*

 
dossier

Archief

Politie moet weer brandschoon worden

Door: redactie − 02/02/96, 00:00

DEN HAAG - Politie en justitie moeten bij de opsporing en bestrijding van de georganiseerde misdaad weer brandschoon te werk gaan. Geen geheime operaties meer. Wat de enquêtecommissie betreft zijn burger-infiltratie, het inzetten van kroongetuigen en vooral het 'doorleveren' van zowel hard- als soft drugs voortaan volstrekt taboe.

De politie mag alleen nog kleine proefzendingen soft drugs bij hoge uitzondering op de markt laten. Maar de commissie denkt dan eerder 'in kilo's' dan in containers vol. Alleen de CDA'er Koekkoek vindt dat in speciale gevallen ook het doorlaten van kleine partijen hard drugs mogelijk moet blijven.

De 'Delta-methode', waarbij meer dan 100 ton drugs op de markt zijn gelaten, is volgens Van Traa onverantwoord. Zowel in Haarlem als in Hilversum heeft de politie zich laten betalen met crimineel geld. Informanten hielden het opsporingsapparaat in gijzeling.

Alle opsporingsmethoden moeten voortaan bij wet aan strenge voorwaarden worden gebonden. In de praktijk zullen politie en justitie minder vaak of minder makkelijk kunnen afluisteren, inkijken, tappen of infiltreren.

Commissievoorzitter Van Traa: “Het is hoog tijd dat iedereen weet waar men aan toe is. Opsporingsmethoden dienen in een democratische rechtsstaat een duidelijke wettelijke basis te hebben. “Dat voorkomt ook dat in elke mega-strafzaak de rechtmatigheid van de gebruikte opsporingsmethode in twijfel kan worden getrokken”, aldus Van Traa.

Als een chirurgisch team legt de enquêtecommissie bloot waarom het met het huidige pakket opsporingsmethoden wel mis móést lopen. Bij wet is nauwelijks iets geregeld over voorwaarden en toepassing van opsporingstactieken. Daardoor kon enorme wildgroei ontstaan.

Er onstonden geheime methoden. De Criminele inlichtingsdiensten (CID's) vonden dat ze niet alles hoefden te verantwoorden. In de praktijk is het volstrekt onduidelijk waar voor de CID de grenzen liggen. Officieren van justitie en rechercheurs bepalen zelf wat ze wel en niet mogen.

Wat de praktijk betreft: Tappen en observeren gebeurt momenteel te snel, te makkelijk. In veel opsporingsonderzoeken is het bijna een automatisme, waarbij de zwaarte van de verdenking nauwelijks relevant lijkt voor de beslissing. Van Traa vindt dat slecht uit oogpunt van de bescherming van privacy.

Te makkelijk ook krijgen informanten de garantie van absolute geheimhouding. “De cultuur van geheimhouding is te overheersend. Alleen over infiltratie door politiemensen zelf is de commissie redelijk gunstig gestemd. Het is een van de zeldzame momenten in het rapport waarop een complimentje wordt uitgedeeld. Gezien de beperkte inzet van politie-infiltranten in het land, is het een schrale troost.

De hoofdpunten die de commissie de Kamer aanreikt:

- De politie moet alle opsporingsactiviteiten vastleggen in een proces-verbaal. De rechter moet alles kunnen toetsen in openbaarheid. Alleen bij hoge uitzondering kan een deel van het opsporingsonderzoek geheim blijven. In dat geval toetst de rechter-commissaris in beslotenheid.

- In de zogenaamde 'pro-actieve fase', waarin hooguit een redelijk vermoeden is van een misdrijf dat wordt voorbereid of uitgevoerd, mag de politie telefoons aftappen, telefoonnummers printen, observeren (desnoods met video-apparatuur), scannen en peilzenders plaatsen.

- Direct afluisteren en inkijkoperaties mogen alleen als er een concrete verdenking is en niet slechts om informatie te verzamelen op basis van vermoedens.

- Steeds is toestemming nodig. Soms alleen van de officier van justitie. Soms van hogere autoriteiten. De verstgaande methoden vergen toestemming van het college van procureurs-generaal. Het gaat dan om het sluiten van deals met criminelen, het inzetten van politie-infiltranten, pseudo-koopacties, het opzetten van dekmantelbedrijven en het 'gecontroleerd afleveren' van kilo's drugs.

- Criminelen mogen hooguit tipgever zijn van de politie, ze mogen niet worden aangestuurd, laat staan infiltreren. Alleen advocaten en fiscalisten zijn betrouwbaar als 'stuurbare informant'.

- Het op de markt laten verdwijnen van grote partijen soft drugs of hard drugs mag onder geen enkele voorwaarde. De politie moet grote partijen altijd in beslag nemen.

- In Nederland is geen noodzaak voor het invoeren van het verschijnsel kroongetuige, waarbij een crimineel strafvermindering ontvangt in ruil voor informatie over collega-criminelen.

mailIcon print |