Officieel is hoogbegaafdheid net zo'n 'erkend' probleem als haar tegenhanger: moeilijk leren of opvoedingsmoeilijkheden. Toen de overheid laatst een cd liet maken met vrolijke liedjes over de operatie Weer samen naar school heette die niet voor niets 'De wijsneus en de snotneus'. Basisscholen moeten het superslimme kind net zo aankunnen als het minder begaafde kind, vindt ze.
In werkelijkheid kan de 'slimbo' op aanzienlijk minder geld en faciliteiten rekenen dan het achterstandskind. “Als we van een bepaald geloof waren dat alleen een school had op Texel, of als mijn dochter een Lom-kind was geweest, zou er veel meer voor haar zijn en zouden we veel meer vergoed krijgen”, denkt Ina Barreveld, moeder van de hoogbegaafde Hagar. Vermoedelijk komt dat verschil doordat lang is gedacht dat slimbo's 'er toch wel komen'.
Verenigingen voor hoogbegaafden zijn er in ruime mate. Mensa Nederland (030-2545008) is een algemene vereniging voor hoogbegaafden. Daarnaast is er Hint (071-5611187), dat meer gespecialiseerd is in hoogbegaafdheid in het onderwijs en dat (bijvoorbeeld in Leiden) de begaafde kinderen van verschillende scholen een dagdeel per week bijeenzet in een klasje.
Ouders kunnen ervaringen uitwisselen bij de vereniging Pharos (030-2288825), die ook kampen voor slimbo's organiseert. Daarnaast bestaat de Stichting Facta (0172-574125), die begaafde kinderen stimuleert om buiten hun 'eigen' school extra diploma's te halen: bijvoorbeeld ondernemersdiploma's, vliegbrevetten of het MBO-diploma informatica.
Wetenschappelijk onderzoek naar hoogbegaafdheid gebeurt in Nederland vooral bij het CBO, het Centrum voor begaafdheidsonderzoek (024-3616146) van de Katholieke Universiteit Nijmegen, met de onderzoekers Mönks, Peters en Mooij.
Dergelijke centra bestaan ook elders op de wereld en op Internet zijn ze ruim vertegenwoordigd. Zo hebben de VS het NRC, het National Research Center on the gifted and talented, een samenwerkingsverband van vijf prestigieuze universiteiten. Daaraan is dr. Joseph S. Renzulli verbonden, naar wie in menig Nederlands boek over hoogbegaafdheid wordt verwezen.
In het voortgezet onderwijs zijn scholen die op een georganiseerde manier 'iets doen' voor hoogbegaafden niet dik gezaaid. De meest bekende is in Voorburg het Dalton Vatel, dat in 1992 een gesubsidieerd programma voor het jonge toptalent begon. Dat trekt leerlingen van verre. Ook het Zernike College in Groningen heeft een 'plus'-programma.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.