Van onze kunstredactie AMSTERDAM - De gemeente Amsterdam en restaurateur Daniel Goldreyer van het schilderij 'Who's afraid of Red, Yellow and Blue III' van Barnett Newman hebben een 'schikking' getroffen: Amsterdam betaalt Goldreyer een bedrag van 100 000 dollar (170 000 gulden).
Naast het geld is afgesproken dat alle betrokkenen zich slechts 'terughoudend' mogen uitspreken over de kwaliteit van Goldreyer's restauratie, tenzij in wetenschappelijke context. Zowel de gemeente Amsterdam als Goldreyer hadden in Amerika processen wegens respectievelijk wanprestatie en smaad tegen elkaar lopen. Amsterdam vorderde 12 miljoen dollar, nadat onderzoek had uitgewezen dat Goldreyer het schilderij grotendeels had overgeschilderd, in plaats van gerestaureerd. Goldreyer eiste 125 miljoen dollar van onder meer de vorige directeur van het Stedelijk Museum W. Beeren, restaurateur E. Bracht en kunsthistoricus E. van de Wetering, die zich negatief hadden uitgelaten over zijn restauratie.
Goldreyer werd in 1987 door het Stedelijk Museum benaderd voor de restauratie van het doek (2,45 bij 5,43) van Barnett Newman, dat hoofzakelijk uit een groot rood vlak bestaat. Een jaar daarvoor was 'Who's afraid of..' door een Amsterdammer als daad van 'kunstkritiek' bijna helemaal aan flarden gesneden. Toen Goldreyer het werk na vier jaar in september 1991 - hij zou er een jaar over doen - naar Amsterdam terugbracht, barstte de kritiek los: Goldreyer, die ruim acht ton voor zijn restauratie kreeg, zou het rode vlak hebben overgeschilderd, in plaats van alleen de scheuren te herstellen met behulp van minuscule penseeltjes, zoals hij zelf beweerde. De felle discussie die zich daarna ontspon - ook over de vraag hoe een conceptueel kunstwerk gerestaureerd zou moeten worden - mondde uit in een onderzoek door het Gerechtelijk laboratorium. Dat wees uit dat Goldreyer inderdaad met een lakroller een nieuwe (ondeugdelijke) verflaag had aangebracht.
Ondanks deze feiten werd de afgelopen jaren nauwelijks vooruitgang geboekt in beide processen, vooral vanwege de afwijkende procedures in het Amerikaanse rechtssysteem. De hele affaire kostte de gemeente Amsterdam tot nu toe al anderhalf miljoen gulden, terwijl het eind nog lang niet in zicht was. De balans slaat gunstig uit voor Goldreyer. Volgens woordvoerster M. Otten is er echter geen sprake van een knieval van de gemeente Amsterdam: “Goldreyer heeft al zijn procedures ingetrokken. Zijn eis was dat de restauratie en het schilderij nooit meer ergens ter sprake gebracht zouden worden. Er is nu wel sprake van een beknotting, maar de museale wereld kan in ieder geval weer vrij over het schilderij spreken.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.