AMSTERDAM - Door seksuele affaires, commercie en waarzeggerij was het met het imago van de boeddhistische kloosters in Thailand al niet best gesteld. Nu is daar ook nog de moord op een Britse toeriste bij gekomen. Een drugsverslaafde monnik blijkt haar in december te hebben doodgeslagen, toen ze zich verzette tegen verkrachting.
De moordzaak is de laatste in een reeks schandalen in het Thaise monnikendom. Op zich zegt het drama weinig over de vermeende teloorgang van het boeddhisme - daarvoor is de dader te onbeduidend en de moord te zeer een incident. Maar net als vorig jaar, toen Thailand werd geschokt door de seksuele wandaden van twee hoogwaardige monniken, zullen radio, televisie en kranten er gretig op inspringen. Vooral nu de politie gisteren beweerde dat de abt van het klooster heeft getracht de moord te verdoezelen.
De politie vond het lijk van de vermiste toeriste zondag vlakbij een tempel in Kanchanaburi, 110 kilometer ten westen van Bangkok. De dader, de 21-jarige monnik Yodchat Suephoo, blijkt haar op 9 december met een steen te hebben doodgeslagen en in een grot te hebben gegooid. Twee dagen eerder had hij al een Oostenrijkse toeriste verkracht, die de politie middels een brief op zijn spoor bracht. Naar nu blijkt is de monnik verslaafd aan amfetaminen en beroofde hij toeristen om aan drugsgeld te komen - misdaden die de abt van het klooster volgens de politie tolereerde.
Natie, koningshuis en boeddhisme waren eeuwenlang de drie pijlers onder de Thaise samenleving. Maar waar de koning nog populair is, lijkt het boeddhisme af te brokkelen. Er zijn dan nog wel 30 000 kloosters, met 300 000 monniken, nonnen en kloosterleerlingen, maar er zijn grondige hervormingen nodig, schreef The Bangkok Post onlangs, “om de heiligheid en geloofwaardigheid van het boeddhisme in Thailand te herstellen”.
De een na de andere monnik wordt immers betrapt op schending van zijn kloostergelofte: vrijpartijen, bezoek aan bordelen, drugsgebruik. Bovendien is er sprake van een totale transformatie, aldus critici. Volgens het boeddhisme hoort het klooster een toonbeeld van religieuze soberheid te zijn, zonder bedden en ander comfort, maar tegenwoordig is er dikwijls airconditioning, televisie en video. Ook de functie is veranderd; was de tempel vroeger een sociale ontmoetingsplaats en centrum van wijsheid en geletterdheid, tegenwoordig zijn die functies overgenomen door stadscentra en goede scholen.
De kloosters gaan zelf steeds meer lijken op bedrijven. Winsten worden er haast belangrijker dan de religieuze waarden en ascetische levensstijl (half vijf opstaan, geheelonthouding, veel meditatie en geen eten meer na de vegetarische middagmaaltijd). Monniken en rijke zakenlieden hebben een perfecte verhouding, met de neiging tot steeds meer occulte niet-boeddhistische zaken als waarzeggerij. Thai blijken veel geld neer te willen tellen voor monniken die hun de toekomst voorspellen.
Neem de Wat Samphran in de provincie Nakhon Pathom. Dit klooster is steenrijk door de populariteit van zijn abt, Luang Phor Pawana. Er lopen bouwprojecten ter waarde van ruim 32 miljoen gulden, betaald met donaties en de verkoop van voorwerpen die zijn gezegend door Pawana. Amuletten, bumperstickers die reizigers beschermen, kaarsen, wierook, heilig water, bladeren van heilige bomen. Over de magische kracht van monnik Pawana wordt wijd geadverteerd, volgens critici een ontoelaatbare vercommercialisering.
Zo verdient de tempel jaarlijks ook 30 miljoen baht (bijna twee miljoen gulden) aan bezoekers die getuige willen zijn van Pawana's meditatie. De abt heeft naar men zegt de hoogste staat van meditatie bereikt; drie keer per jaar verlaat hij zijn stoffelijke lichaam om door hogere sferen te reizen.
Groot was dan ook de schok toen de gerespecteerde Pawana in augustus werd beschuldigd van verkrachting van zes minderjarige meisjes uit de bergen. Ze waren tussen de 12 en 15 jaar oud, en verbleven als aankomende nonnen in het klooster, waar ze 's nachts naar de kamer van de monnik zouden zijn gebracht. Aan het politie-onderzoek weigerde Pawana medewerking - hij moest mediteren. De politie noemde het merkwaardig dat de meisjes zijn kamer tot in detail konden beschrijven, maar vond geen harde bewijzen.
Het andere seksuele schandaal leverde nog meer publiciteit op, en leidde wel tot uitzetting uit het monnikendom. Het ging wederom om een razend populaire monnik, Phra Yantra Amaro, die er door een Thaise vrouw van werd beschuldigd dat hij de vader van haar tienjarige dochter zou zijn. De monnik weigerde een DNA-test te ondergaan, aanvankelijk gesteund door de Thaise regering. Hij verloor deze bescherming echter toen de beschuldigingen zich begonnen op te stapelen.
Yantra bleek een ware casanova, die vooral tijdens zijn buitenlandse reizen met tal van vrouwen sliep. Een van hen was een Deense harpspeelster. Ze was in hem teleurgesteld toen hij haar tijdens een boeddhistisch congres aanraakte - wat monniken en nonnen niet mogen - maar beschouwde hem daarna niet meer als monnik, zodat ze met hem naar bed kon. Hij was immers zeer aantrekkelijk, aldus de Deense, vrouwen vochten om in zijn nabijheid te komen.
Yantra is inmiddels naar de Verenigde Staten gevlucht, maar Thailand is de schok van zijn affaire nog lang niet te boven.
De zaken Yantra en Pawana zijn typerend voor de teloorgang van de religieuze waarden, aldus The Bangkok Post. De twee monniken misbruikten hun charme en populariteit om donaties en vrouwelijke bewonderaars te krijgen. Ze belichamen de hang naar wereldlijke zaken in de kloosters, daarin gesteund door vele Thai voor wie boeddhisme vooral bestaat uit het doen van schenkingen - in de hoop te worden beloond met succes en winst.
Deze religieuze vercommercialisering heeft ertoe geleid dat ware, toegewijde monniken steeds schaarser worden. Wel ontstaan er strenge sektes, met een neiging tot fundamentalisme en persoonsverheerlijking, maar dit is volgens critici niet de redding van het Thaise boeddhisme. Volgens hen is er maar een mogelijkheid: een structurele bezinning en hervorming van bovenaf.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.