Van een onzer verslaggevers ZWOLLE - Hij heeft nog steeds pijn aan zijn hand, maar spijt heeft Abdul Wahab Ahadi niet van zijn meer dan opmerkelijke actie.
Vorige week donderdag sneed de 28-jarige asielzoeker uit Afghanistan in een Zwolse winkel zijn duim af met een vlijmscherp mes, uit woede en frustratie over een in zijn ogen vernederende behandeling door de vreemdelingendienst.
“Het verhaal dat maandag in de kranten stond, klopt niet”, vertelt Ahadi, die sinds twee maanden in Nederland verblijft en is ondergebracht in het onderzoekscentrum (OC) Zwolle. “De toedracht is onjuist en veel te beknopt weergegeven.”
Het is vooral de neerbuigende manier waarop hij werd benaderd die de stoppen bij hem deden doorslaan, zegt hij. “Ik ben niet gek. Maar een Afghaan heeft z'n trots. Als ik ergens onterecht van word beschuldigd en vervolgens ook niet met respect word behandeld, raakt me dat heel diep.”
Met een andere asielzoeker bezocht Ahadi vorige week woensdag een plaatselijke supermarkt in Zwolle. Nadat hij bij de kassa had betaald en naar buiten was gelopen, werd hij even verderop staande gehouden door een paar agenten, die hem onmiddellijk onderwierpen aan een uitgebreide fouillering. Die leverde niets verdachts op, waarna Ahadi en zijn maat hun weg konden vervolgen. Maar de Afghaan was boos, heel boos.
“Waarom word ik zonder reden gefouilleerd? In de blik in de ogen van omstanders proefde ik iets van: Daar heb je zeker weer zo'n asielzoeker die iets gestolen heeft. Maar ik had niets gedaan.”
En dus wilde Ahadi verhaal halen. Bij de receptie van het OC in Zwolle kreeg hij te horen dat hij zelf maar naar de politie moest gaan. De volgende morgen meldde hij zich bij de Vreemdelingendienst van het OC. Hij moest wachten op een tolk en zou 's middags om twee uur worden opgeroepen.
Toen die oproep uitbleef, ging hij zelf maar weer naar de receptie van de Vreemdelingendienst. “Die man wilde me opnieuw een dag laten wachten. Daar had ik helemaal geen trek in. Ik wilde weten waarom ik zomaar op straat gefouilleerd werd, zonder enige aanleiding. Ik probeerde kalm te blijven, maar die man van de receptie lachte me uit. Hij hield me voor de gek. Toen werd ik woest.”
Het plan om zijn duim af te snijden was geboren. Ahadi liep naar een winkel waar men messen verkoopt en vroeg om een vlijmscherp exemplaar. De verkoper had hem het mes nog niet aangereikt of de Afghaan deed wat hij van plan was: met een snelle beweging sneed hij de ledemaat van zijn hand en stopte die in een plastic zakje.
Bloedend verliet hij de zaak. Terug in het OC wierp hij het zakje op de balie van de receptie en vertrok naar zijn kamer, de ambtenaar van de Vreemdelingendienst verbouwereerd achterlatend.
“Ik had geen zin om elke week m'n vingerafdruk te laten nemen door iemand die me niet serieus wil nemen”, is het ietwat laconieke commentaar van Ahadi op zijn unieke daad. “Ik dacht: als ik hem mijn duim geef, hoef ik niet meer naar hem terug.”
Andere asielzoekers wisten hem met moeite over te halen om zijn duim in een Zwols ziekenhuis weer te laten aanzetten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.