*

 
dossier

Archief

Gereformeerde-Bondsdominees laten zich de nieren proeven

Door: redactie − 09/01/97, 00:00

Van een onzer verslaggeefsters DOORN - De Gereformeerde bond binnen de Nederlandse hervormde kerk proeft de eigen ziel. In het grootste en in vele opzichten stevigste bolwerk van orthodox-reformatorisch denken in Nederland weet men vele dingen eventjes niet zo zeker meer.

Het gevecht tegen de fusie met de Gereformeerde kerken lijkt verloren. Moegestreden en gelouterd nemen de bonders de eigen verhouding met de tijdgeest onder de loep. Kritiek van buitenstaanders is welkom.

Op de jaarlijkse predikantenconferentie van de Bond (gisteren en vandaag in Hydepark, Doorn) is een nieuw geluid te horen, een andere toon dan in de afgelopen jaren gebruikelijk was. Dat doet overigens niets af aan de ouderwets-knusse setting van een groep gelijkgezinde predikanten die twee daagjes in de bossen op 'schoolreisje' mogen. In de zaal van Hydepark hangt de ontspannen ontvankelijkheid, die hoort bij mannen die blij zijn dat ze voor een keer toehoorder mogen spelen in plaats van spreker.

Glad ijs

De godsdienstssocioloog Hijme Stoffels (Vrije Universiteit) tartte, als buitenstaander, dit gehoor gisteren niet nodeloos en koos voor de vergelijking die het dichtst bij de hand lag: “Ik waag me nu helemaal op glad ijs en dat terwijl ik amper kan schaatsen....” en zo gleed hij zoetjes naar de hardst te kraken noot: “Ik heb via krantenknipsels bekeken met welke verrassende initiatieven de Bond de laatste jaren zoal in het nieuws gekomen is. Dat was in feite maar één ding: het verzet tegen het Samen op Wegproces. Dat was erg duidelijk, voor vriend en vijand herkenbaar, maar het heeft tevens, terecht of niet, een nogal negatief imago opgeleverd.” Bovendien kon de militantie van sommigen niet verhullen dat de Bond, toen puntje bij paaltje kwam, sterk verdeeld bleek.

“Nu de Verenigde Protestantse Kerk er komt,” maande Stoffels, “lijkt een bezinning op plaats en betekenis van de Gereformeerde bond in de toekomstige kerk hard nodig.” “Welke schatten liggen er in de hervormd-gereformeerde traditie verborgen die je met anderen zou willen delen en wat zou je mogelijkerwijs van anderen in die toekomstige kerk kunnen en willen leren? Naast of in plaats van het conflictmodel zou het coöperatiemodel beproefd kunnen worden, landelijk, in de classes, van mens tot mens.”

Een woord als 'coöperatiemodel' vindt niet makkelijk een plaatsje in de karaktertekening van een strijdersbond 'ter verbreiding en verdediging van dé waarheid', al was het maar omdat de orthodoxie haar taal schoner houdt dan progressieven. Maar het zwartgepakte gehoor in Hydepark morde niet.

Stoffels raadde de bonders aan zich niet te isoleren, zich niet wereldmijdend in hol of zuil terug te trekken. Hij vroeg hen te onderkennen dat óók orthodox-reformatorische gemeenten met kerkverlating te kampen hebben, in te zien dat de evangelische beweging in hun kring in opmars is en te onderzoeken of de rijke traditie van de orthodoxie niet een betere vertaling, een betere 'communicatie' verdient: “In afgeslankte vorm zal het orthodox-protestantse volksdeel wel blijven voortbestaan binnen de Nederlandse samenleving (...). Kerkverlating zal zich blijven voordoen, maar altijd minder dan in liberaal-protestantse kringen. Tegelijkertijd hebben individuele ontkerkelijkte Nederlanders, geconfronteerd met de noden en leegten van het bestaan, soms ineens behoefte aan bezinning en verdieping. Onder welke voorwaarden kunnen orthodox-protestantse groeperingen er in slagen hen met de boodschap van het evangelie te bereiken?”

God uit Jorwerd

De echt-revolutionaire taal kwam op de eerste dag van de predikantenconferentie níet van de buitenstaander maar uit de boezem van de Bond, en wel uit het hart van dominee Maasland uit Barneveld. Wat is de essentie van het bestaansrecht van de Bond? De 'bevindelijkheid'? “Ik moet eerlijk zeggen het prototype van de 'bevindelijke mens' weinig meer tegen te komen onder ons. Hij lijkt verdwenen, zoals 'God uit Jorwerd is verdwenen', om het met de titel van het onlangs verschenen boek van Geert Mak te zeggen waarin deze aantoont dat zelfs in een klein Fries dorp de laatste halve eeuw bijna alles veranderd is”, stelde dominee Maasland genadeloos vast. De bevindelijke geloofsbeleving is niet meer, en daar helpt geen moedertje lief aan.

Waar is de orthodoxie dan wel goed voor? Zij voert een verwoede strijd tegen de moderne tijdgeest, vooral waar die zich bemoeit met de vragen van huwelijk, seksualiteit, geboorte en sterven, pornografie. Maar ook dat vindt bondsdominee Maasland te makkelijk: “Het je eenzijdig richten op moderne ethische vragen en dan ook nog geselecteerd en beperkt tot die we noemden, kan onbedoeld een escape worden voor de achterliggende problematiek van de vertolking van het Evangelie naar de mens van deze tijd.”

Van die 'vertolking' constateert Maasland, brengen de bonders niet veel terecht. “Iemand zei me onlangs: jullie preken zijn zo uniform, zo voorspelbaar, zo volgens een vast concept. Een bepaalde groep mensen krijgt iedere zondag te horen wat ze kennelijk volgens jullie inschatting horen willen. Het zijn vooral de mensen die van zekerheden houden en daarin elke week bevestigd willen worden...” Ds. Maasland verder: “Onze preken stellen veelal de kwestie van de heilstoeëigening in ruime mate aan de orde. Maar weten onze gemeenteleden eigenlijk wel wat dat heil is?”

Concreet zeggen hoe het anders moet, kon Maasland niet. Wel weet hij zeker: “Niet het hebben van een zuivere kerk is mijns inziens het belangrijkste, maar het zijn van een levende kerk. Want het geloof der vaderen ontleent zijn waarde alleen aan het geloóf of liever nog aan God die het geloof geeft en niet aan de vaderen.” Met andere woorden, laat dat Samen op Weg-proces maar zitten en zet alles op alles om de eigen gemeente te inspireren.

mailIcon print |