*

 
dossier

Archief

Van den Hoogenband miraculeus

Rob Velthuis − 10/12/99, 00:00

Uitnemend als individualist; fenomenaal in ploegverband. Met het prolongeren van zijn Europese titel op de 200 meter vrije slag deed Pieter van den Hoogenband niet meer dan van hem werd verwacht; als slotzwemmer van de 4x50 estafette was hij miraculeus, zoals wel vaker is gebeurd.

Nimmer gleed een zwemmer over vijftig meter sneller door water dan de PSV'er gistermiddag in Lissabon. Weliswaar ging het om een incourante 'split', maar nooit eerder was op de korte baan de barrière van 21 seconden geslecht; Van den Hoogenband buitte het overnamevoordeel in de aflossingsrace uit tot 20,93. Het bracht niet alleen een euforisch maar vooral ook onwerkelijk gevoel. ,,Dit leek wel over water lopen. Veel harder kan het niet, dan klap je uit elkaar.''

Een jaar geleden had Van den Hoogenband in Sheffield de magische snelheidsgrens net niet overschreden, maar leidde hij zijn kwartet wel naar Europese titel en onofficieel wereldrecord op de 4x50. Toen waren de vrije slagspecialisten Veens en Kenkhuis voorname stutten, die dit keer ontbraken. Waardoor de gelegenheidsploeg van gisteren na de beurten van Rijnbeek, Aartsen en Wouda in een normaal gesproken kansloze positie voor eremetaal lag. Tot de Geldropse torpedo werd gelanceerd en Kroatiƫ, Rusland en Groot-Brittanniƫ werden achterhaald. Waardoor alsnog brons uit het bad werd opgediept.

Van den Hoogenband heeft in het verleden wel vaker naar buiten gebracht dat zwemmen in teamverband iets speciaals in hem losmaakt. Daarbij speelt de opoffering voor anderen volgens hem een voorname rol, maar ook de gedeelde spanning die hem onbewust relaxter lijkt te maken. Ook de vliegende start maakt iets heilzaams bij hem los.

Vermoedelijk is Van den Hoogenband ook meer jager dan gangmaker. In internationaal goed bezette wedstrijden komt hij als slotzwemmer van de estafetteploeg bijna vanzelfsprekend in een positie waarin hij iets moet goedmaken. En dat gevecht maakt nu eenmaal meer adrenaline los dan het consolideren van een koppositie. Toch kan hij dat laatste ook meesterlijk. Zoals afgelopen zomer tijdens de EK in Istanbul, toen hij als slotzwemmer op de 4x100 met 47,31 ook al 's werelds snelste zwemmer ooit werd.

Tactisch is de zwemmer in korte tijd van jonge hond een sluwe vos geworden. In het verleden trachtte hij zijn tegenstanders met een overdonderend openingsoffensief te overbluffen, waarbij dan in de slotmeters het energiereservoir te zwaar bleek aangesproken. Zoals tijdens finales van Olympische Spelen en wereldkampioenschappen, waarin hij op het koningsnummer 100 vrij steevast als een van de eersten keerde, om vervolgens naast de medailles te grijpen. Gisteren bestreed hij de geslepen Italiaan Rosolino in de finale van de 200 vrij met een behoudende driekwart race, om op de laatste baan met de benen zijn befaamde vernietigende turbo te demonstreren.

Eigenlijk was de PSV'er van plan geweest ook een officieel Europees of wereldrecord te zwemmen. Al enkele malen was het hem de afgelopen twee jaar niet gelukt de begeerde topper op de 200 vrij in bezit te krijgen. En ook in Lissabon bleek al snel dat de omstandigheden er niet naar waren om de belegen continentale topper van Giorgio Lamberti of het mondiale summum van zijn grote olympische concurrent Ian Thorpe te overtreffen.

In plaats van het gebruikelijke lichte middagslaapje, viel Van den Hoogenband gisteren in een diepe bewusteloosheid die hem lang suffig maakte. Een gevolg van de jetlag, nadat hij enkele dagen geleden pas vanuit Amerika (Texas) in Europa was aangekomen. Vervolgens moest hij juist inzwemmen op een moment dat voor de openingsceremonie alle lichten boven het inzwembad waren gedoofd. Waarna in de eerste racehelft het lichaam aangaf dat een supertijd er niet inzat. Al zijn de regels voor een supersprintje over 50 meter uiteraard anders.

mailIcon print |