Van onze correspondent BERLIJN - De Duitse minister van buitenlandse zaken, Klaus Kinkel, heeft de Britten te verstaan gegeven dat zij de komende maanden niet al te vaak dwars mogen gaan liggen bij de onderhandelingen over een nieuw verdrag van de Europese Unie.
Londen dreigt in een isolement terecht te komen als het op elk voorstel tot verdere Europese integratie nee zegt. “We kunnen niet tolereren dat het langzaamste schip het tempo van het hele konvooi gaat bepalen”, zei Kinkel in zijn ambtswoning in Berlijn na een gesprek met zijn Nederlandse collega Hans van Mierlo.
De andere lidstaten van de EU mogen Groot-Brittannië de komende tijd niet onder druk zetten. Het land heeft het al moeilijk genoeg met het EU-lidmaatschap. Vooral de Conservatieven van premier John Major zijn zwaar verdeeld. De verkiezingscampagne, die al op gang is gekomen, dreigt helemaal overheerst te worden door 'Europa'. “De Britten hebben tijd nodig”, aldus Kinkel. “En die tijd willen we ze ook geven.”
Maar Londen moet niet denken dat het alleen de krenten uit de pap mag halen en slechts van de partij is als het EU-lidmaatschap voordelen oplevert. In het jargon heet dat 'de flexibilisering van de Europese Unie'. De Britten zullen op alle terreinen volop moeten meedoen.
Ook Van Mierlo verzette zich tegen het idee van het 'Europa à la carte' waarbij elke lidstaat naar believen op deelterreinen van de Europese samenwerking meedoet. “Het zou een bedreiging voor Europa zijn als de Britten die kant op gaan. Daarvoor moeten we op onze hoede zijn.” Maandag liet premier John Major, na een gesprek met zijn Nederlandse collega Wim Kok in Den Haag, blijken wel brood te zien in dit 'flexibele Europa'. Kok leek hem daartoe ook de ruimte te willen geven.
Van Mierlo deed Berlijn gisteren aan op zijn rondreis langs de hoofdsteden van de EU-lidstaten. Nederland is sinds 1 januari voorzitter van de Europese Unie. Van Mierlo is al in Dublin en Stockholm geweest. Na zijn onderhoud met Kinkel vloog hij door naar de Oostenrijkse hoofdstad Wenen. Vandaag is hij in Parijs.
Het bezoek aan Berlijn heeft Van Mierlo geleerd dat Nederland weinig problemen zal ondervinden van de Duitsers bij zijn pogingen in juni tijdens de Europese top in Amsterdam een nieuw EU-verdrag op tafel te leggen. De twee landen zijn het op vrijwel alle punten volledig eens.
Zo willen de twee landen dat de EU-lidstaten op buitenlands terrein vaker met één stem spreken. Er zou bijvoorbeeld een secretaris-generaal voor het buitenlands beleid moeten komen. Ook moet het vaker mogelijk zijn dat de landen bij meerderheid besluiten nemen. “Anders komt Europa niet vooruit”, aldus Kinkel.
De Duitse minister sprak zijn vertrouwen uit in het Nederlandse voorzitterschap van de EU. Hij verwees naar de vorige herziening van de Europese regels die ook al onder leiding van de Nederlandse regering tot stand is gekomen: het Verdrag van Maastricht van 1991.
Van Mierlo sprak berichten in de Duitse pers tegen dat Den Haag, gezien de grote verdeeldheid, de moed al heeft opgegeven en de bekrachtiging van het nieuwe EU-verdrag aan de volgende voorzitter, Luxemburg, wil overlaten. “We hebben twee ambities. We willen het verdrag tijdens het Nederlandse voorzitterschap afronden, en we willen iets van betekenis afleveren.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.