*

 
dossier

Archief

Aan mijn lijf geen eco-paddestoel

WILLEM BREEDVELD − 10/01/97, 00:00

We zijn snel geneigd het te vergeten, maar al sinds de klokkenist van het ethisch reveil, de toenmalige minister van justitie Van Agt, ruim twintig jaar geleden besloot een toegevende houding aan te nemen tegen het gebruik van soft drugs, kan de ganse natie de argumenten die daarvoor pleiten wel dromen. Ik som ze toch nog even op:

1. Soft drugs, zoals marihuana, zijn schadelijk voor de gezondheid, maar in vergelijking met het nuttigen van een halve liter oude klare, of het wegpaffen van sloffen sigaretten, moeten we de schadelijke werking niet overdrijven.

2. Verbieden we dit relatief onschuldige goedje, dan lopen we het risico dat de markt overspoeld raakt met versneden spul dat echt schadelijk is voor de gezondheid. Erger nog, louche handelaren zouden de jeugd binnen de kortste keren aan hard drugs kunnen helpen.

3. Daarom is het oneindig veel beter niet al te moeilijk te doen over het gebruik van en een bescheiden handel in soft drugs, dan een algeheel verbod in te stellen.

Het verbaast me daarom niet dat de geestverruimende paddestoel, of paddo, op grond van exact deze argumenten een liefdevol onthaal bleek te hebben gevonden bij het ministerie van volksgezondheid van D66-minister Borst. Alles is al gauw beter dan een salmonella-kroket, of een loempia, zal men daar gedacht hebben. Want als het om die producten gaat plegen de volksgezondheidsridders zelfs op koninginnedag in een vrijgevochten stad als Amsterdam met de Warenwet in de hand onbarmhartig op te treden. Maar over de eco-paddestoel met zijn giftige stoffen en bijbehorende bad trips niets dan lof. Die lijkt uitstekend te passen in het nieuwe tijdperk van 'onthaasting'.

Wat daarom echt verbazing wekt is de grimmigheid waarmee een andere D66-minister, Sorgdrager, de aanval op de eco-paddestoel heeft ingezet. Aan mijn lijf geen paddo's, hoorde je haar denken, toen ze gisteren voor de radio de inval in een paddestoelenkwekerij met dezelfde verbetenheid verdedigde alsof justitie zojuist de bende van Nijvel had opgerold. Ik moet zeggen, met een overtuigend verhaal. Bewerkingen van deze paddestoel leveren giftige stoffen op die de Opiumwet nadrukkelijk verboden heeft. Het lijkt een onschuldig goedje, maar dat zeiden we van XTC-pillen ook. Maar inmiddels heeft Nederland zich ontwikkeld tot groot-producent op dit gebied en vallen er regelmatig doden.

Sorgdrager zal het overigens nog lastig krijgen met de bewijsvoering, want hoe met goed fatsoen het kweken van paddestoelen bij de rechter verboden te krijgen als alleen de daaruit verkregen stoffen onder de Opiumwet vallen? Maar dit terzijde. Waar het om gaat is dat met het 'ja' van Borst en het 'nee' van Sorgdrager ons land opnieuw blijkt geeft van die merkwaardige gespletenheid die men in het buitenland niet wil of kan begrijpen.

Die gespletenheid kreeg ooit gestalte toen de CDA'er Van Agt het niet durfde op te nemen tegen de alles-moet-kunnen-mentaliteit van die jaren en hij besloot mee te buigen, een oogje dicht te doen, kortom te gedogen.

Sindsdien pendelen we in een schemergebied waarin we voortdurend heen en weer geslingerd worden tussen willen legaliseren maar niet kunnen, of toch maar verbieden. Het is interessant om te zien dat uitgerekend een D66-minister eindelijk het schemerduister van Van Agt van zich af wil schudden: paddestoelen eten, prima, maar van een massale kweek kan en mag in dit land geen sprake zijn. En daarmee legt ze een kordaatheid aan de dag die in de jaren zeventig ongekend was. Toen durfde Van Agt het niet tegen andere partijen (en Koos Zwart van de hasj-beursberichten) op te nemen. Sorgdrager daarentegen deinst er zelfs niet voor terug de eigen partij aan de laars te lappen, want die is voor legaliseren.

mailIcon print |