*

 
dossier

Archief

Drie jaar geëist tegen milieucrimineel die vuil plastic exporteerde naar Derde Wereld

Door: redactie − 07/05/98, 00:00

Van een onzer verslaggevers ROTTERDAM - Volgens justitie is hij een grote milieucrimineel die nog drie jaar achter slot en grendel moet. Maar de 37-jarige handelaar in afval (tegenwoordig doet hij in beukennootjes) ziet zichzelf als slachtoffer van onduidelijke wetten, overijverige ambtenaren en van een compagnon die het niet al te nauw nam.

Voor justitie is de zaak tegen afvalhandelaar Gerard H. en zijn voortvluchtige compaan Gijs M. een testcase om een eind te maken aan de export van afval naar de Derde Wereld. Volgens officier van justitie L. de Jonge heeft het tweetal de goede naam van Nederland in de wereld geschaad door vuil te exporteren. De kern van de nieuwe Europese Verordening Overbrenging Afvalstoffen is juist “te voorkomen dat andere landen worden opgezadeld met ons afval”, stelde ze.

Alleen Gerard H. stond gisteren voor zijn Rotterdamse rechters. Zijn zakenpartner verdween tijdens zijn voorarrest na een weekeindverlof. Sindsdien staat hij op de opsporingslijst.

Jarenlang haalden H. en M. afvalplastic uit Duitsland om dat verder te verhandelen voor recycling. Maar er zat te veel vuil tussen dat plastic, vindt de Nederlandse overheid, en daarom had H. allerlei vergunningen nodig die hij niet had. Bovendien liet hij een spoor van ongedekte cheques en onbetaalde rekeningen achter zich.

Justitie zette tijdens het onderzoek zwaar geschut tegen hem in. Met telefoontaps en zelfs met een peilzender onder H's auto om zijn gangen na te gaan. Dat laatste werd een mislukking. Al na een week raakte H's toenmalige vriendin in paniek omdat er 'bom' onder de auto zat. H. bracht de zender zelf naar de politie omdat hij dacht dat hij het slachtoffer van een schuldeiser was geworden.

Beukennootjes

Vijf maanden zaten H. en zijn zakenvriend M. in de cel omdat justitie bang was dat zij het onderzoek zouden bemoeilijken en omdat er gevaar voor herhaling zou zijn. Sinds hij werd vrijgelaten uit dat voorarrest is hij een nieuw leven begonnen bij een boomkweker voor wie hij onder andere beukennootjes importeert.

H. had de gouden mogelijkheden van het afval ontdekt toen hij werkte voor een handel in oud papier. Duitsland ging zeer enthousiast aan de gang met het scheiden van afval in spullen die opnieuw te gebruiken zijn. Daardoor kwam Duitsland om in het plastic. Gerard H. wist daar wel raad mee. Vooral in Azië zijn nog goedkope handen te vinden die de plastic bergen uit kunnen pluizen op materiaal dat te verwerken is tot videocassettes, kleding, tassen en wat al niet meer.

Met zijn zakenvriend M., die het transport regelde, haalde hij drie miljoen kilo plastic naar Nederland. Ze huurden opslagplaatsen in Rotterdam, Oud Gastel en Woudenberg. Ook een varkensboer in Leusden die genoeg had van de biggen, verhuurde graag zijn stal voor de opslag van plastic en papier, zoals H. en M. hun afval presenteerden. “Plastic is beter dan varkensmest”, zei H. gisteren.

Stank

Maar het was meer dan plastic en papier. Vrachtwagenchauffeurs klaagden dat hun lading vreselijk stonk en dat de wagens er smerig van werden. Ook de varkensboer vond al dat plastic wel erg stinken, maar H. verzekerde hem dat het allemaal deugde. H. kreeg het wel aan de stok met de varkensboer toen bleek dat de huur was betaald met een ongedekte cheque. Daar kwam een rechtzaak van en opnieuw betaalde H. met een ongedekte cheque. “Hij probeerde zijn bedrijf te redden. Een kat in 't nauw maakt rare sprongen”, verdedigde H's advocate E. Bruyninckx die oplichting.

