KATWIJK - Noordwijk heeft afgedaan als serieuze kandidaat voor het kampioenschap van de hoofdklasse A. De 4-0 nederlaag tegen Katwijk, waardoor de achterstand is opgelopen naar elf punten, laat weinig ruimte voor een andere conclusie.
Het is de harde waarheid voor een club, die zich na een lang titelloos tijdperk eindelijk weer eens kansen toedichtte. Vorig seizoen dirigeerde Ruud Bröring zijn ploeg tot vlak achter de top twee FC Lisse en Scheveningen. Met in het achterhoofd de wetenschap dat de selectie op sterkte was gebleven en waar mogelijk zelfs nog verbreed, had dit seizoen het jaar van Noordwijk kunnen worden. Hoe faliekant anders is het gelopen. De competitie was koud begonnen of Patrick Scheurwater koos voor het lucratieve zaalvoetbal en tot overmaat van ramp brak Patrick van Dam al na een paar wedstrijden zijn onderbeen. Van Dam is intussen wel hersteld maar fysiek en psychisch nog niet topfit. Daardoor moet Bröring zich nog steeds bedienen van een in principe tweedekeus voorhoede. Dat is geen probleem tegenover de mindere goden in het veld, maar wel een zwaarwegend euvel tegen de gevestigde orde. Vlak voor de winterstop legde Scheveningen Noordwijk op de pijnbank (3-0) en zaterdag herhaalde Katwijk die oefening.
Met een 3-5-2 veldbezetting heeft Noordwijk getracht Katwijk het leven zuur te maken. Bröring hinkte daarmee op twee gedachten. Aan de ene kant wel het risico van achterin één op één spelen, met daartegenover voorzichtigheid voorin en extra zekerheden op het middenveld. Die aanpak leverde Noordwijk in een vrij saaie eerste helft wel veel balbezit op, maar ook niet meer dan dat. De bijna foutloos opererende achterhoede van Katwijk, met de ijzig kalme Carlo van Zelst in de hoofdrol, kwam amper in de problemen. Alleen Cees Smit, een verdediger nota bene, zorgde af en toe voor dreiging.
Noordwijks verzet stuikte na de pauze in een duizelingwekkende vaart in elkaar. Katwijk legde iets meer felheid in de persoonlijke duels, schakelde ook een tandje hoger en oogstte na negen minuten de openingstreffer van libero Johan van der Meer, die met wiskundige precisie slecht uitverdedigen van Noordwijk afstrafte: 1-0. Het weerwoord van Noordwijk miste vervolgens elke overtuiging, ook nadat Bröring was overgestapt naar een driemansvoorhoede. Spits Fred Bloem en de invallers Niels Karremans en Peter Harskamp bleven een machteloos aanvalstrio, mede door het ontbreken van steun in de rug.
Katwijk bouwde onderwijl bijna freewheelend aan zijn doelsaldo en een brok zelfvertrouwen voor later. De ploeg van trainer Bob Kootwijk gaat voor de hoogste prijs. In elke linie steekt voetbaltalent. De vastheid van Van Zelst, het inzicht van Van der Meer, de speelsheid van Peter van Duyn en het scorend vermogen van Hans Zwaan (veertien doelpunten in de competitie), het zijn stevige schakels in een groter geheel. Maar ook de vleugelspitsen Marco de Ridder en Björn Raven, die zaterdag goed was voor twee treffers, hebben recht van spreken. Of anders Marco van der Plas wel. De geroutineerde linkermiddenvelder schreef pal voor tijd van grote afstand met 'buitenkantje links' de 4-0 in de boeken. “Schiet je een keer half mis, gaat-ie erin”, genoot de doelpuntenmaker na van zijn technische hoogstandje.
“De 3-0 en 4-0 waren geflatteerd”, vond Bröring, maar de trainer erkende ruiterlijk dat zijn team slechts een uurtje de koploper had kunnen bijbenen. Op de vraag of Noordwijk toch niet wat harder van zich af had moeten bijten, luidde het antwoord: “Katwijk is veel gehaaider dan wij in dat soort zaken. Hakken is het makkelijkste dat je kunt doen, maar dat is tegen mijn zere been. De top bereiken kan zonder schoppen, daar blijf ik bij.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.