*

 
dossier

Archief

Op de wagen mag hij niet telefonisch worden gestoord

GONNY TEN HAAFT − 27/01/97, 00:00

In het Friese dorp Noordwolde ging drieëneenhalve maand geleden een jongensdroom in vervulling. Tot grote vreugde van de 17-jarige Willem-Jan hield SRV-melkman Harry er plotseling mee op. Sindsdien rijdt Willem-Jan Lankman zes dagen per week toeterend door de straten van Noordwolde, zij het niet in Harry's wagen.

“Omdat ik pas zeventien ben, mag ik in zo'n wagen als Harry had, niet rijden. Mijn ouders zijn toen gaan informeren en kwamen er al snel achter dat een elektrische wagen wel mag, dus heb ik Harry's wagen ingeruild tegen deze.”

Terwijl hij behendig een groot stuk achteruit rijdt, bekent Willem-Jan in het verleden al vaak een gewone SRV-wagen bestuurd te hebben. In weekeinden en vakanties heeft hij vaak als hulpje van de melkboer gewerkt en natuurlijk - welke jongen ambieert dat niet - greep hij dan ook graag naar het stuur. “De politie controleert hier toch niet, het is eigenlijk vooral voor de verzekering dat ik wel zo'n elektrische kar moest nemen.”

Te Noordwolde - op dinsdag, donderdag en zaterdag - én te Noordwolde-Zuid - op maandag, woensdag en vrijdag - kijkt al niemand er meer van op, een jongen van zeventien die de melkmandjes vult. “Als je ziet wat die jongens van zijn leeftijd tegenwoordig allemaal uithalen, is Willem-Jan een wonder, wij zijn er heel blij mee”, zegt een oudere vrouw die net met veel moeite het trappetje heeft beklommen. Even later, als Willem-Jan het geld terug in haar portemonnee heeft gestopt, komt ze doelbewust nog even terug om haar enthousiasme nogmaals te ventileren. “Hij doet het écht heel goed hoor, hij biedt altijd aan te helpen.”

Die waarheid moet gezegd: Willem-Jan helpt elke slecht-ter-bene klant met sjouwen en de boodschappen van om het even wie, pakt hij keurig netjes in. Alsof hij al jaren in het vak zit, doet de jonge melkboer er alles aan zo klantvriendelijk mogelijk te zijn: bij het weggaan houdt hij elke keer opnieuw de deur weer open, zelfs de kleinste pluisjes op de vloer worden onmiddellijk verwijderd en voor eventuele nattigheid ligt een doekje altijd klaar. “Zeker in de winter is het schoonhouden veel werk”, vertelt Willem-Jan, “de grote beurt doe ik elke woensdagmiddag - de enige middag dat ik vrij ben - en dan schrob ik ook van buiten.”

Wat er zo leuk is aan melkboer zijn? “Het werk zelf”, antwoordt Willem-Jan, alsof iedere buitenstaander dan wel weet wat-ie bedoelt. “Je hebt veel contact met mensen. Ik heb ook nog in een supermarkt gewerkt, dat is veel anoniemer.”

Plus: op de wagen is hij eigen baas. En op die wagen, heeft hij zelf verordonneerd, mag hij niet worden gestoord. Het nummer van zijn mobiele telefoon is alleen onder zijn leveranciers bekend, voor kletspraatjes is Willem-Jan pas ná het werk weer in. Op vrijdagavond is dat pas na tienen, maar ook op andere dagen is hij meestal niet voor achten klaar. Na thuiskomst moeten immers alle vakken weer gevuld, de bestellingen voor de volgende dag weer doorgegeven en de bonnetjes geteld.

Ook stofzuigen en “een lapje door de vakken halen” doet hij elke avond, iets ergers dan een vieze kar kan hij bijna niet bedenken. “Meestal eet ik tussen de middag even thuis, dan probeer ik ook altijd te zuigen. Op vrijdag is het daar te druk voor, dan neem ik brood plus stoffer en blik mee. Tussen de middag zet ik dan de wagen ergens aan de kant en ga ik vegen.”

