*

 
dossier

Archief

Gastarbeiders slachtoffer van crisis Azië

Door: redactie − 09/01/98, 00:00

Van onze buitenlandredactie AMSTERDAM - Ze hebben Maleisië helpen opbouwen, wolkenkrabbers doen verrijzen, rubber getapt en vloeren gedweild. Honderdduizenden gastarbeiders uit Indonesië, Bangladesh, Burma en de Filippijnen werden er hartelijk welkom geheten. Maar nu Azië gebukt gaat onder een zware economische crisis, worden zij de eerste slachtoffers.

Begin deze week ging het gerucht dat Maleisië alle 1,2 miljoen legale gastarbeiders het land wil uitzetten. Gisteren werd dit echter door de regering ontkend. Wel zullen tienduizenden buitenlandse werknemers uit de dienstensector worden overgeplaatst naar zwaardere industrieën, zei onderminister van binnenlandse zaken Tajol Rosli Ghazali. “We zijn niet van plan om een miljoen arbeiders naar huis te sturen, we zullen alleen degenen wegsturen die we niet elders te werk kunnen stellen” zei hij. De werkloosheid in Maleisië bedraagt zo'n 2,5 procent. “We willen het leven voor niemand moeilijker maken. We willen alleen zorgen dat Maleisiërs het eerst aan een baan kunnen komen.”

De meeste immigranten doen zware arbeid op bijvoorbeeld rubberplantages en in de bouw. Naar schatting 150 000 gastarbeiders werken in de dienstensector: in supermarkten, restaurants, schoonmaakdiensten, kapsalons en wasserettes, garages en amusementsparken. Zo'n 90 000 van hen krijgen banen in fabrieken en op plantages, zegt minister Tajol. De rest moet weg.

In de afgelopen tien jaar van flinke economische groei heeft Maleisië zwaar geleund op buitenlanders die bereid waren de smerigste en slechtst betaalde banen te vervullen. Het gaat vooral om mensen uit Indonesië: 500 000 tot een miljoen. Ze hebben in de rij gestaan voor werkvergunningen, of zijn 's nachts illegaal de Straat van Malakka overgepeddeld of hebben in het dichte oerwoud de grens overgestoken.

Bovenop de 1,2 buitenlanders met een werkvergunning zijn er zo'n 800 000 illegalen in Maleisië. Voorheen werden ze meestal gedoogd, maar nu zullen ze scherper worden vervolgd en het land worden uitgezet, aldus de minister. Ook de legale buitenlandse bouwvakkers krijgen het moeilijk, “tenzij hun werkgevers kunnen bewijzen dat ze met projecten bezig zijn die beslist voltooid moeten worden. Om de broekriem aan te trekken heeft de Maleisische regering verschillende bouwprojecten gestaakt, waaronder die van snelwegen, bruggen en een grote dam in noord-Borneo.

Maleisische functionarissen verwachten dit jaar nog wel een economische groei van zo'n 4 procent, maar het IMF denkt hooguit aan 2,5 procent. De bewering van de Maleisische regering dat er geen dramatische exodus van gastarbeiders op gang zal komen, lijkt dan ook een zoethoudertje. Volgens een anonieme Maleisische werknemer van een bouwbedrijf in Kuala Lumpur waren na zijn kerstvakantie alle 80 buitenlandse werknemers uit het bedrijf verdwenen.

De gevolgen kunnen dramatisch zijn voor de armste landen in Azië, zoals Indonesië, de Filippijnen en Bangladesh. Vooral Indonesië zal grote problemen ondervinden als honderdduizenden mensen worden teruggestuurd. Ze leverden een belangrijke bijdrage aan de economie door delen van hun salaris naar huis te sturen. Bovendien wordt Indonesië zelf zwaar getroffen door de crisis. Gisteren daalde de munt, de roepia, met 26 procent naar een diepterecord. De droogte heeft een trek naar de steden veroorzaakt, waar de werkloosheid al flink stijgt. Zo'n 6,5 miljoen Indonesiërs zullen naar schatting dit jaar hun baan verliezen. De massale werkloosheid doet vrezen voor politieke onrust in Indonesië, waar al ontevredenheid bestaat over het bewind van president Soeharto.

Ook uit Thailand komen berichten dat alle gastarbeiders het land uit moeten. Dinsdag zei de Thaise minister van werkgelegenheid, Trairong Suwannakhiri, dat de regering overweegt de komende drie jaar elk jaar tussen de 300 000 en 500 000 gastarbeiders uit te zetten. Velen waren gevlucht uit Burma, waar het bewind minderheden bloedig onderdrukt. Die dreigen nu terug te worden gestuurd naar een land waar hun dorpen zijn platgebrand, hun familieleden zijn gedood of tot slavenarbeid zijn gedwongen.

mailIcon print |