*

 
dossier

Archief

De happy homo

PAUL CLITEUR − 13/01/98, 00:00

Nee, dat gaf nu niet bepaald een indrukwekkend beeld van de geportretteerde groep, het interview in HP/De Tijd over 'De happy homo' (2 januari). Strijd moeten leveren, gediscrimineerd worden, moeilijk 'uit de kast komen' - de homojongeren van tegenwoordig weten niet wat het is. Ze kunnen er ook met hun oma over praten, zeggen de homoseksuele twintigers over hun geaardheid. Als heteroseksuele ijveraar voor gelijke berechtiging van homo- en heteroseksueel was dat even slikken.

Ik loop nog met het beeld van de historicus A. L. Rowse in het hoofd, gevoed door lezing van zijn prachtige boek: 'Homosexuelen in de geschiedenis. Over ambivalentie in maatschappij, literatuur en beeldende kunst' (1977, Ned. vertaling 1984). Rowse presenteert ons een imposante galerij homoseksuelen en schetst de moeizame strijd voor maatschappelijke acceptatie. Hoeft niet meer, lijken de twintigers ons voor te houden. De emancipatie is al voltooid. Toch vind ik dat merkwaardig, want een van de meest elementaire rechten van de burger, namelijk dat hij de bevestiging van zijn liefdesrelatie erkend krijgt door de staat zonder dat gediscrimineerd wordt naar de vraag of het hier liefde tussen gelijk- dan wel verschillend geslachtelijke partners betreft, is nog niet voor alle burgers bereikbaar. Het geregistreerd partnerschap wel. Maar dat is eigenlijk een belediging aan het adres van de betrokkenen, al lijken de gelukkige twintigers daar geen moeite mee te hebben.

Laten we zien wat staatssecretaris Schmitz gaat doen deze maand. Dan moet zij hierover beslissen. En laten we hopen dat zij dan zelfstandig een beslissing neemt en de zaak niet weer terugstuurt naar een commissie, de Tweede Kamer, de rechter of (nog erger) een adviesbureau (politici zijn net als ambtenaren nog steeds verslaafd aan betaald, zelfs peperduur advies). Ik hoop op een ferm standpunt van een politica die met opgeheven hoofd eerst het kabinet en vervolgens de Kamer binnenstapt en zegt: 'Hier sta ik, ik kan niet anders'. Waar zijn de politici gebleven die zich niet voor elke beslissing laten souffleren?

Moeilijk kan dat in deze kwestie toch niet zijn. Om twee redenen kunnen we hoopvol gestemd zijn. Als eerste: mevrouw Schmitz heeft geen ambities voor een verlenging van haar politieke loopbaan en zij kan zich dus een principiële opstelling permitteren. Als tweede: over de openstelling van het huwelijk is de laatste tijd veel geschreven en de tegenstanders van het 'homo-huwelijk' (verkeerde term eigenlijk) hebben ons daarbij een enorme dienst bewezen. Het is voor ieder duidelijk geworden hoe zwak de zaak is die zij verdedigen. Moge mevrouw Schmitz een ferme beslissing nemen. Dan geven we haar absolutie voor het gemodder in de zaak-Gümüs.

mailIcon print |