PvdA-Kamerlid en medicus Oudkerk heeft gelijk: het zou buiten alle proporties zijn op basis van de geconstateerde fraude bij medisch specialisten de gehele beroepsgroep in een kwaad daglicht te stellen. Dat neemt niet weg dat de voorzitter van de Orde van medisch specialisten, Kingma, zijn best heeft gedaan een dergelijk vooroordeel krachtig in de hand te werken.
Dat deed hij in de eerste plaats door het probleem te kleineren. Waar ieder ander geschokt zou reageren wanneer een steekproef (onderzoek van een beperkt deel) miljoenen guldens aan fraude aan het licht brengt, hield Kingma de boot af: het was maar een fractie van het totale bedrag dat specialisten op jaarbasis decaleren. Dat zal waar zijn, maar in die steekproef zaten maar liefst 72 specialisten die zich voor gemiddeld 150 000 gulden per persoon hebben verrijkt; een ernstige smet op het blazoen van de artsen.
Ernstiger was Kingma's poging de oplichterij te rechtvaardigen als een begrijpelijke vorm van burgelijke ongehoorzaamheid van geneesheren die zich niet willen voegen naar het als te krap ervaren keurslijf van het hun opgelegde tarievenbeleid. Kingma aarzelde zelfs niet hier de belangen van de patiƫnt in het geding te brengen.
Op zichzelf zit hier een kern van waarheid in. Het Centraal orgaan voor tarieven in de gezondheidszorg (COTG) bindt ziekenhuizen aan een budget op grond waarvan specialisten geen budgetoverschrijdende operaties kunnen verrichten, tenzij ze er geld op toeleggen, of sjoemelen met declaraties. De specialistenorganisatie dreigt om die reden uit het COTG te stappen.
Maar ook al is hier inderdaad sprake van een probleem, juist van een artsenorganisatie mag verwacht worden, dat zij onder die omstandigheden kiest voor de koninklijke weg van het overleg of desnoods van de confrontatie. Sjoemelen daarentegen behoort in de het woordenboek van een eerbiedwaardige orde niet voor te komen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.