CHARLEROI - Vlak voor de kerstdagen vond Trinko Keen een kaart van het Nederlands Olympisch Comité op de deurmat. “Wij zijn klaar voor Atlanta, jij ook?” Was getekend: André Bolhuis, chef d'équipe.
Na de Top Twaalf in Charleroi kan Keen die vraag met een bevestiging beantwoorden, maar de tafeltennisser worstelt met een probleem: hij is niet in het bezit van een ticket naar Atlanta. Tijdens de open Zweedse kampioenschappen in Stockholm voldeed hij aan de eis van NOC*NSF, maar vorige maand bracht Keen door fysieke ongemakken het Olympische kwalificatie-toernooi in Manchester niet tot een goed eind. De deur zit echter nog niet helemaal in het slot. Komend weekeinde meldt Keen zich samen met Danny Heister in Nantes, waar de kaarten voor het dubbeltoernooi in Atlanta worden verdeeld. En voor het enkelspel heeft de internationale tafeltennisfederatie (ITTF) nog een aantal wild cards in de aanbieding.
Met die laatste optie houdt Keen niet echt rekening. In het roddelcircuit (van Peter Engel wellicht?) heeft hij gehoord dat de enige wild card voor Europa reeds is toegezegd aan Calin Creanga. De voor Griekenland uitkomende Roemeen kwalificeerde zich evenals Keen in de Manchester Arena niet voor Atlanta, maar kennelijk heeft hij betere 'lobbyisten' tot zijn beschikking dan de Randwijker. In Charleroi deed Keen in de sportieve concurrentiestrijd met Creanga wel goede zaken. Hij won in zijn poule twee duels (op vrijdag van Waldner en een dag later van Chila), terwijl Creanga in zijn poule op een zege bleef steken. In het eindklassement vertaalde dat zich niet. Doordat zij in hun poules allebei als vijfde waren geëindigd, deelden zij in de eindstand de negende plaats.
Goudgekleurd
Voor Keen zat er echter nog een goudgekleurd randje aan het toernooi in sporthal La Garenne. Als enige speler was hij erin geslaagd om de uiteindelijk winnaar, Jan-Ove Waldner, te verslaan. Na zijn verdiende nederlaag tegen Keen kende de Zweed op de eerste dag nog wat problemen met Primorac, maar in zijn resterende partijen gaf hij nog maar een game weg: in de finale tegen de plaatselijke favoriet Jean-Michel Saive: 19-21, 21-19, 21-15 en 21-15. Daarmee won de 30-jarige Waldner zijn zevende Top Twaalf-titel en schopte hij het scenario in Charleroi geheel in de war. Dat was op het lijf geschreven van Saive, maar de Belg kon zijn rol van favoriet niet tot het einde vasthouden.
Keen toonde zich niet ontevreden met zijn debuut op de Top Twaalf, hoewel hij vond dat er meer had ingezeten. Na zijn opzienbarende openingszet tegen Waldner bleef hij nog een keer aan de goede kant van de score: 3-1 tegen Chila, de Fransman die zich na die teleurstelling met een pijnlijke schouder terugtrok. Die overwinning van Keen zat ingeklemd tussen twee verliespartijen, tegen de Kroaat Primorac en de Italiaanse Chinees Yang Min. Van beide spelers pakte hij een game, maar gaf hij ook tweemaal een grote voorsprong uit handen: 17-12 tegen Primorac en 16-9 tegen Yang Min. Keen meende dat hij daarvan wel iets had opgestoken. Dat leerproces gaf hij een cryptische omschrijving: “Als je wilt winnen na een achterstand, moet je weten dat je ook kunt verliezen na een voorsprong.”
Zijn aanwezigheid in het selecte toernooi met de beste spelers van Europa gaf Keen een stimulans, maar hij had moeite zijn evenwicht te bewaren op de smalle balk tussen winst en verlies. “Als je een fractie minder speelt, kun je ballen rapen”, was zijn ervaring. Keen wilde het late tijdstip waarop hij hoorde dat hij mocht meedoen niet als excuus gebruiken. Maar een voordeel was het in ieder geval niet. “Ik ben er ingerold en dat is mooi, maar dan moet je ook niet zoveel verwachten. Ik ben het niet gewend om dit soort toernooien te spelen. De andere spelers hebben een veel bredere basis op dit niveau. Een partij bijvoorbeeld tegen Rosskopf is voor mij een hele andere wedstrijd dan voor hem. Het kost mij veel meer energie.”
Pluspunt
Keen (24) vond het een groot pluspunt dat hij zo snel na het dramatisch verlopen Olympisch kwalificatie-toernooi weer in staat was om de Europese toppers goed partij te bieden. “Ik kan het aan, hoewel je op dit topniveau weer op nieuwe problemen stuit”, zei Keen, die op de Europese ranglijst van januari is gezakt van de vijftiende naar de zeventiende plaats. “Soms was het een beetje te hectisch, te snel en te hard voor mij. Zoals in de tweede game tegen Yang Min. Ik tegen penhouders goed uit de voeten, maar in die game werd ik er gewoon afgepeerd.”
Ook Theo Rieken had maar zelden een blik van paniek in de ogen van Keen gezien. “Hij heeft kansen tegen iedereen, vooral als zijn backhand goed loopt”, aldus Rieken, die ondanks het feit dat hij in full-time dienst is van de Nederlandse tafeltennisbond twee verlofdagen moest opnemen om Keen in Charleroi te coachen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.