*

 
dossier

Archief

Ongemakkelijk protest voor enige illegaal die moet blijven

HANS MARIJNISSEN − 28/07/97, 00:00

AMSTERDAM - Een sliert van driehonderd buurtbewoners trekt door de Amsterdamse Pijp, met een swingende slagwerkgroep voorop, verontwaardigde notabelen direct daarachter, gevolgd door de spandoeken met 'Gümüs moet blijven'. Iedereen is het erover eens dat dit illegale gezin niet moet worden uitgezet, maar waarom voelt de deelname aan zo'n demonstratie dan toch zo ongemakkelijk?

Zojuist heeft de stoet de kruising voor Gümüs' winkel verlaten, het kruispunt, zegt actieleidster Anja Versnel, dat symbool is geworden voor de strijd tegen uitzetting en dat de buurt en Gümüs zo onlosmakelijk met elkaar heeft verbonden. Zie hem daar lopen, de bescheiden Turk en zijn vrouw, ingeklemd tussen GroenLinks-Kamerlid S. Varma en gemeenteraadslid R. ten Have, achter dat grote spandoek dat schande spreekt. Wie zou iets tegen hem kunnen hebben? Maar vanwaar dan toch dat onbestemd gevoel?

Het verzet tegen de uitzetting van het gezin van kleermaker Gümüs omdat hij niet heeft kunnen aantonen dat hij voldoet aan de wettelijke termijn van zes jaar waarin hij belasting en premies heeft betaald, is ontstaan uit een ware volkswoede. Het protest betreft pure, zuivere verontwaardiging van Amsterdammers die het niet pikken dat 'een van hen' de Pijp moet verlaten. In de hele discussie over Gümüs is dat een groot goed.

Er zijn periodes geweest dat er wekelijks gedemonstreerd is. En ook op deze zondagmiddag lopen honderden buurtbewoners mee. Krakers en gepensioneerden, gezinnen, jongeren en invaliden in karretjes, allemaal achter dat ene spandoek: 'Gümüs moet blijven'. Geen politieke partij heeft zich ermee bemoeid, geen vakbond heeft petjes uitgedeeld. Gümüs is van de Pijp, en het protest dat hem moet beschermen ook.

Het goede van die volkswoede is ook dat een Amsterdamse buurt, de illegaal landelijk een gezicht heeft gegeven. De lieden die zich hier onterecht hebben gevestigd en eigenlijk het land moeten verlaten, blijken opeens hardwerkende mensen te kunnen zijn met kinderen die vernederlandst zijn en van Ajax houden. Het uitzetten van illegalen blijkt meer om het lijf te hebben dan het uitgummen van wat namen in een register, maar elke verwijdering is een drama. Dat wist Nederland natuurlijk wel, maar nu is het zo duidelijk zichtbaar geworden.

De volkswoede om Gümüs, één van de zovele illegalen, levert van de andere kant ook een soort 'foster-parentsgevoel' op, en dat heeft een wat mindere smaak. De Pijp heeft haar illegale Turk, daar gaat ze voor, maar met de problematiek van de andere lang in Nederland verblijvende illegalen in met Gümüs vergelijkbare situaties, wordt niets gedaan. Het zou de actie wellicht te algemeen maken, en de betrokkenheid uit de buurt doen afnemen.

- Vervolg op pagina 3

Bordje boven de deur: de Pijp vernoemt plein naar Gümüs VERVOLG VAN PAGINA 1

Maar de actie voor één illegaal doet denken aan het VVD-gezin met op de schouw het fotootje van het dankbare kindje in India of Brazilië dat trouw wordt onderhouden, maar dat gezien de politieke keuze niet wakker ligt van het beknibbelen op de begroting van ontwikkelingssamenwerking.

Toch: als iedereen het protest organiseert voor de illegaal in zijn eigen buurt, onstaat er ook een breed protest. Maar zover komt het eenvoudig niet. Gümüs lijkt de enige illegaal van Nederland die recht heeft op een uitzondering. Maar hoe denkt de Pijp over die illegaal die al zo veel jaren met vrouw en kinderen in het Rotterdamse Overschie woont?

De stoet maakt in een half uur een carré door de buurt, en eindigt tegen vier uur weer op het kruispunt van de kleermaker, dat niet lang maar een kruispunt zal blijven, maar tot heus 'plein' zal worden bestempeld. D66-gemeenteraadslid R. ten Have onthult boven de deur van Gümüs het blauwe bordje 'Gümüs-plein, de Pijp', en begint aan een zeer merkwaardige toespraak. “Deze tekst gaat over Gümüs en regels”, zegt hij. “Er is in de gemeenteraad geen besluit genomen, en er ligt ook geen advies van de straatnamen-commissie. Toch maken we van dit kruispunt het 'Gümüs-plein'. Het gaat namelijk niet om de regels, maar om de toepassing ervan.

Daarom zou staatssecretaris Schmitz ook niet de regels hoeven te veranderen, maar slechts om humanitaire redenen een uitzondering moeten maken.'' Ten Have heeft nog nooit zo'n applaus gehad.

Maar klopt zijn redenering? Gümüs is volledig geïntegreerd in de Nederlandse samenleving. Is dat de reden voor een uitzondering op humanitaire gronden? Of heeft het volksverzet uit de Pijp de politiek in moeilijkheden gebracht, de illegaal tot mens gemaakt, en is dat de reden een uitzondering te maken? Het lijkt er wel op. Maar dan zou Gümüs als hij in een minder betrokken buurt had gewoond, dus wel uitgezet zijn. En een andere illegaal die nu moet vertrekken niet, als hij toevallig in het hoekpand in de Pijp had gewoond? Het riekt naar willekeur.

Kleermaker Gümüs neemt even bescheiden afscheid van de demonstranten als hij hen heeft verwelkomd. “Dank jullie wel.” Het onbestemde gevoel blijft. Er zijn gemakkelijker demonstraties.

mailIcon print |