Van onze correspondent BRUSSEL - “Dit is het niet.” Uiterst koel reageerde Marc Verwilghen, voorzitter van de commissie-Dutroux, gisteren op de plannen van de Belgische regering voor hervorming van de politie. De voorgestelde integratie van de verschillende politiekorpsen gaat lang niet zo ver als de parlementaire commissie enkele maanden geleden unaniem noodzakelijk vond.
In België bestaan drie verschillende politiekorpsen; rijkswacht, gerechtelijke politie en gemeentepolitie. Speurwerk van de commissie-Dutroux, die het afgelopen jaar bekeek hoe het onderzoek naar vermiste kinderen in zijn werk is gegaan, bracht aan het licht dat de drie diensten niet alleen nauwelijks samenwerken, maar elkaar bovendien vaak het licht in de ogen niet gunnen.
Heel wat zaken liepen fout doordat men weigerde informatie aan elkaar door te geven. Voor de commissie, onder leiding van de liberaal Verwilghen, was dat aanleiding te pleiten voor een volledige fusie van alle politiediensten.
De plannen die premier Dehaene gisteren bij de opening van het parlementaire jaar presenteerde, gaan echter niet zo ver. Alleen de gerechtelijke dienst en de BOB, de recherchedienst van de rijkswacht, zullen samengaan. Op plaatselijk niveau blijven gemeentepolitie en rijkswacht naast elkaar bestaan, al worden allerlei maatregelen genomen om ze beter te laten samenwerken. Vooral de Waalse socialisten van de PS hebben zich verzet tegen een samengaan op lokaal niveau. Zij vrezen dat daardoor de macht van de burgemeesters - in Wallonië zijn de meeste burgemeesters lid van de PS - over de plaatselijke politiekorpsen zal worden aangetast.
Dat de voorgestelde integratie, die over vier jaar opnieuw zal worden beoordeeld, niet ver genoeg gaat vindt niet alleen de voorzitter van de commissie-Dutroux, volgens opiniepeilingen momenteel Belgiës meest populaire politicus.
Kon premier Dehaene diens kritiek gisteren nog gemakkelijk naast zich neerleggen als die van iemand die in de oppositie zit, lastiger is het met de kritische kanttekeningen van een deel van zijn eigen christendemocratische fractie. Het gezaghebbende parlementslid Tony van Parys merkte in ieder geval fijntjes op dat het aan het parlement is om “de voorstellen aan te vullen of er zelfs een andere richting aan te geven”.
Behalve op de plannen voor de politie was er gisteren ook kritiek op het voorgestelde werkgelegenheidsbeleid van de regering. Het kabinet wil het komend jaar de loonlasten met een half miljard gulden extra verlagen, om de arbeidskosten op het niveau van de omringende landen te brengen. Dat is nodig, aldus Dehaene, om de Belgische arbeidskrachten niet uit de markt te prijzen.
Vakbonden en werkgevers zijn het erover eens dat dit veel te weinig is en dus weinig zoden aan de dijk zet. De liberale voorman Guy Verhofstadt kwam gisteren met een eigen, veel radicaler voorstel. Hij wil de loonlasten de komende drie jaren met 10 miljard gulden omlaag brengen. Dat zou goed zijn voor 160 000 banen. Het geld daarvoor zou onder meer moeten komen uit grootschalige privatisering en extra bezuinigingen.
Minister van Rompuy van begroting pareerde de kritiek door erop te wijzen dat, wil België de normen halen om aan de Europese eenheidsmunt euro mee te kunnen doen, er simpelweg geen gekke dingen gedaan kunnen worden. Volgens hem hebben de Belgen geen reden tot ontevredenheid, omdat de burger voor het eerst sinds jaren niet te maken krijgt met lastenverhogingen.
Desondanks daalt volgens de plannen volgend jaar het begrotingstekort naar 2,3 procent, ruim onder de norm van drie procent waarin 'euro-deelnemers' moeten voldoen. Alleen de omvang van de staatsschuld blijft een probleem.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.