*

 
dossier

Archief

EERHERSTEL VOOR EEN ONTMASKERDE WETENSCHAPPER

CO WELGRAVEN − 10/02/96, 00:00

De gevierde wetenschapper Hans Schwerte was in de oorlog lid van de SS, zo bleek vorig jaar. Hoewel het onderzoek naar 's mans daden nog loopt, is hem alles ontnomen. Een Nederlands echtpaar springt voor Schwerte in de bres.

Hans en Marita Keilson zijn deelnemers aan een symposium, volgende week donderdag, aan de Friedrich-Alexander-Universitüt in Erlangen-Nürnberg. Daar houden Duitse en Nederlandse intellectuelen een discussie over wat 'het geval-Schwerte' heet: de gevierde wetenschapper die een voormalige SS'er bleek te zijn. De inzet van de verschillende historici en sociologen loopt uiteen. Voor Hans en Marita Keilson gaat het erom, te laten zien dat de manier waarop Duitsland Hans Schwerte alias Hans Ernst Schneider heeft laten vallen, niet kan. De vernedering die de hoogleraar heeft moeten ondergaan, is in hun ogen exemplarisch voor de verkrampte houding van het land jegens z'n eigen oorlogsverleden.

In een uitzending op 29 april vorig jaar onthulde KRO's Brandpunt dat de inmiddels 85-jarige Schwerte vijftig jaar lang de kluit belazerd heeft. In 1945, vlak na de Tweede Wereldoorlog, nam hij een andere identiteit aan. Daarmee verzweeg hij z'n SS-verleden. Hans Schwerte heette tot 1945 Hans Ernst Schneider, die lid was van de wetenschappelijke staf van de SS (Ahnenerbe) en die het in de oorlog tot Hauptsturmführer bracht. Hij zou, aldus Brandpunt, in 1942 verantwoordelijk zijn geweest voor het transport van medische instrumenten van de Rijksuniversiteit Leiden naar het concentratiekamp Dachau. Die instrumenten waren nodig voor gruwelijke experimenten op gevangenen.

De ontmaskering leidde tot grote ontsteltenis. Schwerte is een zeer vooraanstaande Duitse literatuurwetenschapper. Tot tweemaal toe was hij rector van de Technische Hochschule in Aken, een gerenommeerde universiteit in Duitsland. Schwerte gaf zichzelf aan bij de politie en stuurde z'n onderscheidingen terug, waaronder het Bundesverdienstkreuz. Die laatste onderscheiding werd hem ook nog formeel afgenomen. Hij verloor zijn ambtenarenstatus, zijn hoogleraarschap, zijn reputatie, zelfs zijn na de oorlog opgebouwde pensioenrechten. In zijn huis in Aschau in het zuiden van Duitsland wacht hij op een plaatsje in een bejaardentehuis voor minder bedeelden.

De dag na de uitzending stuurde Marita Keilson, van afkomst Duitse maar al 25 jaar Nederlandse, een briefje naar Schwerte, bij wie ze in de jaren zestig in Erlangen heeft gestudeerd. “Merkwaardig genoeg moest ik de laatste tijd veel aan u denken. Ik kwam erachter dat we ruim vijf jaar niets van elkaar gehoord hadden. Wat voor redenen u daarvoor ook gehad hebt, ik wil u nu, zeker na alle berichten van de laatste dagen, zeggen hoeveel en hoeveel belangrijks ook ik aan u te danken heb - ook en vooral gezien de omgang met de Duitse geschiedenis.”

Dat laatste element is voor Marita Keilson een van de belangrijkste drijfveren om voor Schwerte in de bres te springen. Want de literatuurwetenschapper mag dan een andere identiteit hebben aangenomen en z'n eigen zwarte verleden hebben verzwegen, hij heeft de laatste vijftig jaar niet gezwegen over het zwarte verleden van het Duitse volk. Keer op keer, in woord en geschrift, heeft hij zich daarover uitgelaten.

In 1965 bijvoorbeeld, toen Duitse intellectuelen in Neurenberg, de stad waar de geallieerden na de oorlog het oorlogstribunaal inrichtten, bijeenkwamen om te discussiëren over de schande en schaamte van het nazi-tijdperk, over Auschwitz, het uitroeien van de joden. Deze gespreksrondes zijn te boek gesteld. Schwerte zei tijdens die zogeheten Nürnberger Gesprüche: “Er is in de geschiedenis van de Duitse geest en in de geschiedenis van het Duitse volk een specifieke aanleg voor zulke dingen. En deze vatbaarheid is op een wondeplek als het ware opengebarsten. Dat moeten wij met schaamte bekennen.”