Niks in zijn kar staat scheef, elk artikel heeft een keurig leesbaar prijsje en de plakkaten met aanbiedingen zijn zo fraai mogelijk geschreven. 'Kassakoopje, vers van Willem-Jan, 3 kilo kippenpoten voor 10 gulden', meldt bijvoorbeeld het bordje vlak naast de kassa. “Zulke aanbiedingen doe ik in overleg met de leverancier”, legt Willem-Jan uit, “kortingen op eigen houtje kan ik natuurlijk moeilijk geven.”

Op de detailhandelschool leerde hij wel wat kneepjes van het vak, maar het meeste heeft hij naar zijn zeggen opgestoken tijdens de dagen dat hij als jongetje op een SRV-kar hielp. De SRV-man moet vooral volledig zijn, leert de theorie, dus zorgt Willem-Jan zelfs voor strooizout (5 kilo voor 3,99 gulden), wenskaarten en dagelijks verse kranten in zijn winkel.

In zijn nog zo prille carrière, heeft Willem-Jan zelfs al enkele leveranciers vervangen, zoals die 'van de zuivel'. “Maar dat deed ik pas ná een enquête onder de klanten, ik heb natuurlijk éérst hun mening over de eventuele nieuwe karnemelk gevraagd. Op twee na, vonden ze deze karnemelk beter. Omdat die nieuwe bovendien flessen levert die langer goed blijven - de houdbaarheidsdatum is iets waar elke klant op let - had ik de beslissing snel genomen.”

Al toen Willem-Jan vorig jaar klaar was met zijn school, zou hij het liefst meteen op een wagen zijn begonnen. Zelfs in de wijde omtrek was er echter geen wijkje voor hem vrij, zodat hij tot een vervolg-opleiding in de detailhandel besloot. Totdat enkele maanden geleden volkomen onverwacht melkboer Harry bij zijn ouders voor de deur stond. 'Ik hou ermee op', zei Harry, 'misschien wil Willem-Jan wel'.

“In een weekeinde hebben we het toen geregeld”, vertelt deze zelf, “Mijn ouders staan borg, de rest doe ik zelf. Het moeilijkste was mijn leeftijd: we hebben stad en land af gebeld of ik zou mogen rijden, maar zelfs verkeer en waterstaat kon geen goed antwoord geven. Toen kwam een buurman op het idee van een elektrische wagen, dat hebben we toen maar gewoon gedaan.”

Spijt heeft hij geen moment. Willem-Jan is een jongen die van aanpakken houdt, op vrije dagen - voor hem alleen de zondag - verveelt hij zich gewoon. Met zijn 250 tot 300 vaste klanten heeft hij goed contact, al zou-ie uit zichzelf niet gauw een gesprek beginnen. Zelfs bij de jongens van de meubelfabriek, een van zijn beste adressen op de route door Noordwolde-Zuid, blijft hij zoals hij is: wat verlegen, hulpvaardig en efficiënt. “Hier hoef ik maar te toeteren, of ze staan al binnen, met shag en koeken zit ik altijd goed.”

De streek van Noordwolde, gemeente Stellingwerf, is net wat minder arm dan het Friese noorden. Met het natuurgebied de Weerribben in de buurt trekt Noordwolde veel toeristen en daarnaast levert vooral de rotan-industrie veel inkomsten op. Vroeger zwoegden hier de veenarbeiders, later de vlechters en nu dan de rotan-vlechters, zo leert het heuse rotan-informatiecentrum dat Noordwolde rijk is. Ook in de naburige dorpen zijn rotanfabrieken en -winkels, een fenomeen waar de plaatselijke middenstand zoveel mogelijk van tracht te profiteren.

Toch merkt Willem-Jan goed dat voor zijn klanten elke cent telt. “Binnenkort wordt mijn huis-aan-huis folder weer bezorgd. Mensen die normaal geen klant zijn, komen dan bij mij. Meestal hebben ze eerst gekeken of ik wel echt goedkoper ben: met mijn folder staan ze dan in de supermarkt te vergelijken.”

mailIcon print |