Van onze buitenlandredactie AMSTERDAM - Een Indonesië zonder de Soeharto's is een steeds nadrukkelijker optie na de lauwe reacties op het IMF-hulppakket. Maar de First Family lijkt zich nog geen zorgen te maken.
President Soeharto wekte deze week niet bepaald de indruk dat hij en 'zijn' Indonesië op de rand van de afgrond staan. Grapjes makend en zijn stem verheffend om de kippen op de binnenplaats te overstemmen, legde hij in zijn werkkamer losjes voor de camera's uit waarom hij had toegegeven “aan alle eisen”, en zich had gecommiteerd tot het reddingsplan van het IMF ter waarde van 75 miljard gulden.
De 'keiharde' maatregelen die daaruit voortvloeien, zullen vooral de Soeharto's treffen, zo werd gemeld. Maar de First Family is niet onder de indruk. Evenzo glimlachend als zijn vader reed zijn lievelingszoon Tommy in zijn Rolls Royce voor, crisis of niet. Schouderophalend vertelde hij de verzamelde pers dat zijn “nationale auto”, de Timor, in productie blijft, ondanks het intrekken van de staatssteun voor dit project onder druk van het IMF.
Gespeeld zelfvertrouwen - doet het goed in een economische crisis -, blindheid of interesseert het de als Javaanse vorsten heersende Soeharto's werkelijk niet? Gelet op de moeite die diverse staatslieden moesten doen om de 76-jarige Pak Harto het IMF-medicijn te doen slikken, lijkt het realisme niet te overheersen in het presidentieel paleis in Jakarta.
Soeharto moest binnen een week een draai maken van 180 graden over de toestand van 's lands economie. Van een groei van 4 procent dit jaar mogen de Indonesiërs nu rekenen op stilstand en een inflatie van 20 procent. En volgens deskundigen is dat dan nog een optimistisch beeld. Het gezichtsverlies over het bijstellen van zijn oordeel - het bewijs ook dat hij de zaken kennelijk niet meer zo helder ziet - moet voor een Aziaat ondraaglijk zijn, maar de Indonesische president liet in elk geval niets merken.
De vraag is hoe sterk hij nog in het zadel zit. Twee zaken zijn daarbij van belang. Voor de steunpilaren onder zijn regime, de militaire en zakenelite, en de schare die weer van hen afhankelijk is, speelt een doorslaggevende rol of hun belangen onder Soeharto veilig zijn.
De Indonesische leider geniet nog steeds het vertrouwen van de internationale politiek, maar in de financiële wereld overheersen vraagtekens. Als die scepsis voortduurt, kan daar de grond onder Soeharto's voeten splijten. Maar zullen de Clintons, Kohls en Camdessus het zover laten komen?
Een andere zaak is of er een oproer van onderaf dreigt. Binnen- en buitenlandse waarnemers houden rekenen met een uitbarsting van geweld van een bevolking die het niet langer pikt. Maar tot nu blijven de Indonesiërs opmerkelijk rustig. Deze week riepen 'groepjes' studenten, hooguit honderd man, om het vertrek van de president. En vanuit Oost-Java zijn 'broodrellen' gemeld: enkele tientallen figuren op motorfietsen plunderden winkels en staken stalletjes in brand.
Wat zou er gebeuren in Nederland als de gulden 70 procent in waarde daalde en duizenden mensen opeens hun banen zouden verliezen? In Indonesië is een volksbeweging als op de Filippijnen, die in 1986 de dictator Marcos afzette, nog niet in zicht. Maar het ergste kan eind deze maand nog komen, met het aflopen van de Ramadan, als de voedsel- en energieprijzen omhoog gaan.
Critici
Oppositiegroepen die zich in de media steeds luider tegen Soeharto keren, hopen de massa in beweging te krijgen. Dat het regime hen niet de mond snoert, wordt gezien als een teken van zwakte. Maar Soeharto is niet voor niets ruim 30 jaar overeind gebleven.
Om voedselrellen tegen te gaan is nu al aangekondigd dat de allerarmsten kunnen blijven rekenen op goedkope rijst en petroleum om op te koken. De Jakarta Post meldde dat de regering geld heeft uitgetrokken om op Java 4 miljoen mensen aan het werk te helpen. Ongetwijfeld is er een potje om militairen en ambtenaren wat extra's te geven.
En als de aloude recepten werken, waarom zou de First Family zich dan zorgen maken?
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.