*

 
dossier

Archief

Een krant voor jongeren is niet te maken

ROMANA ABELS − 17/01/98, 00:00

De jongerenkrant Primeur houdt ermee op. “Doodjammer”, schrijft de reactie in een gisteren verschenen afscheidsartikel. “Primeur is nooit tot winst gekomen. Maar het is goed geweest dat er een krant voor jongeren was, want die kwamen in gewone kranten niet genoeg aan bod.”

Het heeft lang geduurd voor dit uiteindelijke oordeel werd geveld. De eerste lezers van de jongerenkrant zijn al lang volwassen. Als het goed is lezen die nu de gewone kranten, ge-ïnteresseerd geraakt in nieuws door hun weekblad dat ze acht jaar geleden voor het eerst in de bus kregen. Ook al neemt de redactie al deze week afscheid van zijn lezers, officieel verschijnt de laatste Primeur pas over twee weken. Een ongelukkig mo-ment om te stoppen, want juist die krant is helemaal gereserveerd voor schoolnieuws en open dagen. Maar de redactie ziet het voortijdig afscheid nemen als onderdeel van het 'rouwproces' waarvan ook een kalender ter redactie deel uitmaakt. Die telt af: vanaf vandaag nog dertien dagen tot de allerlaatste Primeur.

Primeur-volgers raken daar niet eens zo erg van overstuur: er was al eerder, in 1992, een allerlaatste, toen kwam het ook nog goed. Dat jaar besloot uitgeverij de Weekbladpers dat het experiment met de jongerenkrant niet levensvatbaar was. In plaats van de beoogde 25.000 lezers had de jongerenkrant er toen nog maar een ruime 10.000, niet genoeg om de exploitatiekosten te dekken. Met ingehouden adem wachtte de redactie toen op een zak met geld, een rijke opa, iemand die de krant nog wilde redden.

In krantenland betreurde iedereen het dat het uit 1990 stammende initiatief van de voormalige Vrij Nederland-journaliste Aukje Holtrop zo'n vroege dood stierf. Uitgevers, lezers; iedereen wilde de krant redden. De gezochte zak met geld kwam uit de hoek van de regionale kranten. Uitgeverij Wegener nam de krant, die al lang afscheid had genomen van haar lezers, over. Primeur werd als wekelijkse jongerenbijlage verspreid onder alle 600.000 lezers van een Wegener-dagblad.

Om Primeur een goede kans te geven, werden de jongerenpagina's van de regionale kranten zelf opgeheven. De redactieleden daarvan gingen deels bij Primeur aan het werk. Maar terwijl de directie bij een jongerenpagina nooit echt onderzocht of die in voldoende mate gelezen werd, was dat met een aparte jongerenkrant wel het geval. Natuurlijk bleek dat het overgrote gedeelte van de ontvangende jongeren nooit zelfs ook maar opmerkte dat er voor hen een aparte bijlage werd gemaakt. Dat onderzoeksresultaat leidde tot een formuleverandering, waarin iets meer 'leuke dingen' werden toegelaten dan lange verhalen, en later tot het eerste Nederlandse experiment dat controlled circulation heette: van de 600.000 abonnees mocht iedereen zelf aangeven of hij de jongerenkrant wel of niet wilde ontvangen. Er bleven 350.000 geïnteresseerden over. Dat leek ruim vol-doende. Maar ook zij lieten de krant ongelezen liggen, druk als ze waren met sport, uitgaan en school.

Nu, aan het einde, zijn de acht mensen die wekelijks werken aan de enige jongerenkrant van Nederland net begonnen aan weer een redactionele vernieuwing: langere verhalen, een voorkant die iets meer aan-spreekt. Voor de directie was dat al te laat.

Het was geen geheel onopgemerkte krant: soms boekte Primeur grote successen, zoals die keer toen de redactie had laten onderzoeken wat jongeren van de doodstraf vinden (snel herinvoeren), of wat ze van Willem-Alexander denken (afvoeren naar Zweden). Ook trends gingen niet onopgemerkt voorbij. “Het pepdrankje Red Bull is door ons zo'n beetje uitgevonden, daar had nog geen volwassene van gehoord toen wij erover schreven”, zegt hoofdredacteur Paul Stamrood.

Omdat Primeur wel een landelijke krant was, maar niet landelijk verspreid werd, bleef behalve het aantal lezers ook het aantal adverteerders achter. “He-laas is de jongerenbijlage Primeur niet geworden wat het dagblad wél is: een krant met een stevige band met de lezer”, schrijft uitgever Maarten Kes in zijn eigen afscheidswoord in Primeur. Het is te moeilijk ge-bleken jongeren te bereiken.

