*

 
dossier

Archief

Met sterke service van Leferink is Luzern snel geslagen

NICOLIEN VAN DOORN − 30/01/97, 00:00

OMMEN - Als een partij zoetzure augurken hebben de volleybalsters van BTV Luzern zich gisteravond laten inmaken. Geen schijn van kans hadden ze tegen het niet eens zo geweldig spelende Ommen, dat in minder dan geen tijd 3-0 (15-6 15-7 15-6) op het scorebord liet aantekenen.

De aanhangers van Ommen, zo'n 400 in getal, worden niet bepaald verwend met de wedstrijden, die hun club tijdens het Europees bekertoernooi in eigen huis afwerkt. Twee weken geleden duurde de voorstelling in sporthal De Blokken tegen het zwakke Evpatoria uit Oekraïne welgeteld 62 minuten, tegen Luzern mocht het publiek gisteravond tien minuten langer blijven zitten. En als het nou nog een partij was geweest waarin iets te genieten viel. . . maar dat was ook al niet het geval. Hoezeer het Flater Pret Orkest, de Overijsselse versie van de Blauhuster kapel, ook zijn best deed om de sfeer erin te brengen, echt carnaval werd het geen moment.

Wie het niveau bezag van de Zwitserse bekerwinnaar, kreeg het bange vermoeden dat de sportbeoefening in dat land zich beperkt tot het op lange latten van een berg afrazen. Volleyballen kunnen ze in elk geval niet al te best. Dat verklaart waarom Luzern in de vier wedstrijden, die tot dusver in het Europees toernooi voor bekerwinnaars zijn afgewerkt, nog niet één set winnend heeft afgesloten. “Oh ja, is dat zo?”, vroeg Elles Leferink na afloop van de slachtpartij verbaasd. “Hé, dat wist ik niet.” Had ze dat vooraf dan niet nagekeken? Nee”, bekende de international, die ook in het nationaal team bekend staat om haar grenzeloze naïviteit. “Ik wist helemaal niks van deze ploeg.”

Het moet gezegd: onder alle narigheid van missers en flaters bleven de Zwitserse dames bijzonder positief. Bij elke geslaagde actie slaakten ze hoge gilletjes van vreugde. En zelfs na stommiteiten applaudisseerden ze nog voor elkaar, als de mislukking vooraf was gegaan door een gedurfde actie. Voor Ommen kwam het trouwens niet eens zo slecht uit dat het gisteren een zwakke tegenstander had. De Overijsselse club trad lichtelijk gehandicapt aan, doordat hoofdtrainer Pierre Mathieu en middenaanvalster Petra de Wild geveld waren door griep. De afwezigheid van sleutelspeelster De Wild kwam des te harder aan, omdat Ommen dit seizoen toch al een aantal ervaren krachten is kwijtgeraakt. Twee internationals vertrokken naar andere oorden: Aafke Hament en de Wit-Russische Natalie Novikova. De derde, de Chinese Xin Xu, kwam niet opdagen. Aanvankelijk deed de buitenaanvalster alsof ze tegen haar zin werd vastgehouden door een club in Shanghai, waar ze de zomermaanden had meegetraind om in conditie te blijven. Ommen, met wie Xin Xu een doorlopend contract had, stelde vervolgens alles in het werk om haar terug te krijgen, niet wetend dat ze in Shanghai een tweede contract had getekend en niet van plan was naar Ommen terug te komen.

Vlak voordat de competitie van start ging versterkte Mathieu zijn team met de Amerikaanse aanvalster Alyson Randick. Samen met Elles Leferink, Hanneke van Leusden, Natasja de Weerd, Karin Wullink en spelverdeelster Jetty Fokkens stond zij gisteren in de basis. Hoewel Mathieu onlangs heeft gezegd dat de 1.92 meter lange Randick zoveel potentieel heeft, dat hij van haar een van de vijf beste blokkeerders ter wereld kan maken, was daar niet veel van te merken. En ook Van Leusden stelde teleur met aanvallen, die het predikaat 'weloverwogen' beslist niet verdienden.

Gelukkig maar dat Leferink er was. De 20-jarige international, die dit seizoen ettelijke aanbiedingen uit Italië afsloeg, scoort steevast het merendeel van de punten. Als het haar beurt is om te serveren, gaat er een zucht van verlichting door de Ommense gelederen. Ook gisteren was Leferinks service goed voor drie, vier of vijf directe of indirecte punten op rij. En zelfs verdedigend maakte ze veel goed, wat haar bij tijd en wijle traag reagerende teamgenotes lieten liggen.

Voor Ommen zijn de zeven poulewedstrijden, die de Nederlandse bekerhouder in Europees verband speelt, leerzamer dan alle competitiepartijen bij elkaar. Niet omdat de Europese teams sterker zijn dan de gemiddelde Nederlandse eredivisieclub, want dat is vaak niet eens het geval. Wat de Europese teams waardevol maakt, is dat het onbekende tegenstanders zijn met onbekende spelpatronen. Om daar goed op in te kunnen spelen, zijn improvisatievermorgen en flexibiliteit vereist. Eigenschappen die in de landelijke competitie, met door en door bekende tegenstanders, zelden nodig zijn.

Dat Ommen nog lang niet zo flexibel is als het wel zou willen zijn, bleek drie weken geleden toen het volkomen onnodig van de Portugese club CS Madeira verloor. Verloren ging een week geleden ook de uitwedstrijd tegen het Tsjechische Olymp Praha. De overwinning op Evpatoria maakte veel goed, vooral omdat het voor Ommen de eerste zege was in Europees verband. Die gisteren dus gevolgd werd door de tweede. “Ik had er iets meer van verwacht”, zei Leferink. Maar hoe zwak de tegenstand ook was geweest, met de zege was ze blij. “De laatste tijd ging het niet zo goed, zo'n overwinning geeft weer wat zelfvertrouwen.” Trainer Mathieu en teamgenote De Wild had ze niet gemist. “Of Pierre er nou wel of niet is, daardoor moet je niet minder presteren. Als je een wedstrijd speelt, moet je er honderd procent voor gaan met wie je op dat moment hebt. En niet klagen, want hoe meer je erover nadenkt wie er allemaal niet zijn, hoe kwetsbaarder je bent.”

mailIcon print |