Maar is zo'n citaat niet hypocriet, gezien 's mans eigen verleden? Door een andere identiteit aan te nemen, heeft hij z'n straf weten te ontlopen. Met uitzondering van z'n naaste verwanten (onder wie zijn vrouw, die haar echtgenoot Schneider in 1945 als vermist opgaf om twee jaar later met diens alter ego Schwerte te trouwen) kende niemand het geheim. En in z'n glanzende wetenschappelijke carrière is Schwerte, na de oorlog een links-liberaal, volgens velen mooi weer gaan spelen met zijn scherpe veroordeling van het nazi-regime, waarvan hij zelf nota bene deel heeft uitgemaakt.

Er is objectieve schuld en subjectieve schuldbeleving, zegt Hans Keilson, drie dagen ouder dan Schwerte en ondanks z'n hoge leeftijd nog steeds praktizerend psychiater. En violist. En schrijver. En dichter. En wat al niet meer. Schwerte heeft inderdaad met zijn andere identiteit kunnen voorkomen dat zijn objectieve schuld is vastgesteld. Keilson: “Ik heb het nagegaan, heb met strafrechtgeleerden gesproken. Er is geen aanklacht, er bestaat geen concrete verdenking.”

Navraag bij justitie in Duitsland leert dat het onderzoek nog loopt. Maar volgens David Barnouw, medewerker van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie in Amsterdam, is het vrijwel uitgesloten dat Schwerte alsnog vervolgd wordt. De feiten waar hij mogelijk van verdacht kan worden, zijn verjaard. Vervolging kan alleen nog in het geval van oorlogsmisdaden.

Het zal moeilijk zijn te achterhalen waaraan Schwerte zich schuldig heeft gemaakt. Hij ontkent destijds iets geweten te hebben van de medische experimenten in Dachau. Tijdens de tv-uitzending gebruikte hij het gehate zinnetje 'Das habe ich nicht gewusst'. Hij had er 'helaas' pas na de oorlog van gehoord.

Maar kennelijk had hij iets te verbergen, anders had hij toch geen andere identiteit aangenomen? “Hele volksstammen hebben na de oorlog hun naam veranderd”, zegt Keilson. “Natuurlijk had Schwerte een reden! Hij was SS'er geweest! Objectief gezien heeft hij misschien z'n straf ontlopen, heeft hij niet hoeven boeten voor wat hij mogelijk gedaan heeft. Maar voor zichzelf is hij steeds strafwürdig geweest, al die vijftig jaar. Zijn misstap is voor hem drijfveer geweest om zich zo in te zetten voor de maatschappij en de wetenschap. Door een andere identiteit aan te nemen, heeft hij aan zelfreflectie kunnen doen. Ik zie dat heel vaak in mijn praktijk. Schwerte heeft precies kunnen analyseren wat zijn rol in de oorlog is geweest. Inderdaad, alleen voor zichzelf, niet voor anderen.”

Marita: “Ik denk dat ook pure angst heeft meegespeeld. Zeker in de eerste jaren na de oorlog moet hij het idee hebben gehad: 'als ze weten wie ik ben, hangen ze me op'.” De ironie wil dat de wetenschapper er mogelijk met een paar jaar celstraf vanaf was gekomen, als hij zich na de oorlog direct had aangegeven en niet in een valse identiteit was gevlucht. Zijn motief was, zei hij tijdens een telefoongesprek met de redactie van KRO's Brandpunt, de angst dat hij z'n baan op de universiteit zou verliezen. “Ik wou een nieuw begin maken.” Nu heeft Schwerte met zijn ontmaskering en diepe val in feite een veel zwaardere straf gekregen.

Schwerte heeft de dommigheid begaan door als zijn (valse) geboorteplaats Hildesheim op te geven. Laat daar nou net het bevolkingsregister in prima staat zijn. Via dat register is Brandpunt zijn leugen op het spoor gekomen. Als Schwerte als geboorteplaats een zwaar gebombardeerde stad als Dresden of Berlijn had opgegeven, was er voor hem geen vuiltje aan de lucht geweest.

