MOSKOU - Hoe de gijzeling in de Russische deelrepubliek Dagestan ook afloopt, voor Rusland is de Tsjetsjeense commando-actie een verpletterende nederlaag. Maar dat wil allerminst zeggen dat de Tsjetsjenen daarmee een overwinning hebben geboekt. Want anders dan bij de vorige massale gijzeling zijn vrede en een zekere mate van onafhankelijkheid voor Tsjetsjenië achter de horizon verdwenen.
De Tsjetsjenen blijken, ondanks de vernietigende oorlog van ruim een jaar, nog heel goed in staat de Russen in hun hemd te zetten. Daar is geen geweldig militair genie voor nodig. De zwakheden van Ruslands militaire moloch springen iedereen in het oog: log, slecht geoefend, ongedisciplineerd en corrupt. Tegenover snelle guerrilla-eenheden, zelfs als die een omvang bereiken van vier- tot zeshonderd man zoals in het plaatsje Kiezljar, staan de Russische generaals machteloos. Met hun grote overwicht aan wapens lijken ze maar één ding te kunnen: plat walsen.
Boedjonnovsk
Dat was dan ook de reactie op de vorige massale gijzeling, die in een ziekenhuis van het Zuidrussische stadje Boedjonnovsk. Pas nadat er meer dan honderd Russische doden waren gevallen bij de beschietingen van dat ziekenhuis, en er geen enkel uitzicht was dat de Tsjetsjenen murw gemaakt konden worden, durfde de Russische premier, Viktor Tsjernomirdin, het aan tussenbeide te komen.
Tot dan toe had de premier persoonlijk weinig van doen gehad met de oorlog; dat was steeds een zaak geweest van Jeltsin met zijn generaals en oorlogsadviseurs. Maar aangezien Jeltsin de grote staatsman speelde op de top van de G-7 in het Canadese Halifax en niet goed in de gaten leek te hebben wat voor een bloedbad zijn oorlogsgroep aan het aanrichten was onder de eigen bevolking in Boedjonnovsk, nam Tsjernomirdin politiek een grote gok en ging telefonisch onderhandelen met de commandoleider, Basajev, in het ziekenhuis.
Dat was een overwinning voor de Tsjetsjenen. Premier Tsjernomirdin stemde toe in vredesonderhandelingen en een vrije aftocht van het overvalcommando. De vastgelopen oorlog (de Russen waren min of meer de baas in de steden en het laagland, de Tsjetsjenen van president Doedajev zaten vast in het zuidelijke gebergte) leek toch nog een eervolle vrede te kunnen opleveren, waarmee beide partijen zouden kunnen leven.
De weken na de gijzeling van Boedjonnovsk waren hoopvol. De Russische generaals moesten een stap terug doen voor de vertrouwelingen van premier Tsjernomirdin, die de toon aangaven in de onderhandelingen. Af en toe waren er nog verspreide beschietingen en soms een gruwelijke moordpartij, die kennelijk bedoeld waren om de vlam weer in de pan te laten schieten. Want zowel bij de Russische als bij de Tsjetsjeense vechtjassen leefde diep wantrouwen over wat er al die weken werd besproken in het gebouw van de Organisatie voor vrede en samenwerking in Europa, de gastheer van de onderhandelaars. Maar de onderhandelaars lieten zich door het geweld niet afleiden van hun poging een akkoord te bereiken.
Ze bleven optimistisch totdat ze bij de kern van de kwestie kwamen, de mate van onafhankelijkheid die Tsjetsjenië gegund zou worden. Maar zelfs daarvoor leek een regeling gevonden te kunnen worden. Er was zelfs al sprake van verkiezingen voor een nieuwe Tsjetsjeense regering, die de afspraken zou moeten bezegelen.
Chantage
Toen begon het optimisme af te bladderen. De Russische onderhandelaars leken verder te zijn gegaan dan het Kremlin in Moskou kon verkroppen. Ook de Tsjetsjenen kregen ruzie met hun baas Doedajev in de bergen. Maar de onderhandelaars hielden vol en besloten - bij gebrek aan beter - een akkoord te sluiten tot terugtrekking en ontwapening van de strijdende partijen. Dat was eind juli, anderhalve maand na de gijzeling in Boedjonnovsk.
De Tsjetsjeense leider Doedajev zag er niets in. “De Russische zijde gebruikte chantage, bedreiging en fysieke druk”, klaagde hij. Venijniger was hij over zijn eigen team. Hij zei dat hij al zes dagen geen contact had gehad met zijn onderhandelaars, die “zich feitelijk onder arrest bevinden”.
De Russische onderhandelaar, de minister van binnenlandse zaken, Anatoli Koelikov, zag soortgelijke problemen aan zijn thuisfront. De overeenkomst zal, zei hij, “geen enthousiast onthaal krijgen, in Grozni noch in de bergen, of zelfs in Moskou”. “Er zijn krachten die er belang bij hebben dat het vuur van de oorlog voort brandt of op zijn minst door smeult.”
Wie of wat die krachten zijn, was en is onduidelijk. Koelikov, die een half jaar lang bevelhebber in Tsjetsjenië was geweest vóór zijn ministerschap, zei alleen dat het geen militairen waren, want die hadden “als geen anderen de zinloosheid ervaren van voortzetting van de oorlog”.
De belangen achter de oorlog zijn in Moskou voorwerp van eindeloze speculatie. Vaak wordt verwezen naar de oliewinning in Azerbeidzjan, de nabij gelegen ex-Sovjet-republiek aan de Kaspische Zee die hoopt een nieuw Koeweit te worden. Tsjetsjenië ligt strategisch voor de Russen, die nog altijd proberen mee te delen in de toekomstige rijkdom van Azerbeidzjan. Maar het blijft gissen naar de reden waarom Jeltsin pas eind 1994, drie jaar nadat Doedajev de onafhankelijkheid had uitgeroepen, besloot het landje weer in te lijven bij de Russische Federatie.
Jeltsin zelf zegt steevast dat de 'criminele bende' van Doedajev verjaagd moest worden, dat de Tsjetsjeense 'mafiapraktijken' oprukten in heel Rusland. Maar waarom zo lang gewacht? En hoe is het mogelijk dat de Russen niet in staat blijken Doedajev en de leider van het commando in Boedjonnovsk, Basajev, in handen te krijgen. Journalisten en politici blijken geregeld in staat beide heren, die de meest gezochte criminelen van Rusland heten te zijn, te spreken te krijgen in hun schuilplaatsen.
De verbetenheid in Moskou om een eind te maken aan de Tsjetsjeense opstand groeit met elke vernedering. Nu, terwijl de overvallers van het plaatsje Kiezljar met hun gijzelaars op weg zijn naar eigen gebied in de Tsjetsjeense bergen, roepen de Russische autoriteiten weer om het hardst dat de 'terroristen' hun straf niet zullen ontlopen. Maar dat zijn lege woorden zolang de Tsjetsjenen in staat zijn willekeurige plaatsjes onder de voet te lopen en de Russen voor gek te zetten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.