De rechtbank in Rotterdam heeft gisteren bepaald dat vier leden van een drugsbende de staat ruim 6,5 miljoen moeten betalen.
Volgens de rechters hebben de vier dit geld illegaal verdiend met cocaïnehandel. Justitie had 11 miljoen geëist. Het gaat hierbij om de de Iglo-zaak.
De ontnemingsvordering geldt als een van de grootste sinds de pluk-ze-organisatie van het openbaar ministerie (OM) in 1993 werd opgericht. Ze heeft tot taak veroordeelde criminelen hun illegaal verdiende vermogen af te nemen. Eind vorig jaar had het OM in vijf jaar tijd 20 miljoen aan criminele vermogens achterhaald.
De vier in de Iglo-zaak werden met tien andere bendeleden in oktober 1997 veroordeeld wegens de invoer van duizend kilo cocaïne, verpakt in containers diepgevroren garnalen. Het OM bedacht de naam Iglo voor deze zaak.
De 46-jarige hoofdverdachte kreeg de zwaarste straf: acht jaar. Daarnaast moeten de verdachten nu bedragen variërend van 500 000 tot bijna 5 miljoen betalen aan de staat.
Een verzoek van de advocaten van de vier om een beslag op Zwitserse banktegoeden op te heffen werd afgewezen.
Binnenkort begint in Den Haag het hoger beroep tegen enkele verdachten. Het gaat daarbij alleen om de opgelegde celstraffen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.