*

 
dossier

Archief

Arafat krijgt speciale rondleiding door het Holocaust-museum

Door: redactie − 21/01/98, 00:00

Van onze correspondent WASHINGTON - PLO-leider Jasser Arafat krijgt alsnog een uitnodiging om als officiële gast het Holocaust Museum in Washington te bezoeken. Het afgelopen weekeinde weigerde het museum de Palestijnse leider in zijn hoedanigheid van Palestijnse leider te ontvangen.

Arafat begint morgen in de Amerikaanse hoofdstad Washington besprekingen met president Bill Clinton. Duidelijk is intussen wel dat het besluit van de leiding van het museum de afgelopen dagen heeft geleid tot een enorme ruzie.

Met name Ruth Mandel, vice-voorzitter van het bestuur, maakt er geen geheim van dat ze er woedend over is dat Walter Reich, de directeur van het Holocaust Museum en Miles Lerman, de bestuursvoorzitter, haar niet hebben geraadpleegd voor ze het idee voor het bezoek afwezen. Mandel zei tegenover de Washington Post dat Lerman haar had bekend dat hij een verkeerde beslissing had genomen en zich had laten ompraten door Reich, die een uitnodiging aan Arafat beschouwt als verraad aan de Joodse zaak.

Zegt de Palestijnse leider na de zeer publieke schoffering ja tegen de uitnodiging - en medewerkers van Arafat lieten gisteren doorschemeren dat hij bereid is de voorgeschiedenis te vergeten - dan zal hij vrijdag door Lerman en Mandel persoonlijk worden rondgeleid.

Onduidelijk was nog of Arafat ook een krans zal leggen bij het gedenkteken in het museum. Directeur Reich, die blijft stellen dat het beleid niet is gewijzigd, meent dat hier geen sprake van kan zijn omdat een dergelijke handeling slechts is voorbehouden aan staatshoofden. Lerman ging in een telefonisch vraaggesprek met de Washington Post diep door het stof. Hij zei genoeg ruggegraat te hebben om toe te geven dat hij een fout had gemaakt en erkende verantwoordelijk te zijn voor de besluitvorming.

De museumvoorzitter: “Er is me te kennen gegeven dat als ik Jasser Arafat officieel uitnodig voor een bezoek aan het museum dat de achterban zal verdelen en hetzelfde geldt voor de Joodse gemeenschap. De ene helft zal me prijzen en de andere helft zal me vervloeken. Maar hoe meer ik erover nadenk des te meer meen ik dat een bezoek de vrede zal dienen.

Het idee om Arafat uit te nodigen voor een bezoek aan het museum is afkomstig van Aaron Miller, plaatsvervanger op het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken van Dennis Ross, de speciale regeringsafgezant voor het Midden-Oosten. Miller en zijn baas, die beiden lid zijn van het algemeen bestuur van het museum verwachtten een psychologische doorbraak in de houding van Joden te bewerkstelligen, die contacten met de Palestijnen wantrouwen en bij Arafat meer begrip te kweken voor de vrees van de Israëliers.

Het tweetal had overduidelijke steun van Madeleine Albright, de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, die het belangrijk vindt dat de Palestijnseleider ziet wat de verschrikkingen van de uitroeiïng van de Joden door het Duitse nazi-bewind zijn geweest. Albright verhulde zondag dan ook niet, hoe oneens ze het was met de weigering van het museum om Arafat te ontvangen.

In Israël zelf waren de reacties gemengd. Kabinetschef Dani Naveh was heftig in zijn afwijzing van een uitnodiging aan Arafat, daarmee verder voedselgevend aan berichten dat de leiding van het museum onder druk was gezet door Amerikaanse politieke vrienden van de Israëlische premier Benjamin Netanjahoe.

Avner Sjalev, de voorzitter van het bestuur van het officiele Holocaust-museum Jad Vasjem in Jeruzalem, was voorstander van het bezoek en werd daarin gevolgd door collega's bij andere gedenktekens van de Jodenvervolging.

De reacties bij de Amerikaanse ambassade in Washington zijn eveneens gemengd. Ambassadeur Eliahoe Ben Elissar vindt het nog te vroeg voor een bezoek van Arafat, maar zijn tweede man Lenny Ben David reageerde met: “Als hij er wat van opsteekt is dat meegenomen.”

mailIcon print |