*

 
dossier

Archief

STERRENKUNDE

Door: redactie − 24/01/96, 00:00

Het zijn mooie dagen voor planetenonderzoekers. Ze worden niet verwend met onderzoeksobjecten, maar vorige week kwamen er zomaar drie bij.

Het fotogeniekste nieuws kwam zoals zo vaak van de Hubble ruimtetelescoop. Die stelde onderzoekers in staat een foto te maken van een door de deels Nederlandse satelliet Iras ontdekte stofschijf rond de ster Beta Pictoris aan de zuidelijke hemel. Zo'n schijf is in de standaardtheorie van de vorming van sterren een geboorteplaats van planeten.

Dat zou in dit geval heel goed kunnen kloppen. De schijf (die we vanaf de aarde op de zijkant zien) vertoont namelijk een flink gat. Heeft de ster (bij het maken van de foto afgeschermd) het daar te warm gemaakt? Of heeft een planeet dat straatje schoongeveegd?

De onderzoekers denken het laatste, en vinden steun in een vervorming van de stofschijf: de binnenranden zitten boven en onder het symmetrievlak van de schijf. Dat valt volgens hen alleen te verklaren doordat een planeet in dat gat een scheve baan om de ster doorloopt.

Met een aardse telescoop en heel wat omslachtiger methoden hebben onderzoekers van de Universiteit van San Francisco aangetoond dat rond twee andere sterren, in Grote Beer en Maagd, ook planeten draaien. Ze presenteerden het nieuws vorige week op de vergadering van de Amerikaanse astronomenvereniging. Deze planeten zijn niet direct door de telescoop waar te nemen, zelfs de Hubble is daartoe niet in staat, maar ze verraden hun aanwezigheid doordat ze tijdens hun omloop hun ster 'heen en weer trekken'. Dat veroorzaakt kleine verschuivingen van de stand van die sterren aan de hemel. Analyse van acht jaar aan waarnemingen heeft opgeleverd dat elk van de sterren een planeet moet hebben en hoe de baan daarvan er uitziet.

Groot nieuws was bovendien dat deze planeten zo dicht rond hun ster draaien, dat hun temperatuur hoog genoeg is om water vloeibaar te laten zijn: 85 graden op de planeet van '70 Virgonis', 80 graden onder nul op die van '47 Ursis Majoris'. Bij die laatste planeet zou er wel een dikke broeikasatmosfeer nodig zijn om de gemiddelde temperatuur boven nul te krijgen.

De temperaturen zijn vooral interessant, omdat een van de drijfveren achter de speurtocht naar planeten de speurtocht naar leven in het heelal is. Wil die zin hebben, dan moeten er buiten het zonnestelsel veel planeten zijn. Daar lijkt het zo langzamerhand wel op, maar van die planeten zullen vermoedelijk alleen de 'waterplaneten' geschikt zijn voor het ontstaan van leven. Al eerder zijn rond sterren planeten ontdekt, maar tot nu toe ging het daarbij om begeleiders van neutronensterren en om planeten met een Jupiter-achtige massa en temperatuur. Leven op dergelijke hemellichamen is waarschijnlijk uitgesloten.

mailIcon print |