*

 
dossier

Archief

God is een huisbaas die er nooit is

BELINDA VAN DE GRAAF − 15/01/98, 00:00

Stel, je bent advocaat en je hebt nog nooit een zaak verloren. Daarnaast woon je in zonnig Florida, zie je eruit als de jonge god Keanu Reeves en heb je ex-fotomodel Charlize Theron als vrouw. Kortom, het gaat je voor de wind. Maar wat te doen als op zekere dag blijkt dat jouw cliënt eigenlijk helemaal niet vrijuit behoort te gaan. Zie je af van de zaak en kies je voor gerechtigheid of verkoop je je ziel aan de duivel?

In 'The devil's advocate' zien we wat er gebeurt als er voor de tweede optie wordt gekozen en Keanu Reeves dus letterlijk de advocaat van de duivel speelt. Als hemelbestormer Kevin Lomax bekommert hij zich niet om morele dilemma's. Sterker nog, hij heeft er een sport van gemaakt om een zaak te winnen en of het recht nu zegeviert of niet; Kevin Lomax drinkt er geen borrel minder om. En als een machtig, in New York gevestigd advocatenkantoor naar hem lonkt, heeft Kevin Lomax niet veel bedenktijd nodig. “Het is een woonplaats voor demonen”, waarschuwt zijn gelovige moeder nog, maar Kevin Lomax zwicht voor roem en rijkdom. Voor vierhonderd dollar per uur en een waanzinnig luxe appartement sluit hij een pact met de duivel. Het is geen duivel met hoorntjes, maar een hedendaagse variant die aan het hoofd staat van het machtige New Yorkse imperium in kwestie. Zijn naam is John Milton - uiteraard vernoemd naar de beroemde dichter van 'Paradise lost' en 'Paradise regained' - en hij wordt met satanisch genoegen gespeeld door Al Pacino.

Fascinerend is het om te zien hoe begerig de jonge advocaat zich in het superdecadente advocatenwereldje van John Milton en co. stort. De verbeelding van down-town Babylon tart daarbij alle verwachtingen. Computeranimaties zijn nu eens niet ingezet voor het creëren van ruimteschepen en dito monsters, maar voor een oogverblindende waterval bovenop een wolkenkrabber, de metamorfose van Al Pacino in de gevleugelde Lucifer en het tot leven wekken van marmeren beeldengroepen. Climax van deze magische helletocht is de scène waarin Al Pacino als aanklager van God optreedt en daarbij alle remmen losgooit. “God is een grappenmaker. God is een sadist. God is een huisbaas die er nooit is”, zo luidt het oordeel van de antichrist. En als in een nachtmerrie klinkt het keer op keer: “IJdelheid is mijn lievelingszonde!” Als dat geen wijze les voor Kevin Lomax is.

mailIcon print |