Jongeren lezen niet, zo blijkt keer op keer weer uit onderzoek. Of ze lezen wel, maar dan een poptijdschrift of een voetbalblad. Niet datgene waarvan volwassenen vinden dat ze het moeten lezen. Uit het tweejaarlijkse onderzoek 'Jongeren' is de afgelopen jaren steeds weer gebleken dat jongeren bijna geen kranten lezen. Leest van de volwassenen hoogstens tien procent geen kranten, bij jongeren is dat de helft. “Regionale kranten blijken het meest gelezen te worden. Het gemiddelde bereik in de leeftijds-groep twaalf- tot negentienjarigen ligt op 52 procent. Opmerkelijk is dat het regionale-dagbladbereik in de groep 'oudere jongeren' met 37 procent een stuk lager uitkomt. Dat komt ook tot uiting in de cijfers over het niet meer lezen van kranten: 19 procent onder de twaalf- tot veertienjarigen, 22 procent bij de vijftien- tot negentienjarigen en 29 procent in de oudste leeftijdsgroep”, vat het handboek voor de reclamedragende media samen. Ook de tijdschriften kampen met groeiende ontlezing. Hoe ouder jongeren worden, hoe langer ze voor de televisie zitten. “De verklaring van het verschijnsel is waar-schijnlijk te vinden in de toename van het aantal media-keuzemogelijkheden.”

“Een krant voor jongeren is niet te maken”, zegt hoofdredacteur Stamrood van Primeur nu. Jongeren willen eigenlijk geen nieuws lezen, daar komt het op neer. En daarmee kwam Stamrood in een onmogelijke positie: als Primeur geen nieuws meer brengt is het een tijd-schrift, en daarmee is het be-staansrecht van de jongerenkrant als bijlage van de regionale kranten ook niet meer ge-rechtvaardigd.

“Dat was de reden dat we er zo resoluut mee ophielden”, zegt ook Stamroods uitgever. Voortdurend werd, zegt hij, gemeten hoe het bereik van Primeur lag, wat er beter kon, anders moest. “Er kwam een plan tot weer een verandering, dat is afgelopen najaar doorgevoerd. Het sloeg goed aan. Maar toen was het dus een tijdschrit geworden. En dat was de doelstelling niet. Iets anders lezen jongeren niet.”

“Jongeren lezen wel degelijk”, zegt Gerard van der Weijden van de Stichting Krant in de Klas. “Maar ik geloof niet dat ze naar huis rennen op de dag dat de nieuwe Primeur uitkomt. Dat is te veel gevraagd.”

Van der Weijden vindt het jammer dat Primeur verdwijnt, maar daarmee is de krant voor de jongeren nog niet verloren. “Ze hebben drie dingen nodig: de krant zelf, die moet je ze geven, tijd en ruimte. Dan lukt het wel. En je moet al het nieuws even hoog aanslaan, want als je gaat zeggen dat het lezen van alle berichten over Diana minder belangrijk is dan het lezen van alle berichten over de crisis in het Groningse politiekorps durven ze niet meer.”

Net als met gewone kranten, denkt Van der Weijden, laten jongeren ook Primeur gewoon liggen. Pas nadat ze hebben 'geoefend' met de krant weten wat ze erin kunnen vinden, of als ze écht op zoek zijn naar nieuws, dan pakken ze het ding op. “Primeur was een middel, geen doel. Als dat middel niet blijkt te werken moet het inderdaad ooit ophouden. Maar ik ontken dat jongeren alleen maar televisie kijken. Vraag maar eens aan een groep VBO'ers waar het sportnieuws staat, op een dag dat Ajax heeft gewonnen. Ze slaan die pagina zó op. Dat betekent dat ze wel de weg weten in de krant, ze vinden het alleen geen lezen.”

Natuurlijk is het zo, zegt Van der Weijden, dat kranten beter hun best kunnen doen om meer jongeren te bereiken. Neem nou dat scholenonderzoek van Trouw, vorig jaar. Dat hadden veel jongeren graag willen lezen. Als ze het niet krijgen, gaan ze het ook niet opzoeken. “Maar stel dat dat in Primeur had gestaan: geheid dat ze allemaal hun eigen school hadden opgezocht.”

De redactie van Primeur zal worden ondergebracht bij de andere kranten van Wegener. Daar, zegt hoofdredacteur Stamrood, zullen ze opnieuw proberen te doen wat met Primeur niet lukte: de jongeren aan het lezen krijgen.

De redactie van Primeur ziet wat dat betreft licht in de duisternis. Uit het afscheidsartikel: “De oplossing zou eenvoudig moeten zijn: laat de kranten zelf zorgen dat jongeren ze lezen, door zo te schrijven dat jongeren de krant interessant en leesbaar vinden. Als het die kant opgaat - en hier en daar lijkt het erop - is acht jaar Primeur niet voor niets geweest.”

mailIcon print |