Op het afgelopen filmfestival van Cannes werden toegangskaarten voor Michael Haneke's 'Funny games' voorzien van een rode sticker. 'Pas op, deze film bevat enkele scènes die als schokkend ervaren kunnen worden', zo luidde de boodschap. Het moet enkele bezoekers bekend zijn voorgekomen, want een paar jaar eerder was Quentin Tarantino's 'Reservoir dogs' er immers om dezelfde reden uitgelicht.
Op het filmfestival van Rotterdam, dat op dit moment in volle gang is, wordt de vertoning van 'Funny games' niet met dit soort waarschuwingen begeleid. Sterker nog, iedereen van zestien jaar en ouder kan vanaf vandaag de film gewoon in de bioscoop gaan zien. Wel is 'Funny games' in Rotterdam onderdeel van 'The Cruel Machine', een themaprogramma over wreedheid in de cinema, dus dan weet je wat je ongeveer kunt verwachten. Wie enigszins bekend is met het werk van Haneke, en dan met name met zijn verontrustende drieluik 'Der siebente Kontinent', 'Benny's Video' en '71 Fragmente einer Chronologie des Zufalls', wéét ook dat de 55-jarige Oostenrijker uitgerekend de wreedheid in de cinema tot onderwerp van zijn films heeft gemaakt. Met kritische blik volgt hij de manier waarop geweld zich in de media manifesteert en hoe wij - de toeschouwers - daar dagelijks aan worden blootgesteld. Door geweld bijvoorbeeld in een komische context te plaatsen en zogenaamd als een hapklare brok te presenteren, zouden we wel eens een zekere immuniteit kunnen ontwikkelen voor de gruwelijkheden die ons worden voorgeschoteld.
Haneke verloochent zijn achtergrond als filosoof en psycholoog niet en 'Funny games' is daar het meest recente bewijs van. De film begint eigenlijk als een nieuwe aflevering van 'Derrick'. Een gelukkig gezinnetje, bestaande uit vader Georg, moeder Anna en zoonlief Georgie, is op weg naar een vakantiehuis aan een meer. In de auto vermaken ze zich met het gezellige spelletje klassieke-muziek-raden en zo trekken in sneltreinvaart Tebaldi, Gigli en Hündel voorbij. Die idylle heeft iets onheilspellends en het spelletje dat in deze eerste scène wordt gespeeld zal een voorbode blijken voor het veel macaberder spel dat zowel een ongenood gezelschap als Haneke zelf in petto blijken te hebben.
Vakkundig hanteert Haneke de codes van een thriller à la 'Cape Fear', maar gaandeweg begint hij ook aan die codes te tornen. Terwijl het geweld namelijk escaleert, krijgt de kijker knipoogjes van het ongenode stel en wordt daarmee ongewild tot medeplichtige gemaakt. Ook stapt Haneke niet makkelijk over gevolgen van gewelddadige acties heen. Door geweld glamourloos te brengen en de aandacht meer bij de slachtoffers dan bij de daders te leggen, heeft 'Funny games' een bijna paralyserende werking op de toeschouwer.
Met 'Funny games' presenteert Haneke een thriller maar tegelijkertijd holt hij het genre helemaal uit. Een enkele aanwijzing voor het gewelddadige gedrag wordt uiteindelijk wel gegeven. De moordlustige tieners Peter en Paul zijn duidelijk fans van Beavis & Butthead en Tom & Jerry. En daarmee zijn we terug bij de aloude stelling dat gewelddadige films ook gewelddadige acties genereren. Wie herinnert zich niet de commotie rond de twee Engelse jongetjes die de driejarige James Bulger vermoordden. Vooral volgens de Tories en de tabloids was het allemaal te wijten aan de film 'Child's play' die de jongetjes geïnspireerd zou hebben. Het was allemaal natte-vinger-werk, want bewijs is nooit geleverd.
Evenals de Bulger-zaak is 'Funny games' daardoor vooral interessant als discussiestuk en of je het nu wel of niet eens bent met Haneke's moralisme ten aanzien van media en geweld, de discussie kan na het zien van 'Funny games' weer in volle hevigheid losbarsten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.