H. vond zelf ook wel dat hij uit Duitsland soms wat al te vuil plastic kreeg. Dat stuurde hij terug. Want hij wilde alleen industrieel plastic. Dat soort schoon plastic was goed door te verkopen aan verwerkers in Taiwan, Thailand, de Filippijnen en - via Hongkong - aan China.

Maar het Duitse bedrijf Noack dat hem het plastic stuurde, mengde dat industriële plastic met kunststoffen die waren gescheiden uit huisvuil. Plastic is plastic, vinden de Duitsers. De Nederlandse overheid denkt daar anders over. In Nederland is de herkomst van het afval wel van belang. Als het plastic uit huisvuil afkomstig is en er dus ook restjes shampoo, glas, hout en andere rommel tussen zit, dan wordt dat plastic als een zwaardere belasting voor het milieu gezien dan het schone bedrijfsspul.

Daarom had H. vergunningen voor in- en uitvoer nodig gehad, stelde officier van justitie L. de Jonge gisteren. Maar op de Duitse vrachtbrieven stond dat het volgens de Duitse regels 'groen' plastic is, dus H. vond die vergunningen niet nodig.

Ook voor de opslagplaatsen hadden H. en M. niet de juiste papieren, stelde de officier. Maar het tweetal ging ervan uit dat de verhuurder daarvoor moet zorgen. H. had er helemaal niets mee te maken, zei hij gisteren, omdat zijn zakenpartner M. verantwoordelijk was voor alles wat met transport te maken had. En die opslag in Nederland hoorde bij het transport omdat al het spul doorgevoerd zou worden naar andere landen.

Justitie kreeg echt een kluif in handen toen de Rotterdamse bedrijven van H. en M. vijftig containers afval naar Hongkong verkochten voor verwerking in China. De Chinezen kwamen zelf in Nederland kijken of er wel het schone, doorzichtige plastic werd ingeladen dat ze hadden gekocht. Ze hadden er 25 containers vol van besteld. Uiteindelijk kregen ze 50 containers met plastic dat vermengd was met rommel. Ze stuurden de hele handel terug naar Rotterdam, waar de overheid het in arren moede liet verbranden.

M. geeft zijn toenmalige zakenvriend de schuld van deze merkwaardige transactie. Maar in verhoren had de gisteren afwezige vriend juist M. als de kwade genius aangewezen.

Goede babbel

Justitie houdt het erop dat het tweetal een criminele organisatie vormde om met afval en de goede babbel van H. snel geld te verdienen. H. is bovendien hardleers, zei officier De Jonge. Ook toen het onderzoek tegen hem al begonnen was, stuurde hij nog vervuild plastic naar een verwerkingsbedrijf in Engeland dat de rotzooi meteen retourneerde.

Ze eiste een gevangenisstraf van drie jaar. Dat H. daardoor zijn baan in de beukennootjes zal verliezen, vond ze geen punt. “Hij praat goed genoeg om snel weer een nieuwe baan te vinden.”

Advocate Bruyninckx vond dat hij op alle punten vrijspraak verdiende, behalve dan die kwestie met de ongedekte cheques waarvoor misschien een werkstraf op zijn plaats zou kunnen zijn. H. had met het afval te goeder trouw gehandeld. Hij was het slachtoffer van het Duitse bedrijf dat een wanprestatie had geleverd door minder groen plastic te sturen dan was afgesproken.

Bovendien is de interpretatie van de Europese regels per land zo verschillend, dat de rechter zou moeten wachten totdat het Europese hof helderheid biedt, vond de raadsvrouw. Tijdens zijn vijf maanden voorarrest is H. zo geschrokken van de onderwereld die hij ontmoette in de gevangenis, dat hij een nieuw leven is begonnen. Nog meer celstraf zou hem beslist niet helpen, aldus de advocate. De Rotterdamse rechtbank vonnist op 20 mei.

mailIcon print |