In haar rede op het symposium volgende week zal Marita Keilson de woorden citeren die Schwerte gebruikte toen hij zich vorig jaar aangaf bij de politie. “De diepe schaamte en rouw over de door het nationaal-socialisme - vooral door de SS, waarvan ik het uniform heb gedragen - aangerichte schanddaden en moorden hebben mij tot de dag van vandaag geen uur verlaten.”

Maar waar ligt voor de Keilsons de grens? Zouden ze het opnemen voor iedere oorlogsmisdadiger die ontmaskerd wordt en vervolgens in een diepe put wegzakt, ongeacht de door hem gepleegde misdaden? Marita en Hans Keilson ontwijken aanvankelijk de vraag. Na lang aandringen zegt Marita: “Ik zou het inderdaad erg vinden als hij destijds geweten heeft van de medische experimenten in Dachau. Maar dan nog heb ik bewondering voor de wijze waarop hij als academisch leraar geprobeerd heeft te voorkomen dat zoiets ooit weer zou gebeuren.”

Schwerte was SS'er, dat staat vast. Hans Keilson, een Duitse jood die in 1936 uit Berlijn naar Nederland vluchtte en die na 1945 oorlogsslachtoffers en kinderen van de tweede generatie bijstond, zegt nu: “Er was in de jaren dertig in Duitsland, en ook onder de jonge intelligentsia, sprake van een collectieve verleiding door het nazi-regime. Schwerte heeft daar aan toegegeven, zoals vele Duitsers dat hebben gedaan. Je zou aan deze Zeitzeuge van Schwerte moeten vragen: hoezo, waarom? Dat is op heden de historische kernvraag, niet meer de morele verontwaardiging. Als ik geen jood was geweest, dan was ik misschien...” Keilson maakt de zin niet af, maar duidelijk is dat hij had willen zeggen dat hij misschien ook wel gezwicht was voor die collectieve verleiding.

Het symposium op de universiteit van Erlangen-Nürnberg is in feite de eerste publieke steunbetuiging voor Hans Schwerte. In Aken is er al maanden een groepje actief dat achter hem staat, dat een fonds heeft gevormd voor financiële ondersteuning. Die hulpactie gaat niet openlijk. “Er is een heksenjacht gaande”, zegt Marita Keilson. “Sommigen wilden hun naam er niet aan verbinden.”

Het ergst vinden zij en haar echtgenoot dat Schwerte geen gelegenheid heeft gekregen zich te verdedigen. Met terugwerkende kracht is zijn wetenschappelijke werk, ooit bejubeld, een vodje geworden. Zijn verdiensten voor de democratisering van de universiteit, niemand praat er meer over. Met een vorm van 'Deutscher Gründlichkeit' is hij uit de maatschappij verbannen.

“Zoiets kan alleen in Duitsland”, zegt Marita. “Zo gaat het land om met z'n oorlogsverleden. Ze denken op deze manier in het reine met zichzelf te komen.” Maar in andere landen zijn er toch ook voorbeelden van hooggeplaatste personen die ontmaskerd zijn en die vervolgens als een baksteen vielen? Willem Aantjes bijvoorbeeld, aan wiens politieke carrière door één persconferentie van Lou de Jong een abrupt einde kwam. Hans Keilson, fel: “Er zijn heel grote verschillen. Hier hebben ze Aantjes z'n pensioen niet afgepakt. Hier kan iemand als de Zwarte Weduwe haar pensioen behouden, ook al zijn de rechten voor een deel opgebouwd tijdens de oorlog. Hans Schwerte is alles kwijt, ook de pensioenrechten die hij ná de oorlog heeft opgebouwd.”

De ontmaskerde wetenschapper zal er volgende week niet bij zijn op het symposium. Schwerte schuwt de publiciteit. Of de bijeenkomst iets zal opleveren, Marita en Hans Keilson weten het niet. Maar er moet in hun ogen hoe dan ook stelling worden genomen tegen de manier waarop Duitsland één van z'n grote kritische literatuurwetenschappers afbrandt. Hans Keilson: “Het is schandelijk. Ik zou niet willen zeggen dat ze nu met deze ex-nazi omgaan zoals ze vroeger met de joden omgingen, maar het komt wel aardig in de buurt.”

mailIcon print |