen bevond ze zich in oktober '77 in Jemen, waar ze met haar Palestijnse echtgenoot en haar drie kinderen leefde. Haar derde kind was net geboren en leed aan een zware ziekte. In een televisie-interview zei Haas gisteren dat het voor haar 'fysiek onmogelijk is geweest' om op de vastgestelde datum op Mallorca te zijn. En de zaak van de RAF - ze was overigens nooit lid - had ze toen al afgezworen.

mailIcon print |