*

 
dossier

Archief

pop

SASKIA BOSCH − 29/01/96, 00:00

AMSTERDAM - Liefhebbers van het genre konden afgelopen vrijdag een blik werpen op de toekomst van de Britpop. Die zag er niet al te best uit. Althans, als de selectie die in de Melkweg op de planken stond enigzins representatief is voor de nieuwe lichting Britpoppers.

Eigenlijk stonden er vier bands op het programma, maar het optreden van de Bluetones werd op het laatste moment afgelast, omdat de bassist de mazelen kreeg. Dus moesten de Britpop-fans het in een matig gevulde Melkweg bij de Brats 96-tour met drie groepen doen. Het Engelse muziekblad NME, dat de tour organiseerde, selecteerde de Engelse formaties Fluffy en Heavy Stereo als opwarmertjes en de Zweedse Cardigans als hoofdact. Die volgorde had beter omgedraaid kunnen worden, want naarmate de avond verstreek, werd het niveau steeds bedenkelijker.

De meest frisse indruk maakte Fluffy. Het vrouwenkwartet presenteerde Hole-achtige punkrock, die niet altijd even vlekkeloos werd uitgevoerd, maar door de gedrevenheid van de bandleden toch stand hield. De snelle gitaarsongs, met zware, vibrerende baspartijen, lagen lekker in het gehoor, zonder al te glad te klinken. Die ruigheid kwam ook terug in de live- presentatie. Wellicht uit onzekerheid lieten de muzikantes zich van hun stoerste kant zien, maar dat lag er zo dik bovenop dat het wel weer grappig was.

Bij 'Heavy stereo' viel er aanzienlijk minder te lachen. In hun muziek was te horen dat ze veel naar het latere werk van de Beatles, naar Mud en T-Rex hebben geluisterd. Maar ondanks deze beroemde inspiratiebronnen bleek 'Heavy stereo' zelf niet in staat tot een sound die kon boeien. Veelvuldig verzandden de songs in een voorspelbare middle-of-the-road brij, met smaak noch kraak.

De zwakste bijdrage aan de Brat-tour was echter tot het laatst bewaard en kwam van Zweedse zijde. In Japan doet het kwintet het heel aardig, maar dat zegt misschien meer over de Japanse smaak op het gebied van popmuziek dan over de kwaliteiten van de Cardigans. Want in de Melkweg bleek hun handelsmerk trage en futloze popsongs, die zich amper van elkaar onderscheidden. Een aardige vondst leek aanvankelijk dat de toetsenist zijn partijen dwars tegen de ritmes van de drummer en bassist in speelde. Maat dit trucje werd gaandeweg het optreden zo vaak herhaald, dat de grap er al snel af was.

Geen volume De grootste zwakte van de Cardigans was echter de zangeres. Ze had geen volume, een uitgesproken kwakerig stemgeluid en als het even tegen zat, en dat was vaak, zong ze ook nog vals. Dat ze daar onophoudelijk zeer interessanterig bij keek, deed daar niets aan af. Als dit de toekomst van de Britpop is, hoeft de gevestigde orde zich voorlopig nog geen zorgen te maken.

mailIcon print |