*

 
dossier

Archief

Duitsland: Libië achter aanslag

Door: redactie − 08/02/97, 00:00

van onze correspondent BERLIJN - Het openbaar ministerie in Berlijn beschuldigt de geheime dienst van Libië ervan verantwoordelijk te zijn geweest voor een bomaanslag op een discotheek in de Duitse hoofdstad waarbij bijna elf jaar geleden drie mensen om het leven kwamen, onder wie twee Amerikaanse soldaten.

De Duitse justitie heeft vijf mensen in staat van beschuldiging gesteld. Het gaat om drie Duitsers, een Libiër en een Palestijn. Op één na zitten de vijf in een Duitse gevangenis in voorarrest. Drie van hen worden beschuldigd van moord en poging tot moord, de twee anderen van medeplichtigheid.

Op een persconferentie in Berlijn zei procureur-generaal Dieter Neumann gisteren dat er duidelijke aanwijzingen zijn voor de betrokkenheid van het bewind in Libië. “Het bloedbad in de discotheek is aangericht op directe instructie van de Libische geheime dienst.”

Justitie beroept zich op onderschepte radioberichten tussen de Libische hoofdstad Tripoli en de Libische ambassade in het toenmalige Oost-Berlijn. De ambassade kreeg in het voorjaar van 1986 opdracht 'zo snel mogelijk' een aanslag te plegen op een Amerikaans doel in Berlijn. De betrekkingen tussen Washington en Tripoli waren destijds zeer gespannen. Twee van de mensen die nu in staat van beschuldiging zijn gesteld, werkten destijds op de ambassade in Oost-Berlijn.

De Stasi, de geheime dienst in de voormalige DDR, was op de hoogte van de Libische plannen. Dat bleek toen kort na de hereniging van de twee Duitslanden het Stasi-archief geopend werd.

De aanslag, uitgevoerd met explosieven, had plaats in de vroege morgen van 5 april 1986. Het doelwit was de discotheek La Belle, populair bij in West-Duitsland gelegerde Amerikaanse militairen. Twee Amerikanen kwamen om het leven, evenals een Turkse vrouw. Ruim tweehonderd bezoekers raakten gewond, van wie tientallen ernstig. Onder de gewonden waren zestig Amerikanen.

De Amerikaanse regering zei destijds al dat er 'onbetwistbare bewijzen' waren dat Libië achter de aanslag zat. De Amerikanen wisten zelfs dat er een aanslag ophanden was, maar de betrokken inlichtingen kwamen een paar minuten te laat binnen om de militairen te kunnen waarschuwen.

De toenmalige president Reagan gaf dezelfde maand nog opdracht bombardementen uit te voeren, onder andere op het hoofdkwartier van de Libische leider Khadafi, die echter ongedeerd bleef. Reagan noemde Khadafi destijds 'deze dolle hond van het Midden-Oosten'.

Justitie in Berlijn is jaren koortsachtig op zoek geweest naar de verdachten.

mailIcon print |